This page contains a Flash digital edition of a book.
kaders.” Bedrijven worden volgens Van Beek gelukkig wijzer, ook al is dat soms door schade en schande. “Zij kunnen te maken krijgen met garantieclaims als er iets mis is gegaan.”


Geluid


Geluid speelt een steeds belangrijkere rol bij de keuze van een voegovergang. Van Beek: “Tot 2010 waren er op dit ge- bied geen geluidsvoorschriften. Maar het asfalt wordt steeds stiller, en zo vallen de voegovergangen steeds meer op als bron van geluid. De regel is dat ze maximaal vijf dB(A) meer geluid mogen produceren dan het asfalt.” Rijkswaterstaat stelt eisen, maar schrijft in de regel geen specifiek type voegover- gang voor. “Iedere oplossing die voldoet aan de eisen, is in principe acceptabel”, aldus Van Beek. “Dat is het principe van de vrije marktwerking.” Daar is op zich niets mis mee, maar het kan in bepaalde gevallen beter. “Op basis van analyse is het soms verstandig de oplossingsvrijheid op voorhand te beperken. Als de omgeving qua geluid kritisch is, dan kun je bijvoorbeeld vragen om het geluid tot een minimum terug te brengen. Dit kan door, wanneer dat tot de mogelijkheden be- hoort, te vragen om flexibele voegovergangen met een aan- toonbare levensduur van minimaal tien jaar.”


Staal


Een stalen voegovergang heeft in principe een lange levens- duur, meestal veertig jaar. De stalen voegovergang is populair en economisch interessant om toe te passen, aldus Van Beek. De laatste jaren zijn er ook stalen voegovergangen met sinus- platen, die het geluid reduceren. Maar met die sinusplaten zijn de nodige problemen geweest door lostrillende bouten. “Vaak ligt dat aan de kwaliteit van de uitvoering. Het is alle bedrijven wel eens overkomen. Het gaat om specialistisch werk en het heeft te maken met de beschikbare uitvoeringstijd. Maar men is zich daar nu beter van bewust, ik heb het idee dat deze problemen afnemen.”


42 Nr.1 - 2016 OTAR


Van Beek: “Ook een robuuste stalen voegovergang dient re- gelmatig geïnspecteerd en onderhouden te worden. Als je dat nalaat, kan er schade ontstaan. Als de sinusplaten los ko- men te zitten, is snel ingrijpen van groot belang. Anders kan niet alleen de bout maar ook het boutgat beschadigd raken. Herstel wordt dan een bewerkelijke klus en daarvoor moet dan de weg een tijd dicht.” Ook vormen harde voorwerpen die klem komen te zitten in de voegspleet een risico. “Iedere voegspleet moet je daarom regelmatig schouwen en schoon- maken. Dat besef moet vaak nog groeien bij beheerders.”


Flexibel Een andere oplossing is de flexibele voegovergang, met een samendrukbare en uitrekbare voegmassa - vaak met een bi- tumineus bindmiddel - zonder voegspleet. Van Beek: “Het zijn van oudsher relatief goedkope oplossingen, maar met grote kwaliteitsverschillen. We hebben er ook slechte ervaringen mee. De flexibele voegovergang kwam onder de naam Thor- majoint in het begin van de jaren tachtig op de markt en pres- teerde redelijk goed. Het ging mis toen veel aannemers hun eigen grondstoffen gingen gebruiken. De voegmassa werd bij koude temperaturen brosser, waardoor scheuren of aanhech- tingsproblemen ontstonden. En in warme perioden ontstond er veel spoorvorming. In bepaalde gevallen moest de voeg- overgang al na een jaar worden vervangen.” In de praktijk gin- gen de meeste flexibele voegovergangen in intensief bereden wegen maximaal vier tot vijf jaar mee, aldus Van Beek. En dat is veel te kort. “Het streven is dat ze pas vervangen hoeven te worden als het asfalt moet worden vervangen, dat is eens in de tien tot vijftien jaar.”


Prijsvraag Een prijsvraag door Rijkswaterstaat leverde een aantal oplos- singen op waarmee een levensduur van tien jaar kan worden gehaald, aldus Van Beek. Rijkswaterstaat is aansluitend daar-


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58