search.noResults

search.searching

dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
Het Deense landschap is heuvelachtig. Dat maakt bewerking soms lastiger. De melk- veeregio op zandgrond aan de westkust van Zuid- en Midden-Jutland is wel relatief vlak.


Biogas is hot, personeel aandachtspunt


In Denemarken – vooral in het zuiden en westen van Jutland – verschijnen de laatste jaren steeds meer biogasinstallaties. Daar is alle reden toe. Er zijn in tegenstelling tot zonnepanelen goede subsidies voor. De Deense boer is vaak samen met tien tot twintig collega’s aandeelhouder en levert aan een energieleverancier. De brandstof bestaat uit koeien- en varkensmest, maar ook steeds vaker uit mais. De maisteelt neemt om die reden toe. Personeel is juist een aandachtspunt.


Veel medewerkers kwamen voorheen uit Oost-Europa, maar in die landen gaat het beter waardoor er minder animo is om in Denemarken te gaan werken. Juist hier is dat een probleem. Bedrijven zijn immers groter en per 100 koeien is gemiddeld één medewerker nodig. Om die reden wordt op veebedrijven vaker voorgesorteerd op robotmelken.


ondernemerskwaliteiten. Bij onvoldoende startkapitaal kan een boer in Denemarken nog redelijk vlot bijlenen. Wie niet alles kan financieren, kan een tweede hypotheek (6 tot 7% rente) nemen of meedoen aan een starters- of groeilening van de overheid (8% rente). Jongsma: “Je kunt je nog altijd flink in de schulden steken. Een goede onder- nemer kent de risico’s, maar moet wel oppassen met lenen.”


Fors lagere grondprijzen


De Deense grondprijzen stijgen de laatste jaren niet hard meer; gemiddeld met 2 à 3% per jaar. In Jutland variëren de hectare- prijzen van € 16.000 tot € 27.000. In Zuid- en Midden-Jutland – waar de melkveebe- drijven zitten – worden de laagste prijzen betaald. Pacht noteert hier € 475 tot € 675 per hectare. Dit is schrale zandgrond. De rest van Jutland is hoofdzakelijk betere kleigrond. Op het eiland Funen kost een hectare € 20.000 tot € 25.000, terwijl op Lolland de kleigrond het duurst is: bijna € 35.000.


Een voordeel is dat in Denemarken alles precies in kaart is gebracht. Zowel grond- klasse als milieu. “Dat geldt bijvoorbeeld ook voor Natura 2000-gebieden”, zegt Jongsma. “Als boer moet je vooraf altijd een milieucheck laten doen. Zo weet je direct of gevoelige natuurgebieden even- tuele uitbreiding in de weg kunnen staan. Voor het bepalen van grondkwaliteit geldt hetzelfde. Je wilt de potentie van het bedrijf en het opbrengstvermogen van de grond kunnen zien.”


De verkaveling in Denemarken is relatief goed, maar minder dan in Nederland. De aankoop van een tweede bedrijf op afstand is meestal de reden. Gemiddeld is 65% van de grond huiskavel, er zijn meestal 10 tot 15 veldkavels. De Deense overheid pro- beert afstanden kleiner te maken door in te zetten op subsidies voor ruilverkaveling. Qua grond zijn er twee aandachtspunten in vergelijking tot Nederland. Er zitten stenen in de grond (minder vaak in de Deense melkveeregio) en het landschap is heuvel- achtig. Dat maakt bewerking soms lastiger.


Denemarken vraagt veel; wie in Nederland geen goede ondernemer is, redt het hier ook niet


Kant-en-klare melkveebedrijven Het Deense aanbod van melkveebedrijven is ruim. Bovendien zijn ze vaak kant-en- klaar; met machines, vee en ruwvoer. Emigranten moeten er wel rekening mee houden dat Arla 90% van de zuivelmarkt in handen heeft en gemiddeld iets minder be- taalt dan FrieslandCampina. Daarbij komt dat de gemiddelde bedrijfsgrootte twee tot drie keer zo groot is als de Nederlandse. De vuistregel is dat zo’n bedrijf € 13.500 per


BOERDERIJ 105 — no. 28 (7 april 2020) 107


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76  |  Page 77  |  Page 78  |  Page 79  |  Page 80  |  Page 81  |  Page 82  |  Page 83  |  Page 84  |  Page 85  |  Page 86  |  Page 87  |  Page 88  |  Page 89  |  Page 90  |  Page 91  |  Page 92  |  Page 93  |  Page 94  |  Page 95  |  Page 96  |  Page 97  |  Page 98  |  Page 99  |  Page 100  |  Page 101  |  Page 102  |  Page 103  |  Page 104  |  Page 105  |  Page 106  |  Page 107  |  Page 108  |  Page 109  |  Page 110  |  Page 111  |  Page 112  |  Page 113  |  Page 114  |  Page 115  |  Page 116  |  Page 117  |  Page 118  |  Page 119  |  Page 120  |  Page 121  |  Page 122  |  Page 123  |  Page 124