This page contains a Flash digital edition of a book.
Bron: A-Quin.


CURSUS


De NEN 2767 kan niet geheel in een artikel worden uitgelegd. CMS AssetManagement heeft in samenwerking met de NVDO (Nederlandse Vereniging voor Doelmatig Onderhoud) een ééndaagse cursus ontwikkeld die een verkenning is van deze norm. Auteur Peter Veltmeijer is als docent NEN 2767 verbonden aan het NVDO. De cursus geeft de deelnemer de mogelijkheid om de diepgang en de breedte van de NEN-norm te ervaren en te bepalen wat zijn organisatie er mee kan bereiken.


De NVDO is de belangenvereniging voor de onderhoudsector in Nederland. Zij is aangesloten bij de EFNMS (European Federation of National Maintenance Societies). Binnen de NVDO zijn verschillende secties actief. Voor deze branche is dat de sectie NVDO-INFRA. Het doel van de sectie is het vastleggen, uitwisselen en verspreiden van kennis op het gebied van beheer en onderhoud aan deze assets tussen de beheerders, aannemers, adviseurs en gebruikers. Meer informatie: www.nvdo.nl


de ‘voorkant’ als aan de ‘achterkant’ gemanaged wordt. Op alle niveaus binnen het onderhoud is de informatie uit de con- ditiemeting toegankelijk.


Automatisering Steeds meer wordt automatisering onderdeel van beheer en onderhoud. Als we de relatie leggen tussen de NEN 2767 en de mogelijkheden van automatisering, zien we oplossingen aan twee kanten.


Om een 3-tal redenen neemt het belang van eenduidige inspectieprocessen toe: • Toenemende prestatie eisen: De eisen met betrekking tot beschikbaarheid en betrouwbaarheid worden hoger. Condition Based Maintenance is voor infrastructuur doorgaans de meest effectieve onderhoudstrategie. Er gebeurt dan alleen onderhoud waar en wanneer nodig. Dit vraagt om kennis over risico’s en degradatiegedrag, actueel inzicht en grip op werkopvolging.


• Aantoonbaarheid en transparantie: Inspectie- en conditiegegevens zijn een belangrijk onderdeel van de verantwoording in contractrelaties tussen opdrachtgever en opdrachtnemer. Bij Toezicht en Handhaving vormen inspecties de basis voor rapportage tussen beheerders en toezichthoudende instanties.


• Duurzaamheid: eenduidige conditiegegevens geven inzicht in het statusverloop van de infrastructuur. Op basis hiervan kunnen meerjarenplannen worden geoptimaliseerd op levensduurkosten. De NEN2767-4 is een concreet voorbeeld van een conditiemeting.


De inspectie, de NEN 2767, leent zich uitermate om met ‘slim- me’ software het proces van de inspecteur te vereenvoudi- gen. De beschikbare software in de markt biedt de mogelijk- heid om vooraf het werk van de inspecteur voor te bereiden. Als de inspecteur aan de slag gaat kan hij met ‘slechts’ een pda, tablet-pc of i-pad en fotocamera op pad om rechtstreeks de inspectieresultaten vast te leggen. Met deze rapportages kan hij direct het resultaat en advies aan de opdrachtgever to- nen. Deze inspectiesoftware is ook te gebruiken voor het uit- voeren van de tussentijdse inspecties en metingen vanuit een risico-analyse, als bijvoorbeeld schouw, onderhoudsinspec- ties, NEN 3140 keuringen of inspecties van tijdelijke verkeers- maatregelen.


Het beheer van de NEN 2767 inspectieresultaten en het ver- zorgen dat de vervolgacties ingepland worden, is een taak voor Onderhoudsmanagementsystemen. De inspectie- resultaten zijn immers de basis voor het bijstellen van het on- derhoudsregiem. Integratie binnen de Onderhoudsmanage- mentsystemen wordt steeds meer als een must ervaren om het totaal aan onderhoud te kunnen overzien. De beschikba- re softwaresystemen vervullende de functie van inspectie-tool en beheerstool.


Door de introductie van de NEN 2767-4 gaan veel partijen be- ter nadenken over het belang van goede organisatie van hun inspectieprocessen. Een digitaal inspectieplatform kan daar enorm bij helpen en de kosten reduceren.


FlexInspect is een voorbeeld van zo’n inspectieplatform. Het wordt voor en door partijen als ProRail, Schiphol en Rijkswa- terstaat breed toegepast voor technische- en handhavingsin- specties, prestatiemetingen, audits en keuringen. Nr.2 - 2011 OTAR


OTAR Nr.2 - 2011 23


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52