This page contains a Flash digital edition of a book.
Tegenwoordig moeten die stoffen eerst getest worden, voordat ze op grote schaal geproduceerd mogen worden...


Perfluorooctanesulfonic acid, een van de fluor-


houdende persistente stoffen.


dat betekent niet dat je het nodige onderzoek maar voor je uit blijft schui- ven. Je moet er dus nu al ener- gie in gaan stoppen. Kijk, je kunt


Grondstoffenakkoord Eerdere moties met betrekking tot het uit- faseren werden nooit aangenomen. Volgens Kröger heeft bij deze motie de koppeling met ‘circulair 2050’ er voor gezorgd dat deze motie wél werd aangenomen. “De staats- secretaris heeft toegezegd dat ze zich gaat inzetten om op Europees niveau meer per- sistente stoffen op de REACH lijst te krijgen en om de REACH verordening strenger te maken. In de tussentijd gaat ze in gesprek met de industrie om de uitfasering van de stoffen te bespreken. Wat mij betreft wor- den dit soort gesprekken onderdeel van de gesprekken die toch al plaatsvinden over het grondstoffenakkoord en de circulaire economie.”


Duurder Persistente stoffen worden gebruikt niet zozeer omdat ze persistent zijn, maar omdat ze een bepaalde functie vervullen in een proces. Van de ene op de andere dag over- schakelen op andere, niet-persistente stof- fen is niet mogelijk. En dat begrijpt Kröger ook. “Onderzoek en innovatie kost tijd. Maar


als industrie zeggen dat de consument een pan met een anti-aanbaklaag wil, maar die hoeft toch niet persé van teflon te zijn? Zet een paar knappe koppen bij elkaar en bedenk een nieuw product.” Maar dat is wellicht wat makkelijker ge- zegd dan gedaan. Voor veel stoffen is het ongetwijfeld niet eenvoudig om met een alternatief te komen. “Ik denk dat je je als industrie vooral niet te klein moet maken”, vindt Kröger. “We hebben een ongelofelijk innovatieve chemische industrie die op heel veel vlakken voorop loopt. Het gaat er om welke uitdaging je prioriteit maakt. Als wij als politiek, samenleving en industrie samen besluiten dat we van deze stoffen af willen, dan lukt dat. Ik hoor ook altijd dat de overstap naar een andere stof wel mogelijk is, maar vooral erg duur is. Wat mij betreft moeten we dan samen ook die prijs betalen. Dan wordt een pan met een anti-aanbaklaag maar duurder. De industrie is vaak welwil- lend, maar dan moet de politiek eerst de kaders aanscherpen.”


De boot missen Een vaak gehoord argument om geldver- slindende innovatietrajecten nog even uit te stellen, is het ‘level playing field’, want wat heeft het voor zin om in Nederland persis-


tente stoffen te verbieden, als men vervol- gens in Polen vrolijk doorgaat met de pro- ductie van dit soort stoffen? Maar volgens Kröger doet de industrie zich dan tekort. “Ik hoor dat argument heel vaak, ook als het om klimaat gerelateerde ontwikkelingen gaat. Ik denk dat het wel degelijk zin heeft om de rol van pionier aan te nemen en zelf te gaan ontwikkelen. Als je de vergelijking met energie maakt: hier hebben we jaren- lang niks gedaan op het gebied van wind- energie, terwijl ze in Denemarken daar in een vroeg stadium mee aan de slag gingen. Denemarken plukt daar nu nog de vruchten van. Als je achterover hangt, mis je de boot. Voor 2050 moeten we van de persistente stoffen af zijn.”


Eerder graag Dat de persistente stoffen in 2050 moeten zijn verdwenen is voor Van den Berg niet bepaald indrukwekkend. “Dat moet toch al wel veel eerder kunnen. Ik zou zeggen: 2035, 2030. Kijk, nogmaals, ik vind het niet zo’n probleem dat bepaalde persistente stoffen worden gebruikt, mits dat onder contained en gecontroleerde omstandig- heden plaatsvindt. Als de stof niet vrijkomt tijdens en na het productieproces, ook als het eindproduct wordt verwerkt, heb ik er niet zo’n probleem mee.”


In Process Control 2 horen we wat de Vereni- ging van de Nederlandse Chemische Indus- trie vindt van persistente stoffen.


19


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48