This page contains a Flash digital edition of a book.
Ooggetuige op Mount Igman


als 25-jarige onderofficier, wacht- meester 1, op missie naar Bosnië. Gevraagd naar het moment van uit- zending, rond de val van Srebrenica, zucht Hijman diep. “Wij hebben niks met Srebrenica. Dat was Dutchbat en de enclave is gevallen op 11 juli 1995. Wij zijn al in februari van dat jaar aangewezen om uitgezonden te worden. Toen was het de bedoeling dat er een mortieropsporingsradar naar Bosnië zou gaan.” Over de voorbereiding zegt hij: “We werden steeds in een spagaat gedrukt: gaan wij namens de VN of gaan wij namens de NAVO? Onze radar is drie keer overgeverfd, van groen naar wit naar groen naar wit naar groen. Uiteindelijk zijn we groen gegaan. We hadden wel een blauwe muts op, maar waren een Rapid Reaction Force. Toen Sre- brenica viel, waren wij al in Split. We waren ingeklaard bij de VN en stonden klaar om met onze spullen richting Bosnië te vertrekken. Maar we moesten wachten op groen licht. Pas na een aantal weken, toen het penibel werd in Sarajevo, zei gene- raal Janvier (militair commandant van UNPROFOR; red.): die jongens, die heb ik nu nodig. En toen zijn wij die kant op gegaan, we zijn de grens van Kroatië en Bosnië over gesmok- keld. De tweede week van augustus 1995 stonden wij op de berg.”


Behelpen


Hijman en Ambags werden geplaatst op Mount Igman, bij Radar 1, samen met onder anderen Brian Holterman, een van hun reisgenoten tijdens de herinneringsreis in mei van dit jaar. De vierde deelnemer aan de terugkeerreis, Jeroen van der Ham, werd bij Radar 2 geplaatst en Arne Wouters, reisgenoot nummer vijf, kwam op het hoofdkwartier terecht. “Het is van begin tot eind behel- pen geweest”, vertelt Hijman. “We werden op een bergpunt gezet. Daar


Arne Wouters in het voormalige hoofdkwartier waar nog steeds de tekst The Arty Party Igman ’95 op de muur staat.


Radar 1


‘Na de volgende bocht zijn we bij de plek die het leven van drie van de vijf mannen 19 jaar geleden voorgoed heeft veran- derd. We zijn allemaal blij dat we de stellingslocatie hebben gevonden. Er worden digitale foto’s gemaakt op de plek waar toen de mortieropsporingsradar stond. Het prachtige uitzicht is er nog steeds. Enkelen van ons worden zichtbaar emotioneel, iets wat we van elkaar maar al te goed begrijpen. Nadat ieder- een voor zichzelf een gepast afscheid van deze plek heeft genomen, rijden we naar beneden.’


waren bomen en er was een pad. En daar stonden we. Geen beveiliging, geen bewaking, dat moesten we alle- maal zelf organiseren. Uiteindelijk zijn we in eerste instantie beveiligd door de mariniers, later door de Engelsen en weer later door het Franse Vreemdelingenlegioen. We waren met negen man verantwoorde- lijk om één radar draaiende te hou-


De opstelling van Radar 1 in 1995.


den om de mortieren op te sporen die afgevuurd werden door de Serviërs richting Sarajevo. Dat was onze taakstelling.”


De negen militairen verbleven vier en een halve maand op dezelfde plek. “Zeven dagen op, 24 uur per dag”, aldus Hijman. “Af en toe mocht er iemand weg voor R&R (rest and recreation; red.) of om naar Santici te gaan om even te relaxen.” De omstandigheden waren zeker in het begin zwaar: het eten bestond uit gevechtsrantsoenen, het water moest 50 kilometer verderop worden


JULI-AUGUSTUS 2014 47


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66