021 Buitenland
Na 74 dagen opgesloten te hebben geze- ten in zij n appartement in Rome, mag dierenarts Henk Jan Ormel sinds 23 mei weer naar buiten. Zij n werk voor de voedsel- en landbouworganisatie van de Verenigde Naties (FAO) doet hij nog wel vanuit huis en staat in het teken van het voorkomen van hongersnood, als gevolg van de lockdowns. “Natuurlij k was het een opluchting dat
we weer naar buiten mochten. Maar je loopt wel met gemengde gevoelens door de stad, omdat je weet dat het virus nog actief is. De Italianen zij n erg voorzichtig. Velen dragen een mondkapje, terwij l dat niet verplicht is. En men is strikt in het afstand houden. Voorlopig zal thuiswerken nog wel het
devies zij n bij de FAO. Momenteel zij n we druk met het geven van voorlichting over hoe er met hygiënische en beschermende maatregelen tóch voedsel geproduceerd en getransporteerd kan worden tij dens deze pandemie. Want door de lockdowns in de verschillende landen stagneert de productie en de aanvoer van voedsel. Nieuw graan is bij voorbeeld in veel lan- den niet op het juiste moment gezaaid. En de voedselinfrastructuur van ‘farm to fork’ staat onder druk. Met name in kwetsbare landen, zoals Jemen, Somalië en Afghanistan, dreigt daardoor acute hongersnood. Wat mij betreft, is dit hét moment om
te kij ken hoe we de voedselvoorziening in de toekomst op wereldschaal gaan inrichten. Je moet het voedsel daar pro- duceren waar dat het meest duurzaam kan. Voorbeeld: om melk te produceren, heb je veel water nodig. Daarom kun je dat beter doen in Nederland en het ver- volgens exporteren, dan het te produce- ren in landen waar ze met watertekorten kampen. Er is in Nederland veel aandacht voor stikstofuitstoot, maar Nederland is heel goed in het innovatief en duurzaam produceren van voedsel. Dat moet wel worden meegenomen in
de discussie over vermindering van de veestapel. We moeten de klimaatcrisis niet alleen in Nederland te lij f gaan, maar op wereldniveau. Neem biologische landbouw. Dat lij kt een duurzaam alter- natief, maar als de opbrengst per hectare
minder is, is het op wereldschaal níet de meest duurzame oplossing.”
Bij MDL-arts en internist Michiel van Nieuwenhoven, afdelingshoofd in het Zweedse Örebro, is recent getest of hij besmet is geweest met het COVID-19- virus. “In twee weken tij d zij n alle medewerkers van het ziekenhuis getest, maar opmerkelij k genoeg zij n er hier weinig besmettingen geweest. Op mij n eigen afdeling, zo’n 35 man, waren nul besmettingen. Als je dat vergelij kt met het Karolinska ziekenhuis in Stockholm is dat erg laag , daar testte een signifi - cant deel van het personeel positief. Dat komt waarschij nlij k doordat bij ons de relatieve piek later was; wij waren beter voorbereid en hadden meer beschermen- de middelen.
‘Wat opvalt, is dat we door de extra
hygiëne veel minder infectieproblemen zien’
De uitgestelde zorg kunnen we nog maar ten dele oppakken, omdat nog steeds zeven leden van mij n team op de corona- afdeling werken. We zij n nu in overleg hoe we de niet-coronazorg na de zomer gaan oppakken als we misschien nog steeds met minder mensen het werk
moeten doen. Want ik verwacht dat we nog lang met COVID-19 te maken hebben. We richten ons nu op e-hälsa (e-health). Met behulp van een app kun- nen verpleegkundigen de patiënten mo- nitoren en beoordelen of ze naar het zie- kenhuis moeten komen. Ik zie dit als een window of opportunity om e-hälsa in te voeren. In Zweden veranderen dingen niet zomaar, dat is weleens frustrerend. Maar COVID leert ons dat processen toch snel ingevoerd kunnen worden.”
Annemarieke Bruinsma, anesthesist in het Noorse Fiskum, laat weten dat in Noorwegen alles terug is naar bij na- normaal: “We draaien weer het gewone ok-programma. We zij n wel meer be- dacht op luchtwegproblemen, gebruiken in voorkomende gevallen beschermende kleding. Maar ik merk dat de focus min- der wordt, mensen worden makkelij ker. De laatste coronapositieve patiënt in de regio was met Pasen, we hebben hier ook niet echt een piek gehad. In ons zieken- huis hebben we geen COVID-19- patiën- ten op de ic gehad. De grootste piek was in Oslo, maar daar is het wel steeds onder controle geweest. Er waren extra ic-pekken gecreëerd, maar die zij n niet nodig geweest. Wat opvalt, is dat we door de extra hygiëne veel minder infectie- problemen zien. We hebben wel meer intoxicaties. Bij patiënten zij n psychia- trische symptomen verergerd door het verminderde zorgaanbod. Ik denk dat Noorwegen tevreden is
<
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76 |
Page 77 |
Page 78 |
Page 79 |
Page 80 |
Page 81 |
Page 82 |
Page 83 |
Page 84 |
Page 85 |
Page 86 |
Page 87 |
Page 88 |
Page 89 |
Page 90 |
Page 91 |
Page 92 |
Page 93 |
Page 94 |
Page 95 |
Page 96 |
Page 97 |
Page 98 |
Page 99 |
Page 100 |
Page 101 |
Page 102 |
Page 103 |
Page 104 |
Page 105 |
Page 106 |
Page 107 |
Page 108