This page contains a Flash digital edition of a book.
reageren op verschillende datastromen en die samen een actueel beeld ge- ven van een verkeerssituatie. Daardoor kunnen bijvoorbeeld files en ongeval- len worden beperkt, ook als het gaat om een combinatie van autonome vracht- wagens, bijna-autonome voertuigen en door mensen gestuurde voertuigen. Al- thans, dat is de verwachting. Dat bete- kent dan dat de rol van data-infrastruc- tuur net zo belangrijk wordt als die van de weginfrastructuur. Nieuwe manie- ren van het verkeer organiseren, hoeft daarom niet direct te betekenen of onze huidige infrastructuur toekomstvast is, maar het is wel een vraag die gesteld moet worden. Nieuwe voertuigen zoals e-bikes, drones en autonome voertui- gen zullen ook nieuwe vraagstukken op- werpen over aanpassing van bestaande


infrastructuur, over aanleg van nieuwe infrastructuur of over een geheel nieuw verkeerssysteem om de nieuwe lucht- vaartuigen en wegvoertuigen in goede banen te leiden.”


Ligt de nadruk niet erg op autoverkeer? Kan het openbaar vervoer ook profi teren van al die nieuwe ontwikkelingen? “Het openbaar vervoer kan zeker baat hebben bij nieuwe technologie. Met steeds betere en actuelere reisinformatie en zitplaatsinformatie kan het aantrekke- lijker worden om gebruik te maken van het openbaar vervoer. Sterker nog: auto- nome voertuigen kunnen ook onderdeel worden van het ov. Een Personal Rapid Transit-systeem werkt met kleine voer- tuigen zonder chauffeur die je letterlijk


tot aan de voordeur, als een soort hori- zontale lift, afzetten. Overgangen tussen een autonoom voertuig en bijvoorbeeld trein vragen om een nieuwe inrichting van de ruimte rond stations. Dergelijke optimalisaties van ruimtegebruik, be- staande weginfrastructuur en reisinfor- matie dragen positief bij aan alle vormen van mobiliteit. Of en welke verschuivin- gen er ontstaan in mobiliteitsgedrag en tussen concurrerende alternatieven voor vervoer, of dat nu de zelfsturende auto, het openbaar vervoer of de e-bike is, dat is op voorhand moeilijk te zeggen.“


De publicatie ‘Verkenning technologi- sche innovaties in de leefomgeving’ is terug te vinden via de website van de Raad voor de leefomgeving en infra- structuur: www.rli.nl


Wie is Henry Meijdam?


Henry Meijdam (1961) studeerde Rechten aan de Universiteit Utrecht en heeft al een lange carrière in het openbaar bestuur achter de rug. Hij was voor de VVD onder meer wethouder in Huizen, gedeputeerde in de Provincie Noord-Holland met onder meer Ruimtelijke Ordening en Milieu in zijn portefeuille en vervolgens burgemeester van Zaanstad. Sinds 2008 is Meijdam onder meer actief geweest als directeur van het in Gouda gevestigde CURNET, het kennisnetwerk voor de fysieke leefomgeving. Daarnaast is hij directeur van ESPEQ, een opleidingsbe- drijf voor gekwalifi ceerd personeel in de bouwsector en is hij mede-eigenaar van Meijdam & Overmars dat over ruimtelijke opgaven adviseert. Naast diverse commissariaten was Meijdam al voorzitter van de VROM-raad voordat die in 2012 opging in de nieuwe Raad voor de leefomgeving en infrastructuur. Daar- van is hij nu opnieuw de voorman.


Partner bij duurzame ontwikkeling


Nieuw aanbod modulaire infra-opleidingen


BOB heeft infra aanbod verruimd met compleet nieuwe opleidingen Uitvoerder Infra 1 en 2 Werkorganisator Infra 1 en 2 Calculator Infra 1 en 2


Werkorganisator Integrale Projecten T 079 325 24 50 www.bob.nl Nr.2 - 2015 OTAR O Nr.2 - 2015TAR 9


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48