This page contains a Flash digital edition of a book.
ad, maar het begint op steeds len’


ganger, de doorstroming in de stad ver- beteren en de wachtlijsten voor een par- keervergunning verkorten.”


“Deze zomer gaat de Michiel de Ruijter- tunnel achter het Centraal Station open, en kort daarna de fi etstunnel. Hiermee investeren we in een goede doorstro- ming van autoverkeer van oost naar west.”


“Er zijn bijna geen straten in de binnen- stad waar je zowel de voetganger, als de fi etser, als het OV, als de auto in één straat voldoende ruimte kunt geven. Te vaak wurmen al deze weggebruikers zich nu nog door de smalle straten. Dat zorgt ervoor dat het verkeer regelma- tig vaststaat en het leidt op een aantal plekken echt tot onveilige situaties. Dat betekent dat we keuzes moeten maken. We onderzoeken nu de mogelijkheid om een groter deel van de binnenstad au- toluw te maken. Daardoor verbetert de bereikbaarheid, ook voor de auto.”


“De doorstroming van de A10 bij de Zuidas staat al een tijd onder druk. Met de verwachte groei van het wegver- keer zou niet alleen de bereikbaarheid van de economisch belangrijke Zuidas in het geding komen, maar ook de be- reikbaarheid van bestemmingen in de omgeving, zoals Schiphol en de hele Metropoolregio. Die groei zien we ook op het spoor en in het Amsterdamse OV-netwerk. Station Zuid wordt in het spoornet en het stedelijk OV veel be- langrijker en zal zich ontwikkelen tot de tweede toegangspoort van Amsterdam. De metro van de Noord/Zuidlijn landt er aan, er gaan meer treinen stoppen dan nu. De vernieuwde Amstelveenlijn ein- digt er straks. Het ontwerp van het hui- dige station kan al die extra in- en uit en overstappers niet accommoderen.


Niets doen is geen optie. Het aanvan- kelijke plan om alles te overkappen en projecten te ontwikkelen bovenop het dok was, zeker gegeven de economi- sche omstandigheden, niet haalbaar. De toegevoegde waarde van het huidi- ge dokmodel is er wel degelijk. Door het ondergronds brengen van de A10 ont- staat meer ruimte. Ruimte die er anders niet was geweest. Ruimte, niet alleen om de A10 zelf te verbreden van vier naar zes rijbanen, maar ook om tram- haltes op het dok aan te leggen. Ruim- te voor een tweede passage in het sta- tion en daarmee ook ruimte voor meer winkels, meer leven en meer groen in de herwonnen openbare ruimte op het dok. De weg zal een stuk minder hoorbaar zijn en dat biedt weer perspectief voor wonen op de Zuidas.”


“Het oorspronkelijke idee was om de NZ-lijn door te trekken naar Amstelveen. Uitgebreid onderzoek heeft echter laten zien dat dit 800 miljoen euro zou gaan kosten en het nauwelijks extra vervoer- waarde creëerde. Het huidige plan kost 300 miljoen en levert bijna net zo veel op. Wél verkennen we op dit moment de mogelijkheden voor andere uitbreidin- gen van het metronet, zoals een Oost- West verbinding en een lijn tussen Am- sterdam en Schiphol.”


“Amsterdam-Noord groeit razendsnel. Dat zie je terug op de ponten over ‘t IJ. Vooral tijdens de spits is het daar drin- gen geblazen. We zetten nu al extra ve- ren in en de Noord/Zuidlijn vormt straks een mooie verbinding. Maar we zijn on- langs ook gestart met een verkenning naar een nieuwe verbinding over het IJ, vooral gericht op de fi ets. We heb- ben Amsterdammers en andere partij- en gevraagd om met voorstellen te ko- men. Daar zijn 77 verschillende ideeën


gekomen voor een verbinding. Van tun- nels tot kabelbanen. We onderzoeken nu nog de technische en fi nanciële haal- baarheid. Mochten we uiteindelijk be- sluiten dit te doen, is het natuurlijk een bijzonder project. Ook voor de markt.”


“PPS zie ik als een mooie manier om bedrijfsleven en overheid samen te la- ten komen en gezamenlijke waardevolle projecten te realiseren. Zeker nu er min- der geld is, een interessante optie om te verkennen. Bijvoorbeeld bij de aanleg van nieuwe metrolijnen in de toekomst. Lagere budgetten dwingen ons tot het zoeken naar creatieve oplossingen. Dat lukt ons aardig. Wel moeten we, met het Rijk, kritisch kijken hoe we de komen- de tijd daar investeren waar dit ook het hardst nodig is. En we hoeven als over- heid niet alles zelf te doen. Als het door de markt beter en goedkoper kan, moe- ten we het vooral aan de markt overla- ten.”


REAGEREN?


Mail naar info@otar.nl Nr.4 - 2015 OTAR


O Nr.4 - 2015TAR 29


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54