This page contains a Flash digital edition of a book.
t ligt letterlijk op de draaischijf


“Uitdagingen in de infrastructuur be- treffen in mijn provincie vooral vervan- gingsinvesteringen van constructies. Constructies die na de Tweede Wereld- oorlog zijn gebouwd. Toen is er wel veel herstelwerk verricht, maar er is weinig gespaard voor onderhoud of vervan- ging. Gelukkig hebben we in de provin- cie Utrecht heel wat stappen kunnen zetten in het onderhoud van onze kunst- werken. Het lijkt erop dat we stabiel de toekomst in kunnen gaan.”


“Verder merken we ook dat, wil je on- derhoud goed doen, het ook noodza- kelijk is de overlast te beperken. We hebben daarvoor een trajectaanpak ge- introduceerd, dat wil zeggen dat we in een periode van zes jaar vooruitkijken. We werken daarin samen met gemeen- ten. We onderzoeken hoe we geplande werkzaamheden kunnen koppelen, zo- dat we de overlast zoveel mogelijk kun- nen beperken, maar ook om de markt maximaal te stimuleren om onderhoud slim en handig uit te voeren.”


“Wat we met de gemeenten doen, is echt een overeenkomst sluiten ‘de rea- lisatie-impuls’. De kunst is om samen te kijken waar de belangrijkste aandachts- punten liggen, en waar we kunnen sa- menwerken. Wat we momenteel ook vormgeven, zijn regio-overleggen; een weg of fietspad houdt immers niet op bij een gemeentegrens. We zien dat het beschikbare geld beperkter wordt, maar we hebben als provincie ook belangrij- ke toetsingscriteria: veiligheid, leefbaar- heid en de doorstroming. Die zijn geluk- kig niet in het geding.”


“Wij zijn samen met de gemeente Utrecht bezig om de Uithofl ijn te reali- seren, tussen Utrecht Centraal en de Uithof P&R, die zal in 2018 gerealiseerd


worden. Daarna is het de bedoeling dat de Uithoftram gekoppeld wordt aan de bestaande tramlijn naar Nieuwegein en IJsselstein. Er gaan stemmen op om de tram vervolgens ook nog door te la- ten rijden naar Vianen, maar we moeten eerst nog goed kijken of dat een zinvolle investering is.”


“Bij de Loenerslootsebrug zijn doorstro- mingsperikelen, veel fi levorming, waar veel reizigers last van hebben, met ook terugslag op de hoofdwegen. We heb- ben dat ook bij het ministerie onder de aandacht gebracht. We zullen met el- kaar gaan kijken welke maatregelen op korte termijn mogelijk zijn om te zor- gen dat de Loenerslootsebrug niet vast- loopt. Dat doen we niet alleen met het ministerie, maar ook met de gemeenten. Hopelijk kunnen we dat op korte termijn op orde krijgen.”


“Ik ben blij dat we onlangs een fiets- tunnel konden openen bij het Science Park, onder de Universiteitsweg. Sci- ence Park is een belangrijke economi- sche locatie. Dankzij deze fietstunnel is deze locatie niet alleen veiliger, maar ook sneller bereikbaar. Er zijn ook plan- nen voor fietstunnels bij het Herman Jordancollege en richting de Bilt.”


“Het Deltaprogramma vind ik belangrijk, ook voor Utrecht. Niet iedereen denkt bij deze provincie aan de mogelijkheid van overstromingen. Toch is De Heuvel- rug de enige plek die niet beschermd hoeft te worden. Daarom is een hoog- waterbeschermingsplan dus essenti- eel. Toekomstige zoetwatervoorziening en de wens de ruimtelijke inrichting kli- maatbestendig te maken, zijn belangrij- ke uitdagingen van het Deltaprogram- ma. Als het meest in het oog springende project, waar wij als provincie in partici-


peren, zou ik de dijkversterking Centraal Holland willen noemen. Hieronder vallen de Lekdijken, maar ook de verbetering van de Grebbendijk en de uitbreiding van de zoetwatervoorziening voor West- Nederland. Daarbij zijn we uitdrukkelijk op zoek naar de meekoppelkansen.”


“Voor wateroverlast, zoals in Engeland ben ik niet direct bang. We werken in Nederland immers met de hoogste vei- ligheidseisen ter wereld om overstro- mingen te voorkomen. Maar we moeten ons wel bewust zijn van de risico’s die het leven in een laaggelegen delta met zich meebrengt. Het zou toch altijd een keer mis kunnen gaan. Om ons land - en dus ook de provincie Utrecht - veilig, leefbaar, en economisch aantrekkelijk te houden, moeten we continu werken aan de bescherming tegen overstromingen.”


“Het goede van het Deltaprogramma is dat we lang vooruitkijken en voorbereid zijn op meerdere scenario’s. Dat bete- kent dat we fl exibel inspelen op mogelij- ke klimaatveranderingen. Daar sta ik he- lemaal achter.”


REAGEREN?


Mail naar info@otar.nl Nr.1 - 2016 OTAR


O Nr.1 - 2016TAR 39


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58