This page contains a Flash digital edition of a book.
Column


Viewpoint Van Bergen


Leo E


r bestaan grofweg twee defi- nities van de term ‘veteraan’. Enerzijds zijn veteranen man- nen (en enkele vrouwen) die


ondanks een inmiddels gevorderde leeftijd het niet kunnen laten om in het weekend achter een bal aan te blijven ‘hollen’ (waarna in de zogenaamde derde helft ook armen en darmen het nodige werk te verrichten krijgen). Anderzijds zijn er de mensen die maandelijks dit blad in de bus krijgen: mannen en vrouwen die in dienst van de Nederlandse krijgsmacht ter ver- dediging der grenzen of ergens in den vreemde aan oorlogs- en vredesmissies hebben deelgenomen. De reden waarom zij een aparte naam hebben gekregen en daardoor als een aparte groep worden gezien, is dat die handelingen een effect op hun verdere leven zouden hebben dat anderen, niet-veteranen, onbekend zal blijven. Maar waarom zou die term alleen voor geüniformeerden mogen worden gebruikt en niet voor allen die krijgs- handelingen aan den lijve hebben ondervonden? Ook hun leven is daar- door vaak fiks beïnvloed. In Nederland hebben we het dan al snel over de oorlog die simpelweg ‘de oorlog’ wordt genoemd. Mensen zoals Leon, mijn hooggewaardeerde mentor en voor- ganger op deze plek. Of mensen zoals Leo. Leo, die op feestjes, als weer eens iemand naar ‘die Duitsers’ uithaalde, steevast fijntjes opmerkte: ‘Die nazi’s. Niet: die Duitsers.’ Leo, net 18, liep nietsvermoedend over straat toen er een vrachtwagen naast hem stopte. Hij werd ingeladen en bij een Duitse fabriek weer uitgeladen. Daar werd voor het midden van de jaren dertig en na 1945 bestek gepro- duceerd, maar in die dagen diende het metaal andere doelen. Leo had heim-


Foto: Birgit de Roij


Dr. Leo van Bergen is geboren midden in het non-militaire jaar 1959. Desondanks heeft het thema 'oorlog' altijd zijn histori- sche belangstelling gehad, waarbij zijn aandacht vooral uitgaat naar de medische gevolgen. Op dat terrein wordt hij internati- onaal als autoriteit erkend. Hij schreef Zacht en eervol, over het lijden en sterven in de Eerste Wereldoorlog.


‘Die nazi’s. Niet: die Duitsers.’


wee, liep twee keer weg, werd twee keer opgepakt en belandde in een strafkamp. Zijn huwelijksnacht, negen jaar na de oorlog, verliep daardoor wat vreemd. Voor er tot voor een dergelijke gelegen- heid normalere handelingen kon wor- den overgegaan, moest hij zijn bruid uitleggen waar die striemen op zijn rug vandaan kwamen. Gecombineerd met de in dergelijke kampen normale onder- voeding zouden de klappen die deze striemen hadden veroorzaakt hem het


leven hebben gekost, als niet een Duitse verzetsgroep erin was geslaagd hem met enige regelmaat van eten te voorzien. Na de oorlog begon Leo naar huis te lopen. Hij pikte onderweg een lekkere, gevoerde jas, die hem door de Neder- landse douane bij de grens weer werd afgenomen. Welkom thuis. Toen hij na vele dagen bij zijn ouderlijk huis aanklopte, deed zijn jongste zus open. Zij herkende hem niet en riep dodelijk geschrokken dat de duivel voor de deur stond. Om een beetje bij te komen, werd Leo naar de Zwitserse Alpen gestuurd. Na terugkeer kreeg Leo te horen dat hij recht had op een oorlogsuitkering. Maar hij weigerde. Hij had op het verkeerde moment op de verkeerde plek gestaan. Domme pech. Een uitkering moest een waardering zijn voor moedwillig geno- men risico’s. Vond Leo. Behalve als zijn Duitse vrienden op bezoek kwamen, met wie hij zijn leven lang contact hield, praatte Leo niet over de oorlog. Maar tijdens de kruisraket- tendebatten in de jaren tachtig zei hij ineens, ofschoon politiek doorgaans links van het midden: ‘Als die dingen oorlog tegenhouden, mogen ze er de hele tuin mee volplempen.’ Kort na zijn pensioen stierf Leo aan een hersenziekte, die, aldus de artsen, vaker werd gezien bij mensen die vroeg in hun leven een langdurige periode van hevige angst hadden doorgemaakt. Had- den Adolf H. en trawanten hem toch nog te pakken gekregen. Leo was niet bijzonder. Hij was boek- houder in een fabriek en had, zoals zo velen, sport en muziek als hobby’s. Maar hij was ook heel bijzonder. Leo was een aardige man. Leo was mijn vader. Voetballen in het weekend? Lou- ter met het bord op schoot. Toch een veteraan? Op zijn minst een klein beetje.


april 2016 17


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65