search.noResults

search.searching

dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
Column Poncke I


n 1994 leidde mijn hooggeachte voorganger op deze plek, Leon Wecke, toentertijd directeur van het Studiecentrum voor


Vredesvraagstukken te Nijmegen, Jan Princen (1925-2002) rond door Nederland. Het werd niet bepaald een triomftocht. De in een socialistisch nest geboren en getogen, maar tot katholiek bekeerde Princen is beter bekend onder zijn bijnaam ‘Poncke’. Die verkreeg hij vanwege het veelvuldig citeren van delen uit de streekroman Pastoor Poncke in de Kriegswehrmachtgefängnis in Utrecht. Daar verbleef hij vanwege het verlenen van ‘steun aan de vijand’. Zonder enige twijfel was hij dus ‘goed’ in ‘de’ oorlog. Vanwaar dan die vijandschap? Omdat de opvattingen die hem tot verzet tegen de Duitsers brachten, hem in Indonesië tot verzet tegen de Nederlanders brachten. Dezelfde persoon, een andere oorlog, een andere waardering. Princen werd als dienstplichtig militair naar de op 17 augustus 1945 in Indonesië omgedoopte gordel van smaragd verscheept. Hij deserteerde omdat hij de gewelddadige poging van Nederland om op zijn minst een hele fikse vinger in de pap van de voormalige kolonie te behouden onrechtmatig achtte, zoals hij de Duitse bezetting onrechtmatig had geacht. Maar het bleef niet bij desertie, zoals het in 1940-’45 niet bij boos kijken naar Duitsers was gebleven. Hij sloot zich aan bij het Indonesische leger. Daardoor streed hij tegen de soldaten die kort ervoor nog zijn kameraden waren geweest. Dat dit kwaad bloed zette, is zeer begrijpelijk, ook omdat toentertijd nog slechts weinigen zijn opvatting deelden dat de Nederlanders een foute oorlog uitvochten, die niet voor niks met het goedaardig klinkende eufemisme ‘politionele acties’ werd aangeduid. Tegenwoordig is het nog slechts voor enkelen onverteerbaar om de strijd in 1945-’49 een dekolonisatieoorlog te noemen en is het ook algemeen


Viewpoint Van Bergen


Foto: Birgit de Roij


Dr. Leo van Bergen is geboren midden in het non-militaire jaar 1959. Desondanks heeft het thema 'oorlog' altijd zijn histori- sche belangstelling gehad, waarbij zijn aandacht vooral uitgaat naar de medische gevolgen. Op dat terrein wordt hij internati- onaal als autoriteit erkend. Hij schreef Zacht en eervol, over het lijden en sterven in de Eerste Wereldoorlog.


of de schuldvraag over een oorlog


aanvaard dat de Indonesiërs zogezegd wel een punt hadden. Vreemd is dit niet. Weinig zaken veranderen zo frequent als de waardering voor of de schuldvraag over een oorlog. Was de Eerste Wereldoorlog lange tijd de Alleinschuld van de Duitsers, onlangs


Weinig zaken veranderen zo frequent als de waardering voor


werd keizer Wilhelm in een fictief proces door een rechtbank op vier van de vijf punten van aanklacht vrijgesproken. Iemand die in 2002 durfde te zeggen het oneens te zijn met de oorlog tegen Irak was soms letterlijk zijn leven niet zeker, terwijl tegenwoordig veel van de felste toenmalige voorstanders van schaamte door het stof kruipen of proberen hun rol zoveel als maar mogelijk te bagatelliseren. De vinger die de ene keer beschuldigend naar de ene partij wijst omdat die het oorlogsrecht schond en zich schuldig maakte aan het ene na het andere al dan niet structureel genoemde exces, kan korte tijd later een geheel andere kant op wijzen. Was lange tijd de verwijzing naar de Bersiap-tijd voldoende om iedere mogelijke ontsporing van individuele Nederlandse soldaten goed te praten, tegenwoordig wordt een onderzoek naar systematisch Nederlands geweld alleen maar door de overheid tegengehouden, omdat nota bene Indonesië daar moeite mee zou hebben. Een dergelijk onderzoek zou immers hoe dan ook, ook het geweld van die kant aanstippen, inclusief het onderlinge geweld. En dat zal de mythe van ‘Eén Indonesië, van Nieuw-Guinea tot Atjeh’ ondermijnen. Die verandering van waardering heeft ook voor Princen gevolgen gehad. Zo pleitte in 2007 de politiek toch niet bepaald links te noemen Joost Eerdmans op het blog GeenStijl voor eerherstel voor Princen. Hij noemde hem een moedig mens in een foute oorlog. Daarom is het jammer dat de man, die na de dekolonisatieoorlog zijn opvattingen trouw bleef en in de tijd van Soekarno en Soeharto het niet bepaald geliefde beroep van mensenrechtenactivist ging uitoefenen, is overleden. Het zou interessant zijn geweest om te zien welk een ontvangst hem heden ten dage bij een bezoek aan zijn voormalige vaderland ten deel zou zijn gevallen.


november 2016 23


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65