search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
BO Akkerbouw laat onderzoek doen naar mest uit nieuwe stalsystemen. Het moet niet zo zijn dat de uitstoot van broeikasgassen in de stal wordt beperkt, maar dat bij de aanwending extra broeikas- gassen vrijkomen.


Gebaseerd op ideeën van akkerbouwers


Het onderzoek dat de Brancheorganisatie Akker- bouw laat uitvoeren is gebaseerd op ideeën van ak- kerbouwers. Meer dan 500 akkerbouwers dienden tot 7 februari ideeën in. Directeur André Hoogen- dijk: “In maart gaan de ideeën naar de onderzoeks- commissie en de sectie Teelt en daarna naar het bestuur. Vanaf april ontwikkelen onderzoeksin- stellingen projectvoorstellen.” Eind mei komen die voorstellen bij BO Akkerbouw. Hoogendijk: “Die worden voorgelegd aan het digi-panel van 100 akkerbouwers. We roepen akkerbouwers op zich aan te melden voor het panel. In de zomer wordt alles uitgewerkt tot concrete voorstellen. Dan gaan we op zoek naar co-financiers, bijvoorbeeld via het Topsectorenbeleid. In het najaar gaan definitieve voorstellen naar de onderzoekscommissie, de sectie Teelt en het bestuur van BO Akkerbouw. Het bestuur besluit welke projecten worden uitge- voerd. In december 2021 krijgen de akkerbouwers de rekening voor hun bijdrage aan het Programma Onderzoek en Innovatie. Dan starten de projecten in 2022.”


Centrum voor Mestverwaarding (NCM), ZuivelNL en de Stichting Brancheorganisatie Kalversector. Hoogendijk: “Er worden nieuwe stalsystemen ontwikkeld voor koei- en, kalveren en varkens om de uitstoot van ammoniak of broeikasgassen te beperken. De akkerbouwer wil weten welke waarde de mest heeft die in dergelijke stallen wordt geproduceerd. En we moeten afwenteling van pro- blemen voorkomen. Het moet bijvoorbeeld niet zo zijn dat de uitstoot van broeikasgassen in het stalsysteem wordt beperkt, maar dat er bij de aanwending door de akkerbouwer extra broeikasgassen vrijkomen.” De genoemde vier projecten vallen allemaal onder het


Topsectorenbeleid van de overheid. Dat betekent dat de overheid meefinanciert. Het project Beter Bodembeheer kost de komende 2 jaar € 6,4 miljoen. Daarvan wordt de helft betaald door de overheid. De andere helft is voor rekening van het bedrijfsleven, waarvan BO Akkerbouw € 1,6 miljoen betaalt. Het onderzoeksproject naar sten- gelaaltjes vergt een investering van € 520.000, waarvan BO Akkerbouw de helft betaalt. Het mestproject kost € 1,46 miljoen, waarvan BO Akkerbouw € 80.000 betaalt. De rest wordt betaald door de overheid en de andere onderzoekspartners. Het suikerbietenonderzoek wordt toegevoegd aan het project naar gewasresten dat al loopt voor aardappelen. Bietentelerscoöperatie Cosun betaalt de bijdrage die nodig is voor het bietenonderzoek. BO


Akkerbouw steekt er uren in ter waarde van ongeveer € 2.000 gedurende vier jaar.


Ideeën uit de sector


Akkerbouwers kunnen zelf ideeën aandragen voor onderzoek (zie kader). Hoogendijk constateert dat ak- kerbouwers veel belangstelling hebben voor onderzoek naar gereduceerde grondbewerking en naar groenbe- mesters. “Steeds meer akkerbouwers telen groenbe- mesters na hun gewassen. Dat is gestimuleerd door de vergroeningseisen in het gemeenschappelijk landbouw- beleid. Akkerbouwers zien de positieve effecten van groenbemesters en willen daar meer van weten.” Ook de klimaatverandering speelt onder de akkerbou- wers. Hoogendijk: “De laatste jaren is er steeds vaker droogte of juist wateroverlast in korte tijd. Akkerbou- wers willen weten hoe ze daar op kunnen inspelen. Bij- voorbeeld met druppelirrigatie droogteschade voorko- men, of juist onderzoek naar hoe regenwater sneller kan infiltreren in de grond na een stortbui.” Ook ziektebestrijding is een aandachtspunt voor akkerbouwers. Er lopen vier plannen van aanpak naar erwinia, de Meloidogyne-aaltjes, aardappelmoeheid en stengelaaltjes. Deze lopen nog dit jaar door en worden dan geëvalueerd in hoeverre er resultaten zijn bereikt en of er een vervolg moet komen.


BOERDERIJ 106 — no. 21 (16 februari 2021) 51


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76