search.noResults

search.searching

dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
kick’ D


Door: Linde van Deth Foto’s: LooLens fotografie


ion Staring (39) heeft veel mooie wedstrijden gevochten en gewon- nen, dus de mooiste


noemen is lastig. Maar de overwin- ning op de Kroaat Ante Delija in 2013 staat hem nog helder voor de geest. “Deze Kroatische kampioen had nog niks verloren. Hij had álles gewonnen in de eerste ronde. We vochten in de Zagreb Arena voor acht- of negenduizend man. Toen ik opkwam, hoorde ik boegeroep. Toen hij opkwam, ging iedereen uit zijn dak. Hij was de held. Het was een beetje als Rocky tegen Drago in de film Rocky IV”, zegt hij lachend. “In het begin kreeg ik een paar klappen, het bloed stroomde eruit. Maar ik kwam terug in de wedstrijd. Ik bleef doorknokken. Hij werd moe en in de tweede ronde heb ik hem gesloopt. Dat was ook de tactiek. Hem laten komen in de eerste ronde en hem pakken in de tweede. De hele arena was stil, ze wisten niet wat er gebeurde. Ik zette een armklem en toen moest hij opgeven.” Hierbij heeft de veteraan wel wat aan zijn achtergrond bij Defensie gehad: “Het harde werken en altijd door blijven knokken, terwijl je eigenlijk op wil geven. Op je tanden bijten. Ik bleef vertrouwen houden dat er een omslag zou komen.”


Kooivechten Staring begon relatief laat met de


vechtsport. “Ik begon met fitness, maar dat was saai. Het freefighten was eind jaren negentig in opkomst. Dat leek me toen wel wat.” Hij begon wedstrijden te vechten, soms in de ring, soms in de kooi. “Er is geen verschil tussen vechten in een ring of een kooi. Alhoewel een kooi mis- schien wel veiliger is, je kunt niet


‘Bij Defensie leer je om nooit op te geven’


‘Het was een beetje als Rocky tegen Drago in de film Rocky IV’


door de ring vallen en naar beneden donderen. Een kooi ziet er agressie- ver uit, maar het komt op hetzelfde neer.” De sport ontwikkelde zich in de richting van mixed martial arts (MMA), het werd professioneler en de regels werden duidelijker. “MMA is een mix van taekwondo, kickboksen, boksen, judo en worste- len. Je vecht zowel staand als op de grond. Dat het zo compleet is, maakt het leuk. Je moet alle technieken beheersen. Het is trouwens niet zo dat alles mag. Er is een scheidsrech- ter en er zijn regels.” Inmiddels werd hij ook betaald voor een wedstrijd. “In no time stond ik ook in Engeland in de kooi. Ik won, werd meer gevraagd en kon ook meer geld vragen.” Omdat hij toen ook in dienst was bij Defensie moest hij het vechtsporten combineren met zijn werk bij luchtmobiel. “Dat ging wel. Ze vonden het niet altijd even leuk, maar ik deed het in mijn vrije tijd, dus ze konden er weinig van zeggen. Dan vloog ik vrijdag- avond na mijn werk naar Engeland om te vechten en zondag was ik weer terug. Tijdens het opwerken voor een uitzending vonden ze het wat minder leuk. Dat snap ik ook. Ze waren bang voor blessures en wilden met een complete groep op uitzending. De focus moest daar liggen.”


Boksen in Afghanistan Staring was zoekende na school, hij


wist niet wat hij wilde. Hij was net gestart met freefighten en bij Defen- sie kon je aan je conditie werken, sterker worden. Hij koos daarom voor luchtmobiel in Schaarsbergen en haalde in 1999 zijn rode baret. Hij zocht altijd naar manieren om te trainen, ook op oefening of uitzen- ding. “Ik was chauffeur, dus ik kon de laadklep omhoog gooien of me eraan optrekken. Liften met water- cans. Opdrukken. Dat leer je wel in het leger, zoeken naar mogelijkhe- den. Niet denken: het kan niet. Dat is mooi aan Defensie.” In 2003 werd hij uitgezonden naar Kabul, Afghanistan. Hij had het er naar zijn zin en noemt het een bijzondere ervaring. Twee jaar later ging hij naar As-Samawah in Irak. Dat was voor hem anders dan zijn eerdere missie. “Ik was met mijn hoofd bij het vechten, dat wilde ik doen. Ik dacht aan wat ik misliep thuis, ik had ook kun- nen vechten. Toen was ik nog jong. Het kooivechten begon net goed te lopen. Ik kon in Irak wel fitnessen en hardlopen, maar ik kon het vech- ten niet trainen. Er was niemand. In Afghanistan wel, daar waren een paar jongens om mee te boksen. Zo hielden we elkaar een beetje scherp. Daar hebben we ook keer een par- tij gebokst. Scheidsrechters erbij, tachtig man publiek, die vonden het prachtig. Dat was heel leuk.”


Winnen Na Irak kreeg hij een baan in de


werving en selectie. Daarin had hij veel vrijheid om ook aan zijn vechtsportcarrière te werken, maar in 2010 besloot hij toch te stop- pen bij Defensie om er vol voor te


januari-februari 2018 53


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65