This page contains a Flash digital edition of a book.
een paar sokken


Dick Schaap (links) met Chris Prins, een maat van een eerdere lichting in kaki uniform in Batavia. Foto: privécollectie Dick Schaap


redenen ook te laat was opgeroepen en in de Havenka- zerne in Schoonhoven alsnog was klaargestoomd voor uitzending naar Nederlands-Indië. Vanuit de bovenver- dieping van de Havenkazerne hadden wij uitzicht op het met felle, harde bevelen afknijpen van Indiëweigeraars op de binnenplaats van een barakkenkamp. Een uitzicht waar wij niet vrolijk van werden. We vormden ook een groep dienstplichtigen die niet vrolijk werd bij de gedachte dat wij straks in Jakarta in de aan ons verstrekte en in onze ogen van een rare groene stof ontworpen schäbige tropenuniformen met bijpassende slappe baret zouden moeten passagieren. Op de boot spraken wij al af dat in navolging van de OVW’ers die we kenden, een van onze eerste stappen een bezoek aan een Chinese kleerma- ker zou zijn voor het maken van een echt kaki uniform met bijpassende baret. Voordat we hier ruim 65 jaar geleden aan toekwamen, veroorzaakte ik na de ontscheping van de Waterman en onderbrenging in doorgangskamp Tandjong-Oost rond dat groene tropenuniform een incident dat mij lang is blijven achtervolgen. Bij het inleveren in Amersfoort van rijks- eigendommen als sokken, handschoenen en een zakmes om te kunnen afzwaaien als militair, hield de daarvoor betrokken officier plotseling beschermend een hand voor zijn oor. In mijn conduitestaat stond vermeld dat ik een driftig type was, dat na de ontscheping van de troepen op het ss Waterman in het doorgangskamp Tandjong-Oost had geprobeerd een staking te organiseren. Dit omdat onze commandant voor onze voor de Vaartuigendienst


bestemde groep niet wilde meewerken aan het inschake- len van baboes voor het wassen en strijken van onze vuil geworden groene tropenuniformen. Op de Waterman was men daar niet aan toegekomen. Als onderzoekend type had ik alras het doorgangskamp verkend. Daarbij had ik een neus optrekkende majoor ontmoet, die vond dat mijn van zweet doortrokken groene tropenuniform erg toe was aan een frisse was- beurt. Met andere woorden: ik stonk een uur in de wind. “Vertel je commandant dat onze baboes door de overheid worden betaald en graag jullie uniformen wassen en strij- ken”, luidde het advies van de majoor. Helaas wilde onze tijdelijke commandant mij nauwelijks te woord staan. Hij stond op het standpunt dat wij het wassen en strijken van onze kleding zelf moesten betalen, terwijl de majoor met nadruk had gezegd dat dit niet het geval was. We hadden trouwens ook nog geen Indisch geld. Helaas bleef ik de volgende dag als enige soldaat bij mijn weigering om niet op het appel te verschijnen. De commandant liet mij ver- volgens door de Militaire Politie oppakken en tijdelijk opsluiten in de oude Glodok gevangenis in de beneden- stad van Batavia. Langer dan een week heeft die detentie niet geduurd. Langer gestrafte militairen vertelden mij boeiende verhalen. Poncke Prinsen heb ik niet in Glodok ontmoet. Die vertoefde blijkbaar in een andere gevange- nis. Een goede tip van deze gevangenen was om op de vraag naar mijn geloof ‘moslim’ te antwoorden. “Dan mag je om steeds binnen te kunnen bidden bijna de hele dag je cel verlaten.”


JANUARI-FEBRUARI 2014 23


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64