This page contains a Flash digital edition of a book.
aak een wel erg roze bril op’


“D66 heeft gevraagd om toekomstverkenning voor nieuwe technieken in mobi- liteit, zoals zelfrijdende au-


to’s. Dit heeft de afgelopen tien jaar een grote vlucht genomen. En het zal alleen maar meer worden: wat betekent dat voor wegen aanleggen, maar ook voor aansprakelijkheid en privacy? Ook gaat het om veel banen. Veel mensen verdie- nen hun geld met auto’s besturen: van taxi’s tot vrachtwagens. Maar het is bre- der: Nederland is een land dat draait op logistiek.”


“Wel ben ik erg blij met aandacht voor het beter benutten van wegen. We bou- wen nu wegen om voldoende capaciteit te bieden op het drukste moment van de dag. Op andere momenten kan die- zelfde weg praktisch leeg zijn. Volgens mij is het slimmer om te kijken hoe we zorgen dat die piek iets minder wordt, waardoor doorstroming in het geheel verbetert. In het algemeen vind ik dat Nederland wel genoeg investeert in we- gen, maar we kunnen dit geld wel effec- tiever inzetten.”


“Het kabinet bezuinigt veel op openbaar vervoer. Te veel. Bus en trein worden duurder, terwijl we juist mensen graag gebruik laten maken van het openbaar vervoer. Openbaar vervoer moet wel ‘openbaar’ blijven. D66 heeft dan juist ook in haar verkiezingsprogramma geld vrij gemaakt om te investeren in het openbaar vervoer. Er kan nog een grote slag worden gemaakt in betere aanslui- tingen van deur-tot-deur. Ook moeten vervoerders onderling beter gaan sa- menwerken. Denk bijvoorbeeld aan het ‘incheckpaaltjesoerwoud’. Soms staan er wel drie verschillende incheck-palen voor je OV-chipkaart. Dat komt het ge-


bruikersgemak voor reizigers bepaald niet ten goede. Ook is er een gelijk speelveld nodig voor de OV-markt, denk aan de stations en de verdeling van de opbrengsten. D66 heeft gevraagd om een quickscan van de Autoriteit Con- sument & Markt om knelpunten in kaart te brengen. In de Tweede Kamer wordt hierover gedebatteerd.”


“Europese grenzen vervagen, maar niet op het gebied van openbaar vervoer. Elk land heeft verschillende standaarden, bijvoorbeeld als het gaat om veiligheid. Dat maakt het spoor onnodig duur. Vlie- gen is vaak goedkoper dan met de trein, internationale reisinformatie is lastig te vinden en niet altijd betrouwbaar. In de jaren vijftig hadden we zelfs meer grens- overschrijdende treinverbindingen dan nu. Het is goed dat er wordt gekeken hoe we het spoorsysteem in Europees verband beter kunnen maken. Daarmee is de reiziger uiteindelijk goedkoper uit.”


“Voor Nederland als doorvoerland is de binnenvaart een belangrijke schakel in de economie. Voor iedereen is ech- ter duidelijk dat de binnenvaart op dit moment in zwaar weer verkeert. Door de crisis is het ladingaanbod afgeno- men, terwijl het aantal schepen nog steeds blijft toenemen, want nog steeds komen nieuwe schepen de werf af en gaan failliete schepen terug het wa- ter in. Hierdoor is de capaciteit van de vloot te groot. Dit is niet makkelijk op te lossen. Mijn partij is terughoudend met overheidsinmenging in een sector, om- dat het marktverstorend werkt, maar we hebben ook oog voor de moeilijke situ- atie in de binnenvaart. Op Europees ni- veau moeten we het overleg daarover voeren. Ook is het belangrijk om het ge- bruik van rode diesel te verminderen.


Gelukkig bieden steeds meer havens walstroom aan. Door stroom af te ne- men aan de kade, hoeven de generato- ren van de schepen niet dag en nacht te draaien. Hierdoor wordt de lucht scho- ner en is er minder geluidshinder. Dat is ook erg belangrijk voor de luchtkwali- teit in het Nederlands kustgebied. Ook is het goed dat we in Europa afspraken maken over de normen op het gebied van luchtverontreiniging. Zo ontstaat een gelijk speelveld, wat goed is voor de Nederlandse industrie.”


“PPS vind ik een positieve ontwikke- ling. Een mooie manier om projecten te financieren en innovatie te stimuleren. Wel zijn goede afspraken nodig. Bij bij- voorbeeld DBFMO-contracten blijkt dat niet altijd goed te gaan. Ik denk dat het goed is om ook eens na te denken of oplossingen buiten infrastructuur ge- vonden kunnen worden. Soms is een nieuwe weg of een andere route een op- lossing, maar vergeten we mogelijkhe- den als gedragsverandering van de au- tomobilist of reizigers. Werk met elkaar samen en leer van elkaar, ook buiten het eigen vakgebied om.”


REAGEREN?


Mail naar info@otar.nl Nr.2 - 2014 OTAR


O Nr.2 - 2014 TAR 29


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48