This page contains a Flash digital edition of a book.
MILITAIREN, SPORT EN OORLOG Aanvalluh!


“American football is als een atoomoorlog: er zijn geen winnaars, alleen overlevenden.” Het is een uitspraak van de befaamde American football-speler Frank Gifford. Wellicht een tikkeltje overdreven, maar het typeert wel de nauwe band tussen oorlog en sport. De oude Grieken bedachten al de ‘olympische wapenstilstand’ om alle deelnemers een veilige reis naar de Spelen te garanderen. Romeinse legionairs sprongen over sloten en heggen om hun conditie te verbeteren. De Europese adel hield zich bezig met krijgskunsten als schermen en steekspelen en de oorsprong van veel schoolgymnastiek ligt in militaire oefeningen.


Door: Christ Klep Foto: ministerie van Defensie


moderne staat, en de bijbehorende dienstplicht, zette dit idee vanaf circa 1800 op de kaart. Logisch, want oorlog werd meer en meer een massale uitputtingsslag tus- sen staten. De gedachte was dat het gezondste volk zou overleven, survival of the fittest. Mussolini en Hitler baseerden er hun ideologi- sche waanideeën op. Maar ook de Britten bedachten in 1937 een ‘National Fitness Campaign’, met als boodschap dat de kracht van de Britse natie wortelt in een fit lichaam. Daar- mee borduurden ze voort op een vermeende uitspraak van de Duke of Wellington (1769-1852). Deze bedwinger van Napoleon zou ooit hebben gezegd dat de basis voor de overwinning bij Waterloo was gelegd op de sportvelden van Britse elitescholen zoals Eton. De Ameri- kanen benutten tot op de dag van vandaag als geen ander sportwed- strijden om rekruten te werven en hun veteranen te eren. Vaak met overvliegende straaljagers voor het spektakel.


H


Speelveld Soms verbroedert sport. Wie kent niet de fameuze episode uit de Eer- ste Wereldoorlog, toen Britse front- soldaten hun Duitse tegenstanders


10 juli-augustus 2016


et idee dat sport voor- bereidt op oorlog is dus niet nieuw. Vooral de opkomst van de


uitdaagden voor een potje voetbal. Dat ze daarvoor eerst de achterge- bleven lijken van het ‘speelveld’ moesten ruimen, is minder bekend. De hindernisbaan is zo’n typisch militair bedenksel uit de negen- tiende eeuw. Europese militairen in de koloniën waren onder de indruk van de lenigheid en gehardheid van de Afrikaanse en Aziatische volken. Hun dagelijkse routine van jagen, klauteren en lopen door las- tig terrein had blijkbaar effect. Was het geen idee, zo dachten Europese officieren, om dat te imiteren in de vorm van een vast parcours met hindernissen? Een combinatie van rennen, springen, werpen, klim- men, enzovoorts. Zo gezegd, zo gedaan. Het duurde vervolgens niet lang voordat hindernisbanen hun intrede deden in de burgerwereld. Ook de Coopertest is afkomstig uit de militaire sport. De naamgever, Kenneth Cooper, werkte als arts bij de Amerikaanse luchtmacht en begeleidde in de jaren zestig van de vorige eeuw ruimtevaarders. Hij kampte zelf met hoge bloeddruk en overgewicht en bedacht een serie oefeningen om deze klachten onder controle te krijgen. Vervolgens overreedde Cooper de legerleiding om dit programma te gebruiken om de conditie van alle militairen te testen en te verbeteren. Met succes.


Vijfkamp De Westerse legers verspreidden


‘hun’ sporten over de koloniale rijken: cricket, snooker, tennis en natuurlijk voetbal. Pas in 1948 ont- stond een wereldwijde organisatie speciaal voor militaire sporten: Conseil International du Sport Mili- taire (CISM). Een typische CISM- sport is de vijfkamp. Voor de oude Grieken was deze multisport (hard- lopen, verspringen, speer- en dis- cuswerpen en worstelen) trouwens al het hoogtepunt van hun Olympi- sche Spelen. De ‘kracht en snelheid in totale harmonie’ ontroerden de filosoof Aristoteles, die overigens gelukzaligheid als persoonlijke hobby zag. De stichter van de moderne Olympische Spelen, baron Pierre de Coubertin, wist in 1912 de vijfkamp weer tot vast onder- deel van de Spelen te maken. Uit- gangspunt waren de vaardigheden van de ‘ideale (bereden) militair’: hardlopen, zwemmen, schieten, schermen en paardrijden. De Cou- bertin hoopte dat het gewone volk zich nu kon meten met de bemid- delden. Een echte volkssport werd de vijfkamp echter nooit. Eerder een speeltje voor hoge militairen. Ons land kent sinds 1916 een eigen militaire vijfkamp. Paardrijden en schermen zijn vervangen door hin- dernisbaan en handgranaatwerpen (‘juistheids- en verteworpen’). Het Vijfkampkruis werd enkele jaren geleden als insigne wegbezuinigd, maar keert gelukkig dit jaar weer terug.


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65