This page contains a Flash digital edition of a book.
Ooggetuige


Leden van de Prinses Irene Brigade in Frankrijk met buitgemaakte Duitse oorlogsvlag. Rechts staande brenschutter Rudi Hemmes. Foto: privécollectie Rudi Hemmes


eerste contacten voor de oversteek. Uiteraard moest het allemaal stiekem gebeuren. Ze stuurden hun vrienden een brief, waarin ze aankondigden dat zij tijdens een vakantie op bezoek zouden komen. Daaruit begrepen Everard en Starink direct dat de twee van plan waren om naar Engeland te gaan. Op 2 mei 1943 gingen Hemmes en Tusenius clandestien de Neder- lands-Belgische grens over. Na enkele weken kwam voetbal- vriend Starink naar Brussel om te kij- ken hoe het duo de Belgisch-Franse grens over kon. Ook dat ging goed. In Parijs ontmoetten de twee bij toeval een Nederlander uit Alkmaar, die voor Organisation Todt (OT) werkte. De man vertelde dat er voor de uitbreiding van de kustbeveiliging in Frankrijk een groot tekort aan arbeidskrachten was, aangezien alle jonge mannen uit Frankrijk, Neder- land en België naar Duitsland wer- den gestuurd voor de Arbeitseinsatz. De OT ronselde in Frankrijk op alle mogelijke manieren jonge mannen,


die liever in Frankrijk bleven. “Hierbij overtrad de OT zoveel regels, dat geen Duitser meer wist hoe het nu eigenlijk in elkaar zat. Als we ons lieten ronselen voor werk in Zuid-Frankrijk, dan kon- den we gratis en voor niks door de OT naar Spanje worden gebracht”, aldus Hemmes. Spanje haalden ze niet, maar ze kwamen wel tot Agde, in Zuid-Frankrijk. Het tweetal had telefonisch contact gehouden met Starink en die vertelde dat hij het adres had van een gids die hen over de Spaanse grens kon brengen. Maar die man zat in Parijs, dus keerden Hemmes en Tusenius met de trein en vervalste OT-papieren terug naar Parijs. De gids zou echter pas enkele weken later naar het zuiden gaan; daarom besloten de jongens zolang naar Nederland terug te gaan. Ze wisten nu immers hoe ze in Spanje zouden kunnen komen. In de herfst van 1943 trokken de twee opnieuw met de trein naar het zuiden. De gids stuurde hen van


Parijs naar Lourdes, vanwaar zij via Bagnières de Bigorre over de Pyre- neeën werden geleid. Na een barre voettocht van drie dagen en nach- ten door de Pyreneeën bereikten ze Spanje op 15 oktober 1943. In Bielsa werden ze gevangengenomen en overgebracht naar een oud klooster in Barbastro, in de provincie Huesca. Ruim een maand later werden ze geboeid overgedragen aan de Neder- landse ambassade in Madrid. Die zorgde ervoor dat vooral dienstplich- tige Nederlanders zo snel mogelijk via Portugal naar Engeland konden oversteken. In februari 1944 kwam het tweetal uiteindelijk in Engeland aan.


Hemmes en Tusenius zijn daarmee twee van de circa 1700 mannen en vrouwen die in de oorlogsjaren naar Engeland overstaken om zich daar bij de geallieerden te voegen. Tusenius, die familiebanden met Nederlands-Indië had, meldde zich voor de strijd in Azië. Na de oorlog voltooide hij zijn academische oplei-


MEI 2014 47


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64