This page contains a Flash digital edition of a book.
in het tracé van de toekomstige tunnel. Onderzocht is op welke manier de ver- legging zouden kunnen plaatsvinden. Hierbij zijn de volgende alternatieven en onderzocht: 1. Integratie van de KBL met het dak van de tunnel.


2. Integratie van de KBL met de vloer van de tunnel.


3. Alle KBL om de tunnel heen leggen. 4. Alle KBL middels gestuurde boringen onder de tunnel doorvoeren.


Beoordeling alternatieven De alternatieven zijn beoordeeld op de aspecten verleggingskosten, het risico van onderbreken van de leveringsze- kerheid van KBL en de relatie met- en de impact op- de tunnelbouwopgave. De ligging van de KBL-bundels is afge- zet tegen de fasering en logistiek van de bouw van de tunnel. Hieruit kwam naar voren dat integratie van de tunnelbouw met de KBL verleggingsopgave slecht scoorde vanuit het oogpunt van kosten en bouwtijd. Het bouwen van een tunnel is naast een technisch vraagstuk, vooral ook een logistieke opgave, waarbij con- tinuïteit van de werkstroom belangrijk is. Het integraal oppakken van de tunnel- bouw in de KBL-opgave kwam als een ongewenst tijd- en geldrisico. Het KBL- pakket om de tunnel heen leggen was ook niet kosteneffectief en vroeg meer ruimte dan beschikbaar was. Verleggen van de KBL middels gestuurde boringen kwam als meest kosteneffectieve oplos- sing met de kortste doorlooptijd naar voren. Door dit uit te voeren voor de start van de tunnelbouw werd een sub- stantiële risicoreductie van de aspecten tijd en geld voor de bouwopgave van de tunnel bereikt.


Gekozen aanpak


Uit oogpunt van risicobeheersing is in januari 2013 door RWS besloten de ver- leggingsopgave van de Gaasperdam- mertunnel voorafgaand aan de bouw van de tunnel uit te voeren. Op basis van de projectplanning is toen gesteld dat het tunneltracé op 31 december 2014 vrij zou moeten zijn van in gebruik zijnde KBL. Een ambitieuze, maar ook inspirerende en uitdagende opgave, die met een op de opgave toegesneden aanpak tot een goed einde te brengen leek.


Projectorganisatie De totale bouwsom van de opgave is geschat op enkele tientallen miljoenen euro. Bij de opgave waren circa 200 verleggingen van 12 verschillende lei- dingbeheerders met een totale lengte van circa 30 km aan de orde. Daarnaast speelden er issues als een veelheid aan raakvlakken, weinig ruimte, een veel- eisende beheerder van de openbare ruimte waarin het werk moest worden uitgevoerd en een relatief korte ont- werp- en realisatietijd. Rijkswaterstaat (RWS) heeft daarom in overleg met de betrokken leidingbeheerders besloten tot een integrale aanpak van de opga- ve. Het projectmanagement is daarbij door RWS verzorgd. De betrokken be- heerders hebben hun technische kennis en vaardigheden ingebracht en deelpro- ducten gemaakt.


Externe inhuur RWS heeft ook externe capaciteit in- gehuurd. Zo is Adviesbureau Schrijvers aangetrokken voor het ontwerpen van de gestuurde boringen en het adviseren over de combinaties die mogelijk waren. GoconnectiT is ingehuurd voor het uit- werken van alle nieuwe tracés in onder- linge samenhang, de boorcombinaties en de eisen vanuit de openbare ruim- te. Daarnaast heeft het Ingenieursbu- reau van de gemeente Amsterdam (IBA) een bijdrage geleverd door het verzor- gen van alle maaiveldaspecten, de ver- gunningen, en de afstemming met de beheerder openbare ruimte van Amster- dam Zuidoost. Op basis van de bijdra- gen van de leidingbeheerders heeft IBA ook het geïntegreerde contract gemaakt dat door RWS is aanbesteed.


Werkgroep Er is een werkgroep opgericht waar- in alle betrokken partijen en de exter- ne bureaus zitting hadden. Deze groep kwam tweewekelijks bij elkaar. In deze bijeenkomsten werd vooral aandacht besteed aan de voortgang van de op- gave op hoofdlijnen, het benoemen en verkennen van problemen en het aan- wijzen van probleemeigenaren. De in- houdelijke oplossing van de zaken vond buiten de werkgroep. Alle gemaakte af- spraken ten aanzien van de verdeling van verantwoordelijkheden, tijd, geld en kwaliteit tussen RWS en de KBL zijn in


de Project Overeenstemmingen (POS) vastgelegd.


Met deze aanpak is de werkgroep erin geslaagd in een intensieve samenwer- king in korte tijd (8 maanden) de opga- ve in een contract te vertalen en op de markt te zetten. Deelnemers in dit con-


Nr.7 - 2014 OTAR O Nr.7 - 2014TAR 35


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48