This page contains a Flash digital edition of a book.
To the Point


In To the Point kunt u kort en bondig uw mening kwijt. De redactie behoudt zich het recht voor brieven te redigeren en in te korten. Helaas kunnen slechts enkele van de vele brieven die binnenkomen worden geplaatst. Brieven kunt u sturen naar: Checkpoint, brievenrubriek To the Point, Postbus 1091, 6501 BB Nijmegen of (o.v.v. uw huisadres) tothepoint@veteranen.nu.


Srebrenica


Ik ben adjudant b.d. en heb in mijn diensttijd met meer dan tien bataljons- commandanten in een Bataljonsstaf gewerkt. Ik ben bij kolonel Brantz en bij kolonel Karremans in Srebrenica werkzaam geweest als bataljonsadju- dant. Ik ben van mening dat Brantz (zie Checkpoint 5-2015) rustig mag stellen: ‘Ik voetbal beter dan Karremans’, maar hij hoeft geen enkele andere comman- dant de maat te nemen.


J.C. Jager, Assen


Kind van de Koude Oorlog (2) Graag reageer ik op de ingezonden brief (Checkpoint 5-2015) n.a.v. het artikel over mijn ervaringen bij de inlichtin- gendienst. Ik weet niet hoe het er in de tijd van dhr. Voesenek, eind jaren zes- tig, in Polen aan toe ging. Evenmin kan hij mijn werkperiode van begin jaren tachtig beoordelen. Er was weliswaar sprake van teloorgang van het War- schau Pact, zoals hij stelt, maar evenzo van de enorme wapenwedloop uit het tijdperk Reagan/Weinberger vs. wat zij noemden: the evil empire. De behoefte aan inlichtingen was onverminderd groot. Steun van ambassadezijde? Inte- gendeel, ik heb mijn positie een paar keer moeten verdedigen, onder meer omdat een ambassadeur het ‘irritant’ vond dat hij een brief van de Poolse autoriteiten kreeg en van mening was dat ik daarom maar weg moest. Lei- dinggevenden van de luchtmachtstaf hebben dat voorkomen. Mijn voor- ganger moest onverhoopt het land uit en werd door ambassadeleden als een paria behandeld. Dat een dekmantel enigszins belachelijk was, moet Voe- senek mij niet aanwrijven, want dat had ik niet zelf verzonnen. Dat kwam mogelijk uit de koker van de toenma- lige BVD, die zich nogal nadrukkelijk met de plaatsing bemoeide. Voesenek zegt nooit levensbedreigende toestan-


75 jaar geleden. 10 mei 1940. Duitse troepen vallen Nederland binnen. Er volgen vijf dagen van strijd. Vijf dagen die een inktzwarte bladzijde in onze recente geschiedenis vormen. Nederland capituleert snel, maar niet zonder slag of stoot. Wie staan er bovenop de muren van de vesting om de vijand buiten te houden? Hoe zien ze eruit? Wat maken ze allemaal mee? Wat voelen ze, wat denken ze en hoe kijken jaren later op terug?


Militaire ooggetuigen. De strijd in mei 1940 voert ons terug naar die vijf dramatische oorlogsdagen en werpt licht op indringende ervaringen van hoofdrolspelers aan Nederlandse zijde: de militairen die langs de Maas, in de Peel-Raamstelling, op ‘de Greb’, in Rotterdam, rond de vliegvelden van Vesting Holland, in de lucht en op tal van andere al vergeten plekken vergeefs vechten voor de vrijheid van het Koninkrijk.


Tientallen verhalen van meidagenveteranen hebben 70 jaar later een blijvende plek gekregen in de digitale Interviewcollectie Nederlandse Veteranen van het Veteraneninstituut. Ingeleid door de bekende historicus Christ Klep vertelt Gielt Algra, onderzoeker van het Veteraneninstituut, het verhaal van mei 1940 met behulp van die interviews opnieuw.


Geen tactische en strategische fijn proeverij, geen diepgravende morele verhandelingen, geen hogere politiek. Wel verhalen van gewone mannen met uiteenlopende oorlogservaringen, soms samengebald in een paar uur die beslissen over leven en dood. Over moed, kameraadschap en vastberadenheid, maar ook over angst, twijfel en berusting. Militaire ooggetuigen: levende geschiedenis in optima forma.


