This page contains a Flash digital edition of a book.
Veteranen met eenmissie SOMALIËVETERAAN LOOPT ROPARUN VOOR TWEEDE KEER


‘Achthonderd meter rammen’


Door: Marleen Wegman Foto’s: privécollectie Mark


voor projecten die het leven van kankerpatiënten en hun familie tij- dens behandelingen of in de laatste levensfase kunnen veraangenamen. Korporaal der mariniers Mark (26) aarzelde dan ook geen moment toen zijn maat en collega-marinier Tim in 2013 het idee opperde om met een team mariniers mee te doen aan de Roparun. “Tim verloor op jonge leef- tijd zijn moeder aan kanker en weet hoe belangrijk die bijzondere projec- ten zijn.” In de afgelopen jaren werd een bedrag van ruim 73 miljoen euro ingezameld. Het hele team Korps Mariniers bestond uit 25 personen. De acht mannelijke lopers werden onder- steund door familie en vrienden. Zij vervulden de rol van fietser, chauf- feur, verzorger, cateraar en wegka- pitein. Defensie stelde het vervoer beschikbaar: twee personenbusjes voor de loopploegen en een grote bus.


H


Korte sprint De acht lopers zijn verdeeld in twee ploegen. Elke ploeg loopt rond de 60 kilometer, waarna de andere ploeg het overneemt. De mariniers lopen per keer een afstand van 800 meter. Daarna neemt een volgende loper het over. “Een korte sprint, daarna tien tot twaalf minuten rust en dan moet je weer. Mentaal en fysiek blijf je erbij”, legt Mark uit. “En je blijft redelijk warm, dat is wel een van de belangrijkste dingen.” Herhaaldelijk verwijst hij naar de


38 juli-augustus 2016


et belangrijkste doel van de non-stop estafetteloop over 520 kilometer is het inzamelen van geld


training die hij en zijn medelopers als mariniers hebben. “We zijn wel wat gewend. Weinig slaap, ’s nachts werken. Het probleem is dat er ’s nachts niemand langs de weg staat. Overdag staan er mensen te klappen en die helpen je wel over een dood punt heen. Maar als ’s nachts het lichtje uitgaat, loop jij door een dood- stil dorp. Dat is wennen.” Voor Mark begon de marinierstrai- ning in 2008, toen hij net 18 jaar oud was. Een jaar eerder voerde de tweede stageweek van de opleiding Vrede en Veiligheid hem naar Texel, naar de mariniers. “Op het moment dat ik uit de bus stapte en die vent tegen me begon te schreeuwen, wist ik: dit is iets voor mij.” Na de ele- mentaire vakopleiding volgde een plaatsing in Doorn. In het eerste jaar volgden de winter- en bergtraining en de parachutistenopleiding. “In 2010 ben ik combat life saver gewor- den en vanaf dat moment heb ik alle oefeningen en ondersteuningen mee- gedraaid.” In 2011 vertrok hij met Zr.Ms. Tromp naar Somalië als lid van het eerste mariniersteam dat als enhanced boarding element werd uitgezet. “Wij werden ingezet als quick manoeuvre element om bootjes te onderschep- pen en te kijken wat daar aan boord was. Dat heb ik bijna vier maanden gedaan. Een hele ervaring, waarvan ik meer volwassen ben geworden.”


Kick In de voorbereiding voor de eerste run in 2014 had het team geen idee waar het aan begon. “Daar zijn we heel eerlijk in geweest: we doen mee,


Aan de 25e editie van de Rotterdam Parijs Run (Roparun) in het pinksterweekeinde van 14 tot en met 16 mei deden in totaal zeven Defensieteams mee. Team 189, het Team Korps Mariniers, was er voor de derde keer op rij bij. “Het is een overweldigend gevoel om Rotterdam binnen te lopen met al die mensen aan de kant van de weg. Mensen die ons de hele route volgen en speciaal vroeg komen, omdat ze ons willen zien finishen.”


Korporaal der mariniers Mark tijdens zijn uitzending in Somalië in 2011.


maar we kijken wel hoe het gaat.” Door drie zeer goede lopers kwam het Korps Mariniers als eerste over de finish. “Dat gaf zo’n kick. Vorig jaar hebben we dat opnieuw gepro- beerd, maar de samenstelling van het team was anders en dan val je wat terug.” Intussen kwam privé het doel van de Roparun wel heel dichtbij. “Mijn schoonmoeder kreeg de diagnose borstkanker. Gelukkig gaat het nu goed. Ik ben er niet elke dag mee bezig, maar als ik iets zie of hoor op tv, denk ik toch weer aan die periode terug.” Dat geldt zeker voor het week- einde van de Roparun. “Op weg naar


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65