This page contains a Flash digital edition of a book.
flink tegen fulmineert, is het feit dat er in de politiek bij iedere bezuinigingsron- de behoorlijk op budgetten voor bouw en infra wordt gekort. Onevenredig hard vindt hij het. Hij signaleert dat de totale budgetten voor infra de afgelopen drie jaar structureel met zo’n anderhalf mil- jard per jaar zijn verlaagd. “Dat is twin- tig procent. Dus je krijgt niet alleen vol- gend jaar, maar ook het jaar daarna een enorme vermindering van het budget dat was bestemd voor infra. Er zijn tal van projecten die vroeger in het MIRT (Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport, red.) in beton ge- goten waren en die nu gewoon ge- schrapt worden.” Het grootste probleem volgens Verhagen is dat een groot aan- tal projecten naar achteren worden ge- schoven of helemaal geschrapt worden. “Knelpunten in de infra, en die zijn het, anders hadden ze niet in het MIRT ge- staan, worden hierdoor of te laat of niet meer aangepakt. Met alle gevolgen van dien als de economie weer aantrekt.”


Ook vreest Verhagen voor de vervan- gingsopgave van kunstwerken die er ligt. “Het gros daarvan is in de jaren ’60 en ’70 gebouwd en heeft levensduur van zo’n 50 jaar. Die zijn nu aan hun eindje. En dan heb ik er nog niet over dat veel van die kunstwerken ook niet zijn berekend op het verkeer van dit mo- ment, namelijk op de huidige zwaarte van vrachtauto’s en op de huidige inten- siteit. Dus daar moet je nu geld voor re- serveren, maar dat zie je niet meer in de budgetten terug. Dat speelt niet alleen op rijkswegenniveau, maar ook provin- ciaal en gemeentelijk.”


Uitgeven graag! Verhagen ziet met lede ogen aan hoe bij de laatste begroting de kosten voor de oplopende WW-kosten zijn vertaald naar bezuinigingen op andere departe- menten. “Dus omdat de WW oploopt, gaan we nog meer bezuinigen bij bouw en infra waardoor je volgend jaar nog meer werklozen krijgt. Dat is niet mijn keuze. Als ik kan kiezen tussen een werknemer in de WW omdat zijn bedrijf failliet is gegaan of hem aan het werk te houden en te zorgen voor goede infra- structuur, dan is die keuze wat mij be- treft gauw gemaakt.” Daarnaast vindt Verhagen het vreemd dat er op landelijk,


6 Nr.9 - 2013 OTAR


provinciaal en gemeentelijk niveau een miljard euro op de plank ligt dat al be- stemd is voor wegen, scholen en monu- menten, dat volgens hem door bestuur- lijk geneuzel, bureaucratie of vertraging in vergunningen niet uitgegeven wordt. Dan fel: “Zorg dat het geld in ieder geval wordt besteed!”


Economie op sleeptouw nemen Wanneer Verhagen Nederland vergelijkt met andere Europese landen, dan con- stateert hij dat wij hier nog in de krimp zitten en dat wij nog steeds te maken hebben met een negatieve spiraal naar beneden toe. “Maar om ons land uit die crisis te halen heb je gewoon economi- sche groei nodig. De geschiedenis leert dat economische groei begint bij de ex- port. Daarna zijn investeringen aan de beurt en als laatste doen de consumen- ten een duit in het zakje. De hoop is nu vooral gevestigd op de export, maar het wordt tijd dat ook de investeringen aan het herstel gaan bijdragen. Op dit moment zie je dat de bouw de econo- mische groei eerder remt. Wil ons land sneller uit de crisis komen, dan zouden we meer moeten investeren in bouw en infra. Want dan neemt de bouw en infra de economie juist weer op sleeptouw in plaats van het te remmen, zoals het nu doet.”


Stop uitstroom Als er niet geïnvesteerd wordt, voor- ziet Verhagen dat er nog meer bedrij- ven failliet gaan en dat tegen de tijd dat de economie aantrekt de vakmensen er niet meer zijn om al dat werk te verrich- ten. Want volgens hem komt die uitge- stelde vraag zeker op een gegeven mo- ment weer op tafel. “80 procent van de schoolgebouwen kampt met achter- stallig onderhoud. Dan kun je op je kop gaan staan, maar dat zal op een gege- ven moment vervangen moeten wor- den. Dat zal dan meer geld kosten. Bij de wegen idem dito. Bruggen zullen op een bepaald moment vervangen moe- ten worden. Dan krijg je een situatie dat we opeens weer het geld hebben, maar dat we de mensen dan niet meer heb- ben. Dat zie je nu al.” Verhagen stelt dat tien jaar geleden er meer jongeren dan ouderen in de bouw werkzaam wa- ren en dat het nu omgekeerd. is “Er is dus een complete verandering gaande.


Straks gaan mensen met pensioen. En de instroom is nu al gedaald, want je begint toch niet aan een opleiding zon- der perspectief? Dan heb je nu het pro- bleem dat bedrijven over de kop gaan en straks het probleem dat er niemand is die het kan doen. Denk dus nog eens heel goed na.”


Succesjes


Ondanks het wat tumultueuze begin, is Verhagen toch zeker niet ontevre- den over zijn eerste maanden. Hij sig- naleert ook een aantal successen qua lobby. Zo noemt hij het budget voor on- derhoud van bouw en infra dat niet is wegbezuinigd, het lage btw-tarief voor onderhoud, de mogelijkheid voor pensi- oenfondsen en verzekeraars om te be- leggen via de Nationale Hypotheek ga- rantie. “Op een aantal punten zijn we zeker succesvol geweest.” Het volgen- de punt waarop Verhagen nu succes wil behalen is het terugdraaien van de kos- ten van het Fyra-debacle. Die 120 mil- joen euro wordt nu verhaald op het In- frafonds. “Hoezo? Ik vraag mij dan echt af waarom. Als ze winst maken, vloeit het naar de staatskas als dividend en niet naar het Infrafonds, dus waarom moet het verlies wel uit die pot worden betaald? Er zijn nu aantal politieke par- tijen die inzien dat dit niet de manier is. Ik hoop dat het wordt teruggedraaid, maar dan moet ook de PvdA of de VVD tot dat inzicht komen, anders heb je geen meerderheid.”


Juiste man


Zeker wat de lobby betreft ziet Verha- gen zich als de juiste man op de juiste plaats. “Het is een voordeel dat ik het netwerk hebt. Ik ken al die mensen om- dat ik ermee gewerkt heb en ik heb een nog redelijk gemakkelijke entree. Ik re- aliseer me als geen ander, dat als een lobby effect wil hebben, je de belangen van de leden van Bouwend Nederland moet combineren met de belangen van de andere kant, de maatschappelijke behoefte.


Als je een oplossing kan bieden voor vraagstukken op het gebied van bijvoor- beeld grondstoffen, duurzaamheid, kli- maatverandering of vergrijzing, dan is men eerder geneigd te luisteren. Ik kan die vertaalslag maken.”


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72