This page contains a Flash digital edition of a book.
telijke of gehele ‘outsourcing’ tot extra kostenbesparingen lei- den. Dit omdat bedrijven die bedieningsmedewerkers leveren de arbeid over de vaarwegen van andere vaarwegbeheerders kunnen verdelen en hierdoor schaalvoordelen realiseren. Wan- neer er voldoende concurrentie is zal dit mechanisme leiden tot een realistische prijs in relatie tot de productiviteit.


Afweging


De uiteindelijke afweging om al dan niet op afstand te gaan bedienen, wordt bepaald door economische, politieke en maatschappelijke motieven. De eerste afweging, de econo- mische, wordt bepaald door de eerdere beschreven kosten en baten. Uiteraard zullen deze per vaarwegbeheerder anders uitvallen, wat voor een groot deel te maken heeft met de geo- grafi sche situatie en het aanbod van vaarweggebruikers. De afweging zal juist bij vaarwegbeheerders met een gevarieerd aanbod eerder positief uitvallen dan bij een beheerder met een paar bruggen en sluizen waar het gedurende het gehele jaar druk is.


Indirecte effecten De tweede afweging die moet worden gemaakt, is de ‘maat- schappelijke afweging’. Hierin worden ook maatschappelij- ke effecten meegenomen en indien mogelijk in opbrengsten omgezet. Ruimere openingstijden zouden, indien de recreatie toeneemt, tot baten kunnen leiden in het gebied. Dit betreft in- directe effecten die pas op langere termijn meetbaar zijn. De economie kan worden versterkt indien nieuwe bedrijven zich in het gebied gaan vestigen vanwege de betere bereikbaar- heid over het water.


Politiek De derde – en misschien wel de allerbelangrijkste afweging – is de politieke afweging. Het politieke bestuur heeft uitein- delijk het laatste woord in de beslissing over te gaan op af- standsbediening. Bij deze afweging spelen ook motieven van bijvoorbeeld ‘verlies van werkgelegenheid’ of ‘de veiligheid en dienstverlening voor de vaarweggebruikers’ een belangrijke rol. De andere invalshoek is een ‘kleine’ overheid die effi ciënt werkt en zoveel mogelijk taken aan de markt uitbesteedt. De veiligheid wordt overigens tegenwoordig goed geborgd door


de kwaliteit van de camerabeelden gezien de huidige stand van de technologie.


Concluderend kan worden gesteld dat de afweging com- plexer is dan op het eerste gezicht gedacht. Op dit moment zijn veel vaarwegbeheerders in Nederland overgegaan op af- standsbediening (Zeeland, Zuid-Holland) of zijn daar mee be- zig (Noord-Holland, RWS). Overigens bestaan er alternatieven voor afstandsbediening, waarbij een deel van de opbrengsten ook wordt gerealiseerd terwijl de investeringen veel lager zijn. Een belangrijk alternatief is ‘vraaggestuurd bedienen’.


Alternatieven afstandsbediening Een alternatief voor afstandsbediening en lokale bediening is het zogenaamd ‘vraag gestuurd’ bedienen, waarbij bedie- ningsmedewerkers op meerdere locaties – na elkaar – bedie- nen op het moment dat er behoefte (‘vraag’) is. Deze manier van bedienen wordt toegepast wanneer er weinig schepen gebruik maken van een groep bruggen en sluizen. Het be- treft hier vooral beroepsvaart. Vraag gestuurd bedienen is een goed alternatief wanneer afstandsbediening te kostbaar is en de objecten relatief dicht bij elkaar in de buurt liggen, zodat deze binnen een beperkte tijd bereikbaar zijn. Op dit moment is RWS bezig op bepaalde locaties te onderzoeken of ‘vraag- gestuurd’ bedienen een mogelijke oplossing is om de kosten te drukken. Andere wegbeheerders zijn overgegaan op af- standsbediening. Per januari 2014 is de provincie Flevoland overgegaan op volledige afstandsbediening.


Provincie Flevoland


Flevoland heeft zo’n 170 kilometer vaarweg met 11 sluizen en 13 bruggen. Van de 11 sluizen hebben er 7 een verval groter dan 5 meter. Er waren tot 31 december 2013 8 bedienloca- ties, van waar uit alle objecten werden bediend. De jongste provincie van Nederland heeft ten opzichte van andere vaar- wegbeheerders een aantal specifi eke kenmerken. Zo is er een grote spreiding in aanbod van scheepvaartverkeer tussen het zomer (april tot en met oktober) en het winterseizoen (novem- ber tot en met maart). Dit komt omdat in de zomer bij een aantal objecten zeer veel recreatiescheepvaart is, dat in de winter wegvalt. Ook worden twee locaties, de Noordersluis en


Nr.2 - 2014 OTAR O Nr.2 - 2014 TAR 11


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48