This page contains a Flash digital edition of a book.
rijden. Toen een Amerikaanse vriend van zijn vrouw, een gepensioneerde motoragent, hem vorig jaar voor- stelde om mee te doen aan de Run For The Wall, besloot hij de trip te gaan maken. Van Lunenburg: “Ik wilde graag eens met gelijkgestem- den motorrijden. Ik kende wel een aantal veteranen, maar heb nog nooit met ze samen gereden.” De start van de Run For The Wall was in Los Angeles, maar zijn motor, die hij had laten verschepen, kwam aan in Philadelphia, aan de oost- kust. Hij moest dus eerst nog een paar duizend kilometer westwaarts rijden, alleen. “Ik heb het in zes dagen gedaan. Het was heel bijzonder om daar in mijn eentje door dat landschap te rijden. Een soort pelgrimstocht”, vertelt hij. “Ik had alle tijd om mijn gedachten op een rijtje te zetten, ook om over mijn uit- zendingen naar voor- malig Joegoslavië na te denken en het verlies van twee collega’s, die beiden in Afghanistan door aanslagen met bermbommen gesneu- veld zijn.”


Hartelijke ontvangst In Los Angeles werd


hij door de deelnemers aan de tocht meteen als gelijke opgenomen. Lachend: “Ze wisten al dat ik zou komen. Die


Amerikanen vroegen zich af wie die gekke Nederlander was die op zijn eigen motor kwam. Ze waren erg nieuwsgierig naar mijn verhaal.” De Run startte aanvankelijk met zo’n 450 motorrijders, maar naarmate de tocht vorderde, sloten zich steeds meer deelnemers aan, tot zo’n 1700. Zo reden ze in een enorme optocht van stad naar stad. Op viaducten zag het zwart van de mensen die de motorrijders toejuichten en met vlag- gen zwaaiden. Soms werden zelfs hele stukken snelweg speciaal voor de motorrijders afgesloten voor het overige verkeer. “We reden van het ene naar het andere herdenkings- monument voor gesneuvelden van de Vietnamoorlog. Iedere dag was er wel ergens een kranslegging. De lokale bevolking ontving ons uiter-


Arlington National Cemetery, het nationale ereveld bij Washington DC. Foto: privécollectie Maarten van Lunenburg


mers, onder wie ook aalmoezeniers die waar nodig geestelijke bijstand verleenden, reden twee aan twee in groepen van 26 man. Dat noemden ze platoons, pelotons. Van Lunen- burg zat in Platoon 9, een vrienden- groep van de gepensioneerde motor- agent. Toen uiteindelijk het Vietnammonu- ment in Washington werd bereikt, had Van Lunenburg er een onvergete- lijke reis op zitten. De rode kunstroos die hij al die tijd op het windscherm van zijn motor had meegenomen, kon hij nu, op Memorial Day, bij de Wall leggen. “De roos is ons regi- mentsboeket, dat we traditiegetrouw aanbieden aan iemand die je een


“Dat juist ík daarvoor verkozen ben, was heel speciaal. Onvergetelijk en indrukwekkend.” Voor Van Lunenburg was het al met al een bijna euforische tiendaagse tocht, met slechts enkele kleine tegenslagen: een technisch manke- mentje aan de motor, een lekke band en een kapot lichtje door een valpar- tij. Over vijf jaar gaat Van Lunenburg weer. Maar eerst wacht hem nu de lente, en zijn trouwe second love in de schuur, die erom smeekt weer netjes in elkaar gezet te worden voor een motorritje, iets dichter bij huis.


Info Run For The Wall: www.rftw.org APRIL 2014 19


mate hartelijk en zorgde voor de lunch. Vaak werd ook onze brandstof gesponsord.” Hij legt uit dat de Run For The Wall van oorsprong voor en door Vietnamveteranen was. “Eigenlijk is het een intocht voor de Vietnamveteranen die ze destijds nooit hebben gehad.” Inmiddels doen ook steeds meer Afghanistan- en Irakveteranen mee en is het een veteranentocht geworden. De motortocht werd van begin tot eind georganiseerd als een militair evenement. Iedere ochtend kregen de motorrijders een briefing, de vlag werd gehesen en het Amerikaanse volkslied werd gezongen. De deelne-


warm hart toedraagt.” Diezelfde roos had hem bij het Amerikaanse motor- rijderspeloton inmiddels de bijnaam Rosebud, rozenknop, opgeleverd.


Missing Man


Het motto van de Run For The Wall is: We ride for those who can’t. Daarom rijdt de organisatie, die altijd vooroprijdt, traditiegetrouw in mis- sing man-formatie: twee man gaan samen voorop, daarachter slechts één motorrijder, met naast hem een lege plek, de missing man-positie. Iedere dag wordt iemand uitgekozen om op die plek te rijden. Ook Van Lunen- burg viel die eer een keer te beurt.


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64