This page contains a Flash digital edition of a book.
Wie doet wat?


De opdracht is gegund aan BESIX die zowel op prijs als kwaliteit als winnaar uit de bus kwam. BESIX is hoofdaannemer voor het ontwerp en de bouw. Voor de elektrotechnische en bewegingswerken wordt EGE- MIN ingeschakeld en Aelterman zal de stalen hefschuif en de stalen ko- kerligger voor de brug uitvoeren. De bureaus Lievense CSO, IV-Infra, Sol- tegro, Quist Wintermans Architecten en Karres en Brands landschapsar- chitecten maken het ontwerp.


Naast de bouw is BESIX dus ook verantwoordelijk voor de fi nanciering van dit project en het onderhoud van de oude sluis gedurende de bouwfa- se en van de nieuwe sluis gedurende 30 jaar hierna. Voor het onderhoud richten BESIX en EGEMIN samen een vennootschap op. De fi nancie- ring gebeurt via een speciaal op te richten projectvennootschap (SPC) waarvan BESIX en Rebel de aan- deelhouders zijn.


aan de voorkant dat gesprek voor no- dig. De risico’s die wij zien, betreffen voornamelijk het daadwerkelijk functio- neren van de keerschuif op momenten dat dit noodzakelijk is. Maar ook risico’s die stremming van de scheepvaart kun- nen veroorzaken. Op deze onderwerpen zijn wij in een serie dialooggesprekken met de resterende vijf kandidaten die- per ingegaan. Op basis van de door ons gevraagde risicobeheersplannen heb- ben we opnieuw een sleetje gemaakt. Wij hebben vervolgens nog verder inge- zoomd met drie partijen op de risico’s die wij rond het project zien. Uiteinde- lijk is daar één plan uitgekomen met één prijs.”


eerste fase dialoog. Daar zijn twee par- tijen bijgeloot, zodat Rijkswaterstaat dus met vijf partijen de dialooggesprek- ken aanging. Deze partijen hebben ver- volgens elk een risicobeheersplan op- gesteld, dat door Rijkswaterstaat is beoordeeld. De drie beste partijen die daaruit voortkwamen, zijn doorgegaan in de tweede-fase-dialoog en hebben tenslotte afzonderlijk een aanbieding gedaan.


Risico’s Vonck: “Tijdens de dialooggesprekken stonden vooral de risico’s centraal die wij tijdens de bouw verwachten. Tech- nisch-inhoudelijk zijn veel bedrijven in staat zo’n keersluis te bouwen, maar wij vroegen de partijen duidelijk aan te ge- ven op welke manier zij dachten die ri- sico’s te gaan beheersen. Daar heb je


Veel ervaring Op de vraag of De Koning meent dat BESIX de opdracht heeft gekregen om- dat het bedrijf al veel werk voor Rijks- waterstaat aan de Maasroute heeft ge- daan, antwoordt hij ontkennend. “Maar natuurlijk hebben wij de ervaringen die daarmee zijn opgedaan, goed kunnen gebruiken voor onze offerte. Maar waar wij ook van hebben geprofi teerd, is de DBFM-ervaring die wij bij projecten op het droge hebben opgedaan. Wij heb- ben aan diverse tenders meegedaan en zitten in het consortium dat verantwoor- delijk is voor de bouw van de Tweede Coentunnel. De ervaring daar heeft ze- ker zijn vruchten afgeworpen. De Coen- tunnel is een complex traject, niet alleen qua infrastructuur maar ook wat betreft elektrotechnische installaties.” De Ko- ning legt uit dat BESIX een belangrijke rol heeft gespeeld in het aantonen dat al die installaties samenwerken tot het gewenste resultaat en met een bepaal- de betrouwbaarheid. “Dat was voor een tunnel met 50 deelsystemen een com- plexe zaak. Iets dergelijks, zij het iets minder complex, speelt ook bij Lim- mel en ook daarvan moesten wij de be-


trouwbaarheid aan kunnen tonen. Daar- voor hebben we gebruik gemaakt van de specifieke kennis van EGEMIN. Dit bedrijf kenden wij van de keersluis Heu- men waar een gelijksoortige betrouw- baarheidsvraag speelde. Ook voor dit project leverde Aelterman overigens de stalen hefschuif.” Op dit moment is BE- SIX bezig met de renovatie van de Vel- sertunnel. De Koning: “Daar spelen wij ook een belangrijke rol in het elektro- technische ontwerp en zowel bij de Vel- sertunnel als de Coentunnel hebben wij daarvoor Soltegro aangetrokken. Sol- tegro begeleidt in feite het ontwerppro- ces van de elektrotechnische installaties waarbij het aantonen van betrouwbaar- heid gedurende het hele ontwerp staps- gewijs wordt opgebouwd.”


Juiste partners Als succesfactor voor het binnenhalen van het project keersluis Limmel bena- drukt De Koning de keuze van de juiste partners. “Kijk bijvoorbeeld naar de in- breng van EGEMIN bij het grootste risico binnen dit project: het falen van de keer- sluis. Alles is erop gericht dat hij dicht gaat bij een hoogwatermelding. Hij kan natuurlijk op zwaartekracht zakken, maar als de ene kant verder dan andere loopt, komt de kering scheef te staan en loopt hij vast. EGEMIN heeft nu een hydrau- lisch hef- en daalmechanisme toege- past, waarbij, zonder gebruik te maken van meetinstrumenten en dergelijke de deur altijd en gelijkmatig zakt op basis van de natuurwetten. Het is op zich een robuust en innovatief hefmechanisme, maar geheel samengesteld uit onderde- len van bewezen technologie. Bovendien worden zo min mogelijk beweegbare de- len toegepast, waardoor het onderhoud zoveel mogelijk wordt geoptimaliseerd. Daarnaast heeft dit bedrijf de hele auto- matisering rond de bediening op afstand voor zijn rekening genomen.”


Nr.1 - 2015 OTAR O Nr.1 - 2015TAR 33


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54