search.noResults

search.searching

dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
Ze vochten niet alleen tegen de Duitsers, maar ook tegen de Kro- aten. “Wanneer we iemand zagen lopen met een baard, schoten we hem direct neer. Want die Kroaten moesten hun baard laten staan.” Er werd ook gevochten tegen andere Serviërs, de Chetniks. “Dat waren echte stinkerds!”, zegt Kreel met een grimas. Op enig moment werd de Amsterdammer met een mitrailleur uitgerust. Bij de Duitsers had hij geleerd hoe hij daarmee om moest gaan. “In het begin vertrouwden die Joegoslaven me niet echt, maar nadat ik me bij een aanval van de Duitsers flink verweerd heb, kreeg ik brieven van commandanten en dat soort dingen.”


Na de oorlog Kreel zou ongeveer twee jaar mee-


Henk Kreel met een MP40 bij de Servische partizanen. Foto: privécollectie Henk Kreel


wilden weten wat er aan de hand was. Toen ze hoorden dat ze me wilden doodschieten als spion rie- pen ze dat ik daar veel te jong voor was.” De Engelsen waren betrokken bij de organisatie van de partizanen in Joegoslavië. “Ze wilden natuurlijk in Londen niet hoeven uit te leggen dat er zomaar mensen werden dood- geschoten.” Kreel werd opgenomen bij de par- tizanen van de Derde Brigade.


Nederlandse partizanen


Er zijn meer mensen zoals Henk Kreel. Ongeveer 513.000 Nederlanders werkten gedwongen in Duitsland in het kader van de Arbeitseinsatz. Ze kwamen veelal terecht in dienst van een Duits bedrijf of een Duitse overheidsdienst, waarbij de druk van Nederlandse arbeids-bureaus een grote rol speelde. Mensen die werk weigerden of te laat of niet terugkeerden van verlof, kregen te maken met de Gestapo en riskeerden enkele maanden in een werkkamp. Daarente- gen konden buitenlandse werknemers in Duitsland ook in dienst komen, al dan niet gedwongen, van de Nationalso- zialistische Kraftfahrkorps (NSKK), de Organisation Todt of het Legion Speer. Daar was het werk veelal aangenamer, veiliger, beter betaald en avontuurlijker. Veel Nederlanders in Duitse dienst deserteerden of lie- pen over naar partizanenformaties in de door de Duitsers


16


bezette gebieden. Het gaat hierbij om flinke aantallen waar nooit Nederlands onderzoek naar is gedaan omdat deze mensen door hun Duitse dienstverband vaak hun Nederlanderschap verloren waren. Er zijn sporen van Nederlandse partizanen in Oostenrijk, Servië, Slovenië, Kroatië, Griekenland, Frankrijk, Kreta, Polen, Wit- Rusland, Rusland, Oekraïne en Italië. In Italië waren de Nederlandse partizanen afkomstig uit drie groepen: Nederlandse inwoners van Italië, Nederlandse Enge- landvaarders die in Italië terechtkwamen en Nederlan- ders die overliepen uit Duitse dienst. De totale aantallen in Italië liggen vermoedelijk tussen de 75 en 100 per- sonen, van wie er ongeveer 15 sneuvelden. De meeste gesneuvelden werden niet geïdentificeerd en bleven dus onbekend.


vechten bij de partizanen. Na de oorlog kreeg hij van de partizanen een fiets om mee terug naar Neder- land te gaan. Hij mocht niet in Kova- cica blijven en dus ging hij naar Belgrado. Maar hij had geen geld en geen onderdak. Door Engelsen werd hij op het vliegtuig naar Bari gezet en hij vroeg vervolgens om hulp bij de Nederlandse ambassade in Italië. Hij was daar met een andere Neder- lander die hij had leren kennen. Van de ambassade kregen ze allebei geld. “Van dat geld zijn we naar de hoeren gegaan. Ja, mochten we ook eens een keertje?” Maar op de terug- weg naar het kamp in Bari kreeg hij een ernstig ongeluk. Omdat de tram overvol zat, waren ze op het dak geklommen. In een tunnel werd hij aan zijn hoofd geraakt door


een kabel. Zo kwam hij terecht in een nonnenklooster om te worden verpleegd. Dat klooster was vlakbij Aversa, waar ook een groot vluch- telingenkamp zat. Volgens Kreel is daar het misverstand ontstaan dat de Nederlandse autoriteiten dachten dat hij bij de Italiaanse partizanen had gezeten, want dat had het kloos- ter gemeld.


Geen waardering Uiteindelijk kwam hij met de trein


in Parijs terecht. Via de Nederlandse ambassade moest hij met een vriend aan een stel Amerikaanse vracht- wagens sleutelen. Ze kregen daar volgens Kreel goed voor betaald, totdat de Nederlandse autoriteiten erachter kwamen dat ze fraudeer- den. Midden in de nacht werden ze opgehaald door de Nederlandse politie en meegenomen naar kamp Vught. Dankzij de contacten van zijn vader, die bij de Communisti- sche Partij zat, werd hij vrijgelaten. Later woonde Kreel nog enkele jaren in Joegoslavië. “Ik had het daar goed naar mijn zin en was ook bij de voormalige partizanen goed gezien. Maar op een gegeven moment wilde mijn vrouw weer naar Nederland terug.” Toevallig is de broer van zijn vrouw, Hendrik Gill, ook partizaan geweest. Alleen niet in Joegoslavië, maar in Italië. Net als hij voelt Kreel zich niet gewaardeerd in Nederland. “Ik heb het gevoel dat mijn inzet bij de partizanen nog tot op de dag van vandaag wordt overtroffen door mijn dienstverband als vrachtwagen- chauffeur bij Speer.”


april 2018


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65