This page contains a Flash digital edition of a book.
Ooggetuige


W


oendi heeft aardig wat invloed gehad op zijn leven, zegt Thijs van der Zan-


den. “Woendi? Nieuw-Guinea? Als eenvoudige jongen uit de Kempen had ik nog nooit een trein gezien, laat staan erin gezeten, toen ik op 18-jarige leeftijd voor de dienst- plichtkeuring naar Utrecht moest. Dat was voor mij al een groot avon- tuur. Het werd nog groter toen ik werd goedgekeurd en na mijn oplei- ding als infanterist naar Nieuw-Gui- nea werd uitgezonden. Een compleet andere wereld, die soms onwezenlijk op me overkwam”, vertelt hij. “Voordat Woendi een gevangenkamp werd, zaten wij daar als peloton van infanteristen voor het beveiligen van het MkIV-radarstation van de lucht- macht. Een van de drie tirailleurgroe- pen van het peloton opereerde op toerbeurt vanaf Biak. Het werd terug- gehaald toen het besluit was gevallen om Woendi te benutten om Indone- sische gevangenen te huisvesten en te bewaken. Het is een op vier uur varen van Biak gelegen driehoekig eilandje van 1.700 bij 700 meter in de Geelvinkbaai. Hemelsbreed is het dichtbij, maar vanwege een koraalrif moet je een hele omweg maken om het te bereiken. Het bestond uit drie kampongs met ongeveer driehonderd bewoners. Er was weinig contact met de buitenwereld. Gelukkig was er wel post. In de periode 1958-’61 werd de post gedropt door een Fire- fly vliegtuig van de marine. In 1962 landde er wel tweemaal per week een helikopter van de luchtmacht. Die bracht post, medicamenten en soms een vip. Zo kwam er met enige regelmaat een dominee of aalmoe- zenier mee met de helikopter. In de periode 1958-’61 deed een bevoorra- dingsvaartuig van de marine één keer in de twee weken het eilandje aan. In 1962 werd dat vanwege het grote


Vierdaagse patrouille Beveiligingspeloton bij oversteken Korimrivier op Biak. Foto: privécollectie Frans van der Steen


aantal gevangenen twee keer per week. Het bracht levensmiddelen, machineonderdelen, maar ook films. De Papoea’s waren er gek op.” De bouw van de barakken op Woendi voor de Indonesische gevangenen heeft Van der Zanden niet meege- maakt. Zijn tijd in Nieuw-Guinea zat erop. Terug in Nederland in novem- ber 1961 werd hij voor ‘vuile koloni- aal’ en erger uitgemaakt. “Ik begreep daar niets van, want ik was toch voor koningin en vaderland uitgezonden naar Nieuw-Guinea, waar ik gewoon de mij opgedragen taak als dienst- plichtig soldaat had vervuld?”


Golfoorlog Mede door deze ervaring kon Van


der Zanden zijn draai in Nederland niet meer vinden. “Uiteindelijk werd het mij, na een reeks banen en mijn huwelijk met Toos in 1965 – nog steeds mijn maatje – duidelijk dat een carrière als beroepsmilitair mijn voor- land was. In 1974 ben ik na een oplei- ding tot elektronicamonteur op de Koninklijke Kaderschool Luchtmacht als straalzendermonteur geplaatst bij de 5e Groep Geleide Wapens in het Duitse Stolzenau. Daarna heb ik in de VS nog een jaar een opleiding tot


radarmonteur gevolgd bij het Ameri- kaanse leger in Huntsville Alabama”, vertelt hij. “Op 14 januari 1991 werd het ernst: mijn onderdeel Patriot- en HAWK- luchtafweerraketten werd ingezet in Turkije om het Turkse luchtruim te verdedigen tegen aanvallen vanuit Irak met Scuds, een middellange afstandsraket van Russische makelij. Twee dagen na onze aankomst in Diyarbakir, de Koerdenhoofdstad, lanceerde de VS operatie Desert Storm, een campagne van lucht- aanvallen tegen Irak. Het was het grootste luchtoffensief uit de geschie- denis. De bedoeling was een einde te maken aan de door de Iraakse dictator Saddam Hoessein bevolen bezetting van Koeweit. Op 27 febru- ari trokken de geallieerden de hoofd- stad van Koeweit binnen. Irak trok zich terug. Wij zaten in een bunker aan de rivier de Tigris. We kwamen eraan toen er net volop werd gebom- bardeerd. Wij zijn daar zes weken geweest, maar we hebben zelf niet geschoten”, aldus Van der Zanden. “In maart 2003 trokken de VS en Groot-Brittannië met andere landen Irak binnen, maar daar waren wij niet bij betrokken. Saddam Hoessein


‘We hebben de Papoea's in de steek gelaten’


MEI 2013 45


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64