INTERVIEWCOLLECTIE NEDERLANDSE VETERANEN Gielt Algra


Temeer omdat mijn neef, de zoon van mijn vaders broer, toen is gesneuveld. Ik meen nog geen 20 jaar oud… Geen geld voor zo’n aangrijpend, voortreffe- lijk uitgevoerd en prachtig geïllustreerd boekwerk!


B.A. Kooistra, Steenwijk


Veteranen motorrijders Graag willen wij aandacht voor een brief die wij aan de NPO hebben geschreven n.a.v. de live-uitzending


40 JULI-AUGUSTUS 2015


den te hebben meegemaakt en insinu- eert James Bond-achtig optreden. In mijn tijd reed een Brits team volko- men legaal over de openbare weg, op geruime afstand van een militair object in aanbouw. Zij werden onverhoeds beschoten en kwamen met kogelgaten in de auto terug. Dat noem ik bepaald levensbedreigend. Een incident zoals dat waarbij chef-adjudant Mariotti om het leven kwam, is mij een paar maal overkomen. Mariotti was geen cowboy, maar een vakbekwame en bedacht- zame collega. Het waren andere tijden, meneer Voesenek. En andere spelers.


Dirk A. de Paus, Vierhuizen


Militaire ooggetuigen. De strijd in mei 1940


Onlangs mocht ik het ter gelegenheid van vijftien jaar Veteraneninstituut verschenen boek over de strijd in de meidagen ontvangen. Ik heb het nog niet uit, maar nu al bericht ik u onder welgemeende hartelijke dankzeg- ging dat het mij met hart en ziel pakt.


‘Ik schoot die Duitsers te barsten!’ Militaire ggetuigen


de strijd in mei 1940


van Veteranendag op NPO 2. De brief luidt als volgt: ‘Een van de deelne- mende groepen veteranen aan het defilé was een delegatie van de Neder- landse Veteranen Motorrijders. Het, tijdens de uitzending van de beelden, in journalistieke vrijheid uitgesproken commentaar door militair historicus Christ Klep, was geen feitelijk com- mentaar, maar een persoonlijke mening en eigen interpretatie van het beeld. Wat u en ik zagen was in werkelijkheid een groep van 25 Nederlandse vetera- nen motorrijders die zich met hart en ziel hebben ingezet voor het doel en de uitzending waarvoor ze door de Neder- landse overheid zijn uitgezonden naar brandhaarden op de wereld. De militair historicus Christ Klep zou het daar op Veteranendag, de dag waarop de individuele veteraan geëerd wordt voor zijn inzet voor vrede en veilig- heid waar ook ter wereld, niet moeten afdoen met: “Men heeft besloten om een gedeelte van de motorrijders mili- taire uniformen aan te trekken om zo de discussie over de colors te omzei- len” en “Ik kan van hieruit niet zien wie van de motorrijders nu tot deze clubs behoren.”


Een poldermodel? De Stichting Neder- landse Veteranen Motorrijders (SNVM) heeft er zelf voor gekozen om dit jaar in militair uniform (het zgn. GVT) met baret van uitzending aan het defilé deel te nemen! Bijzonder betreurenswaardig is het dat een stigmatiserende negatieve beeldvorming tegenover alle motor- rijdende veteranen door dit persoonlijk commentaar van een militair historicus in de slechte zin van het woord alleen maar bekrachtigd wordt. Journalistieke vrijheid of niet: dit hoort niet! Zijn commentatoren bij liveverslagen/ -uitzendingen er niet juist om de juiste informatie door te geven van wat in beeld wordt gebracht: de door het beeld trekkende groepen militairen? De historicus Klep heeft zich nog nimmer bij ons gemeld om te vernemen hoe de vork nu in de steel zit. Wij hadden de heer Klep dan kunnen melden dat veteranen motorrijders veteranen zijn die trots zijn op hun uniform en hun verdienste in het belang van het land. Deze veteranen zijn daarnaast ook ver- bonden met hun motor, die hen een rustmoment in een (vaak) (uitzonder- lijk) turbulent leven geeft. Dat is wat deze groep veteranen tijdens het defilé ook duidelijk heeft willen laten zien. Het Nederlandse publiek langs de route begreep dit, blijkens het applaus dat


Militaire ooggetuigen de strijd in mei 1940 Gielt Algra


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65