This page contains a Flash digital edition of a book.
Het ministerie van Infrastructuur en Milieu gaat fors investeren in slimme vervoerssystemen en zet daarmee een stap naar de mobiliteit van de toekomst. Minister Schultz van Haegen over nut en noodzaak van negen experimenten die het Rijk samen met lokale overheden, universiteiten en het bedrijfsleven start.


Tekst: Joost Zonneveld


Het Rijk investeert in de komende twee jaar 70 miljoen euro in slimme vervoers- systemen. Waarom is dat van belang? “Na de piek in 2008 hebben we jaren- lang een fl inke afname van fi les gehad. De aanleg van extra rijstroken heeft voor 50 procent aan die afname bijgedragen, de economische crisis voor 16 procent. We zitten nu op het niveau van de fi les die we in 2000 hadden. Nu de econo- mie weer aantrekt, wordt het weer druk- ker op de weg. Om Nederland in bewe- ging te houden, is het nodig wegen aan te leggen en ook in de toekomst het we- gennet uit te breiden. Maar ik zeg altijd: ik kan wel zeven banen om een stad aanleggen, maar niet de stad in. Dus as- falt alleen is de oplossing niet. We ne- men daarom ook maatregelen om de bestaande infrastructuur beter te benut- ten en zetten daarbij ook in op slimme vervoerssystemen en diensten om de fi - ledruk te verlichten. Goede realtime- en persoonlijke reisinformatie kan een rei- ziger helpen vlotter op de plek van be- stemming te komen en bijvoorbeeld in het geval van een ongeval een goed al- ternatief aangeven. Rijtaakondersteu- ning kan weer helpen om files als ge- volg van schokgolven en ongevallen op de weg te voorkomen.”


Om wat voor pilots gaat het? En wat moeten die opleveren? “In het hele land worden gezamenlijk negen ITS-projecten opgezet rondom verschillende thema’s. Zo werken de re- gio’s Groningen-Assen, Arnhem-Nijme- gen, Midden-Nederland en Metropool- regio Amsterdam samen met Ahold aan een tool, om de supermarktlogistiek te verbeteren door vrachtverkeer slim te


laten rijden. Hierdoor kunnen de betrok- ken regio’s 200 vrachtautoritten per dag structureel vermijden. Daarnaast start een project om filevorming door inci- denten te verminderen. De uitrol begint in Brabant en Noord-Holland. Jaarlijks stranden er ruim 20.000 vrachtauto’s en 150.000 personenauto’s op het hoofd- wegennet. Door informatie beter te de- len, kan het verkeer en het verkeersma- nagement beter rekening houden met incidenten. Dit kan bij landelijke dekking een fi lereductie van 2,5 procent opleve- ren. Ook op het gebied van verkeers- drukte rondom festivals valt veel winst te behalen. Jaarlijks zijn festivalbezoe- kers goed voor vijf miljoen autoritten tijdens de spits in en rond de steden. Door te investeren in de ontwikkeling van goede informatiediensten en event- apps, kunnen bezoekers reisadvies op maat krijgen. Zo blijft de omgeving voor festivalbezoekers en andere weggebrui- kers zo goed mogelijk bereikbaar. Ver- der worden onder meer projecten op- gezet voor connected en coöperatieve intelligente transportsystemen en het delen van uiteenlopende streaming data van wegbeheerders en private partijen.”


In de Metropoolregio Amsterdam loopt al een pilot met slimme technologie en alternatieve routes voor weggebruikers. Wat zijn daarvan de resultaten? “Bij de Praktijkproef Amsterdam werken we met verschillende partijen in groot- schalige proeven stapsgewijs naar de integratie van slimme, innovatieve op- lossingen voor wegkantsystemen, zoals verkeerslichten en toeritdoseerinstalla- ties, en systemen in de auto. De eerste fase van de praktijkproef is nagenoeg


afgerond. We hebben daarbij een sys- teem getest, waarbij verkeerslichten en toeritdoseerinstallaties op de A10 West en S101 tot en met S107 worden ge- regeld door een geautomatiseerd sys- teem om het verkeer beter te spreiden en vlotter af te wikkelen. Uit de evaluatie is gebleken dat het systeem niet alleen in theorie, maar ook operationeel tech- nisch goed werkt. We kijken nu hoe we dit breder kunnen inzetten en dan met name om de doorstroming op een aan- tal stedelijke wegen te verbeteren. Daar- naast hebben we weggebruikers bij het woon-werkverkeer en bij grote evene- menten op een innovatieve- en individu- ele manier geïnformeerd over de beste route. Volgend voorjaar kunnen we wat zeggen over de resultaten. In het alge- meen kunnen we de ervaringen van de Praktijkproef Amsterdam gebruiken bij initiatieven in andere regio’s met verge- lijkbare verkeersopgaven.”


Zeventig miljoen lijkt veel geld, maar is dat ook voldoende om Nederland voorop te laten lopen met de inzet van slimme technologie om de mobiliteit te verbeteren? “Het geld wordt ingezet om de ontwik- kelingen van nieuwe systemen en dien- sten te stimuleren. Het is de bedoeling dat de toepassing ervan steeds meer een plek krijgt in het reguliere verkeers- management en in de projecten die in het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport staan. Het gaat overigens niet alleen om geld, maar ook om het creëren van ruimte in de re- gelgeving voor innovatie. Dat hebben we bijvoorbeeld voor zelfrijdende voer-


Nr.1 - 2016 OTAR O Nr.1 - 2016TAR 7


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58