search.noResults

search.searching

dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
AKKERBOUW Robuustheid bio-aardappel is broos


Dit jaar komen er genoeg ‘robuus- te’ bio-aardappelen in het super- marktschap. Maar de robuustheid op basis van slechts één gen is tegelijk ook broos.


Door Leo Tholhuijsen N


a oogst 2020 zullen de schappen voor bio-aardappelen gevuld liggen met robuuste biologische rassen. Die blijven ook bij seri- euze phytophthoradruk overeind, zónder dat ze worden bespoten met koperoxychlori- de. Daarmee heeft de biosector de afspra- ken in het Convenant duurzame aardappel- rassen gehaald. Nou ja, waarschijnlijk dan, want op een bijeenkomst van BD- en Eko-te- lers afgelopen december in Emmeloord was het nog wel even de vraag of de afgesproken 100% robuuste rassen in het bioschap van de supermarkten wordt gehaald. In ieder geval is de beweging goed. De slag is gemaakt om de biologische aardap- pelteelt af te helpen van het oneigenlijke en hoge gebruik van koperoxychloride om in moeilijke jaren nog een enigszins fatsoenlij- ke opbrengst te krijgen. Met name in 2016 werd de bladmeststof koper door een deel van de bioboeren – uit bemestingsoogpunt – in zeer hoge hoeveelheden gespoten om de phytophthora onder de duim te houden. Dit gebruik maakt de bioteelt kwetsbaar, vinden de tegenstanders. Niet alleen omdat het tegen de regels is, maar ook omdat het


Ook frites en chips


Nu de doelstelling van 100% robuuste aardappelrassen in het bioschap nagenoeg is gehaald, wordt vanuit de biologische aard- appelveredeling voorzichtig gekeken naar fri- tes en chips. Zouden ook daarvoor robuuste rassen kunnen worden ontwikkeld? Lastig daarbij is dat hoge eisen gesteld worden aan uniformiteit in bakwaardigheid en bewaarbaarheid. Dat zijn eigenschappen die niet gelijk opgaan met phytophthora- resistentie. Op dit moment zijn er nog maar weinig robuuste rassen die aan alle gewenste eigenschappen voor verwerking voldoen. Ook volume speelt hier een rol.


38


“Op zich zijn er wel mogelijkheden”, zegt Eric-Jan Geersing van het gelijknamige kweekbedrijf. “Een fabriek zou aan het begin van het seizoen op een schone lijn biologische aardappelen tot frites kunnen verwerken. Vanuit de vriesopslag zou dan de markt bediend kunnen worden. Maar of het nou heel bio is om frites een jaar lang in een vrieshuis op te slaan... ik denk het niet.” Geersing ziet eerder mogelijkheden om biologische fritesaardappelen te leveren aan patatbakkers op festivals of aan restaurants. “Kleinschalig en op plekken waar het niet aankomt op de allerlaagste inkoopprijs.”


Bio-aardappelen in Zeeland. Robuuste rassen blijven ook zonder bestrijding van de phytoph- thora overeind.


niet past in het heldere bioverhaal naar de consument (geen kunstmest, geen bestrij- dingsmiddelen).


Bovendien heet koper sowieso slecht te zijn voor nuttige (bodem)schimmels, waar- door het bodemleven, juist de basis van een gezonde biologische teelt, wordt aangetast. De bio-aardappelketen heeft op initiatief van BioNext via het convenant ‘Versnelde transitie naar robuuste aardappelrassen’ een oplossing ontwikkeld om bij deze kwes- tie vandaan te komen: 24 robuuste rassen die voorzien in de vraag naar biologische tafelaardappelen van kruimig tot vastko- kend. Robuust is hier: echte resistentie op


basis van aanwijsbare genen en veldresis- tentie. Bij het laatste blijkt in het veld dat de aardappel ongevoelig is voor phytophthora, maar het is onduidelijk welke genen daar- voor verantwoordelijk zijn.


Erg broos


Op de bijeenkomst in Emmeloord bleek dat de robuuste rassen nog wel erg broos zijn. De resistentie van de huidige robuus- te rassen berust op slechts één hoofdgen. Het risico dat een gemuteerde spore van de schimmel de resistentie doorbreekt is groot. “Een flink sporulerend gewas aardappelen is levensgevaarlijk”, zei Peter Keijzer van het Louis Bolk-instituut in Bunnik. “Er zitten altijd wel gemuteerde sporen tussen die de resistentie kunnen doorbreken. Biologische telers van deze kwetsbare rassen hebben de verantwoordelijkheid om in gevaarlijke peri- odes hun gewassen intensief te scouten en bij aantasting direct het loof te vernietigen. Wordt de resistentie doorbroken, dan moet dat beperkt blijven tot één jaar en één plek, zodat het robuuste ras als zodanig overeind kan blijven.” Keijzer vindt stapeling van resistenties belangrijk en roept kwekers daarom op rassen te ontwikkelen waarin de resistentie op minimaal twee genen rust. Hij wijst er ook op dat het aantal resistentiegenen tegen phytophthora, waarover kwekers kunnen beschikken, beperkt is tot 16 à 17. Daar moeten we echt zuinig op zijn.”


BOERDERIJ 105 — no. 16 (14 januari 2020)


FOTO: DUO-FOTO


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76