NIEUW LICHT OP CREWKILLER GENOEMDE MARTIN MARINER Vliegende doodskisten? Door: Jan Schoeman
In publicaties over de militaire luchtvaart gaat de meeste aandacht doorgaans uit naar de vliegtuigen en de vliegers, terwijl er veel minder aandacht is voor bijvoor- beeld het technisch onderhoudspersoneel. Die groep is misschien wat minder aan- sprekend, maar daarom niet minder belangrijk. Zonder deze techneuten zou het immers snel gedaan zijn met het vliegen.
Kees Mulder bij het Papoea- monument in Bronbeek. Foto: Birgit de Roij
I 20 NOVEMBER 2013
n de persoon van Kees Mulder (77) uit Ridderkerk komen zowel het vliegen als de techniek samen. In de periode van februari 1957 tot augustus 1958 vloog hij in Nieuw-Guinea namelijk als korporaal vlieg- tuigmaker/boordschutter op de Martin Mari- ners van de Marineluchtvaartdienst (MLD). Mulder was officieel geplaatst op het marine- vliegkamp Biak in het noorden van Nieuw- Guinea, maar hij zou gedurende zijn tijd daar
tijdens lange vluchten met de Mariners alle uithoeken van het immens uitgestrekte eiland bezoeken. Die Mariners waren grote amfibie- vliegtuigen, dat wil zeggen: ze konden zowel op land als op water landen. Halverwege de jaren vijftig kocht Nederland vijftien van deze toestellen tweedehands in de Verenigde Staten. Vanwege de grote hoeveelheid storingen en on- gevallen hadden de Mariners al snel een slecht imago en kregen ze de bijnaam crewkillers.
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64