search.noResults

search.searching

dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
Moeder van de compagnie Kapitein b.d. Herman Koek (67) werd in 1981 als beroeps-


vulling’


plaatjes van een kerk, een kratje bier en allerlei andere alledaagse Nederlandse voorwerpen en situaties. Alle- maal bedoeld om een gesprek op gang te brengen over bijvoorbeeld religie of alcoholgebruik. Want lezen en schrijven lukt deze nieuwkomers vaak nog wel, maar een gesprek voeren in het Nederlands blijkt een stuk lastiger. Uit de pilot is gebleken dat de taalbijeenkomsten met veteranen een toegevoegde waarde hebben. “Zowel de betrokken leerkrachten van het ROC als de deelnemers waren erg enthousiast over het bereikte resultaat. Voor de deelnemers hadden de lessen nog verder mogen gaan”, vertelt Hoogendoorn enthousiast. “Het ROC was verrast door onze aanpak en ziet het bereikte resultaat als een welkome aanvulling op lessen die al gegeven worden in het kader van de inburgeringscursus.”


Kleine groepen De deelnemers, afkomstig uit Syrië, Irak, Pakistan en


Afghanistan, deden vrijwillig mee aan de pilot en waren gemiddeld twee tot drie jaar woonachtig in Nederland. Sommigen hadden een baan of deden vrijwilligerswerk. Zij namen ruim een jaar deel aan de inburgeringscursus van het ROC en waren in staat gesprekken te begrijpen en te voeren. Koek: “Die gesprekken gingen over alledaagse situaties, gewoontes en gebruiken, overeenkomsten en verschillen.” De veteranen en hun partners kijken er positief op terug. “Je kunt zo een kleine bijdrage leveren aan de verdere integratie van mensen die hun uiterste best willen doen voor een volwaardig en zinvol bestaan binnen onze samenleving. Het bespreken van normen en waarden wordt bijzonder op prijs gesteld door alle partijen. En dat doet goed”, aldus Hoogendoorn. Volgens hem maak je als veteraan bewust en onbewust gebruik van de kennis en ervaring opgedaan als militair. Koek bevestigt dat. “Als Libanonveteraan ken ik de gewoontes en gebruiken uit de Arabische wereld. En dat praat een stuk makkelijker.” Dat is ook de insteek van de NOV, partner van het ROC in deze pilot. “Veteranen heb- ben in hun opleidingen en door hun uitzendingen kennis en ervaring opgedaan met diverse culturen, religieuze groeperingen en kunnen zich daarom goed inleven in hoe mensen uit andere landen denken en doen. Veteranen kenmerken zich ook door hun maatschappelijke betrokkenheid.”


Herman Koek in Libanon. Foto: Jan Leenslag


onderofficier uitgezonden naar Libanon, waar hij als com- pagnies sergeant-majoor – “de moeder van de compagnie” – bij de A-compagnie werkzaam was. “Ik ben voor deze uit- zending, van de dag dat we in het vliegtuig stapten, tot het moment dat ik aan het einde van mijn uitzending weer voet op Schiphol zette, tijdelijk bevorderd geweest tot sergeant- majoor.” Koek noemt zijn uitzending een onvergetelijke tijd, maar benadrukt dat hij als beroeps na thuiskomst zijn ver- haal kwijt kon bij collega’s op de kazerne. Dit in tegenstel- ling tot de dienstplichtigen, over wie hij lovend is. “Samen met hen hebben we ervoor gezorgd dat de bevolking in ons gebied veilig en voor zover als mogelijk ongestoord haar leven kon lei- den. Tot op de dag van vandaag heb ik nog zeer goede kameraad- schappelijke contacten met een aantal dienstplichtige makkers uit die periode.”


Boegbeeld van het bataljon Luitenant-kolonel b.d. Evert


Hoogendoorn (66) was in 1994 – toen in de rang van majoor – plaatsvervangend commandant van Dutchbat 2. “Ik ben in Srebrenica bijna een maand waarnemend commandant geweest omdat de commandant op studie- verlof in Nederland was en geen clearance kreeg. Net een week voor de overdracht kwam hij terug. Je wilt niet weten hoe vaak ik heb gedacht: ik had Karremans kunnen heten. Het had mij, het had ons, ook kunnen gebeu- ren. Wat had ik gedaan?” Volgens zijn echtgenote Els heeft de uitzending hem gevormd. “En nu hij met pensioen is, komt dat er steeds meer uit. Het heeft een enorm stempel op hem gedrukt en op mijzelf ook.” Hoogendoorn: “Ik kwam drie dagen achter elkaar op het Journaal, omdat er zeventig man gegijzeld waren en ik op dat moment het boegbeeld van het bataljon was. Het laat je niet meer los, nooit meer.”


Veteranen gezocht! Voor de nieuwe groepen die starten in Emmeloord,


Leeuwarden en de regio Ede/Arnhem/Veenendaal wordt nog gezocht naar veteranen (eventueel met partner) die zich als vrijwilliger in willen zetten voor inburgeraars (met name in Emmeloord). Het gaat om vijf à tien lessen van anderhalf uur op basis van vrijwilligersvergoeding. De veteranen maken gebruik van bestaand lesmateriaal en starten met een voorlichtingsmoment. Ben of ken jij een veteraan die zijn/haar ervaring in wil zetten om inbur- geraars te helpen integreren? Neem dan contact op met Herman Koek (regio Emmeloord én regio Leeuwarden): 06-41626787, hermankoek@gmail.com of Evert Hoogendoorn (regio Ede/Arnhem/Veenendaal): 0318-637998, everthoogendoorn@hotmail.com.


maart 2018 51


Waarnemend commandant Evert Hoogendoorn en minister van Defensie Joris Voorhoeve in Srebrenica: Foto: privécollectie Evert Hoogendoorn


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65