search.noResults

search.searching

dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
Column Checkpoint Barry Grimlach


Granaatstraat nr. 13 Elke avond van 21:00 tot 22:00 Russisch Roulette Uw gastheren: …


Dat stond op een zelfgemaakt bord dat we buiten onze tent hadden gezet. Humor als overlevingsmechanisme, als flinterdunne barrière tussen onszelf en de werkelijkheid. “Het is hier ver- domme geen oorlog!”, was een gevleu- gelde uitspraak bij ons op het kamp, ter- wijl op de achtergrond de geweerscho- ten en ontploffingen klonken. Hij was afkomstig van onze compagniescom- mandant. Toen in en rond Busovav


ca Humor als


bescherming van de ziel


de pleuris uitbrak en wij niet wisten hoe dit voor ons zou gaan uitpakken, ging een aantal van ons over tot het aan elkaar tapen van de twee magazijnen die we bij ons droegen. Voor het geval dat… Deze voorbereidingsdaad met een zweem van passieve agressie werd ons niet in dank afgenomen en op zekere dag tijdens het ochtendappel liet de compagniescommandant ons dat in niet mis te verstane woorden blijken. Kap- pen met die Rambo-shit (mijn woorden, niet de zijne). Zo gezegd, zo gedaan, en achteraf kunnen we de beste man dankbaar zijn voor de vele momenten van pret die hij ons onbedoeld met zijn uitspraak heeft bezorgd. Want een mens moet wat – de boog kan niet altijd gespannen staan – en het ging nog wel even duren voordat het alle dagen zon- dag en kermis in de week zou worden in Bosnië en omstreken. Soms is een lach alles wat een mens heeft om zichzelf te beschermen tegen de waanzin om hem heen en de onmacht in hemzelf. Humor is een uitstekend middel om dingen die het verstand te boven gaan op een afstand te houden, een prima kapstok om onge- loof en verbazing aan op te hangen. Het betrof de beschieting van de moskee in het dorp. In de dagen en weken daar- voor had de Moslimbevolking er al ste- vig van langs gehad. Huizen werden in


brand gestoken en beschoten vanuit de heuvels achter ons kamp. Lichtspoor- munitie vond haar dodelijke weg over onze hoofden en wij filmden en maak- ten foto’s. Iemand zong Welcome To The Jungle van Guns ’n Roses. Een tractor reed voorbij. Op de kar erachter zat een groep mannen, hun handen gebonden. Later die week, tijdens een korte rit naar ergens in de buurt, zag ik een groep mannen die gaten stond te graven onder bewaking van een aantal gewapende mannen. Ik weet niet of het de mannen waren die ik op de kar had zien zitten, maar het was niet moeilijk om voor te stellen wat daar gebeurde. Hoe dan ook, ergens in die periode probeerde de plaatselijke imam de draad weer op te pakken en uit de speaker van de moskeeminaret schalde een gebed. Du-du-du-du-du-du-du-du-du-du-du… Machinegeweervuur was het antwoord. Zo ging het een paar keer achter elkaar als ik het me goed herinner, waarna er nooit meer een gebed heeft geklonken. Ik moest erom lachen. Het was gewoon het zoveelste moment van verbazing, en ergens keek ik er niet meer van op. Het kwam op me over als een macabere sketch metMonty Python-achtige kwa- liteiten – het absurde van de situatie bedoel ik, met humor had het niets te maken. Het was zo’n moment dat me achteraf deed beseffen dat ik weer een beetje meer aan de oorlog was gewend als zijnde de realiteit van alledag, een gege- ven, een natuurverschijnsel dat niet los te zien is van de mens en zijn driften. Mijn enige verdediging op dat moment was die lach. Wat mijn kogelwerend vest en mijn helm voor mijn lichaam waren daarginds in Bosnië, dat was de – al dan niet zwarte – humor voor mijn ziel: bescherming, maar wel tot op zekere hoogte. Want toen ik na zes maanden weer voet op Nederlandse bodem zette, kon ik nergens meer om lachen.


Barry Hofstede maakte van november ’92 tot mei ’93 als dienstplichtig chauffeur deel uit van het 1e NL/ BE VN Transportbataljon in Centraal-Bosnië, waarna hij tien jaar nodig had om die periode enigszins een plek te geven. Sinds 2002 ontplooit hij zich als (toneel)schrijver. Hij schrijft over uiteenlopende zaken, maar oorlog en veteraan zijn in Nederland zijn terugkerende thema’s in zijn werk. In 2013 ver- scheen zijn boek NL-Peacekeeper. Daarnaast is hij hartstochtelijk muziekliefhebber. Hij denkt nog iedere dag aan wat hij heeft gezien en meegemaakt tijdens zijn uitzending.


januari-februari 2018 13


Foto's: Erik Kottier


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65