This page contains a Flash digital edition of a book.
WATERBOUW


Afsluitdijk (foto: Rijkswaterstaat).


Met de opknapbeurt voor de Afsluitdijk en de nieuwe zeesluis in IJmuiden heeft Rijkswaterstaat twee mega-waterwerken in de markt gelegd, via zogeheten DBFM- contracten (Design, Build, Finance, Maintain). Maar zijn kwaliteit en waterveiligheid bij marktpartijen in goede handen?


Tot voor enkele jaren was DBFM niet populair in de Neder- landse watersector. In 2003 werd de bouw van rwzi Har- naschpolder (bouwwaarde: 350 miljoen euro) door Hoog- heemraadschap Delfl and uitbesteed aan een consortium met Evides en het Franse Veolia. Dat leidde niet tot navolging bij andere waterschappen. Ten onrechte, vindt Ruijs van DIF, dat ook in Harnaschpolder participeert. “De uiteindelijke kosten waren substantieel lager dan verwacht.” Een verklaring heeft hij wel: “Om voldoende investeerders te interesseren, moeten projecten een zekere schaalgrootte hebben. Ook is er veel lokale support nodig.” Gebrek aan ervaring ziet Ruijs als het grootste struikelblok. “Je moet DBFM in de vingers krijgen. Rijkswaterstaat is er zeer bedreven in, omdat het tal van pro- jecten heeft gerealiseerd.”


Consternatie Van ‘goedkoop’ was in elk geval sprake bij de aanbesteding van de nieuwe zeesluis in IJmuiden. BAM en VolkerWessels legden een bedrag van 350 miljoen euro op tafel en dat was 150 miljoen euro onder het plafondbedrag. Tot consternatie


van Rijkswaterstaat, toen het de enveloppen openmaakte. Het tweede consortium zat honderd miljoen hoger. Bij eerde- re infraprojecten waar voor een heel laag bedrag ingeschre- ven was, raakten de betrokken bouwers in enorme fi nanciële problemen. Na het doorspitten van de plannen kwamen Rijkswaterstaat en bouwconsortium tot de conclusie dat het toch moest kunnen met het ingediende ontwerp en sloeg de consternatie om in tevredenheid over een aantrekkelijke prijs. Niet dus. Het bouwconsortium moest eind 2017 bekend- maken dat er een ernstige fout zat in het ontwerp van de betonnen ‘bak’ voor de sluisdeuren, die in de praktijk niet te realiseren blijkt en opnieuw moet worden ontworpen in een veel sterkere constructie (extra kosten: 100 miljoen euro, te voldoen door de bouwers). Volgens deskundigen was de me- thode met pneumatisch afgezonken caissons toch al risico- vol, omdat er weinig praktijkervaring mee is opgedaan.


De vraag dringt zich op of Rijkswaterstaat bouwers niet prik- kelt om met goedkope, minder doordachte ontwerpen te komen. Als de prijs op tafel ligt en het contract is getekend,


WATERFORUM JUNI 2018 17


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48