search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
AKKERBOUW ACTUEEL Groenbemestermanagement is uitdaging


Iedere akkerbouwer teelt groenbe- mesters. Welke het meest geschikt is, is een puzzel met veel stukjes die voor ieder perceel weer anders uitpakt.


Maximaal profiteren van de voordelen van groenbemesters vraagt om een goed management door de teler. Dat was de rode draad op de groenbemesterdag, gehouden op WUR-proefbedrijf Westmaas. Het was de eerste groenbemesterdag specifiek geor- ganiseerd voor kleigrond. Voor, tijdens en bij het eindigen van de teelt zijn veel keu- zes te maken. Voor telers die op kleigrond niet-kerende of gereduceerde grondbe- werking toepassen zijn de groenbemester- keuze en de vervolgstappen in de teelt een extra gecompliceerde puzzel. De eerste keus is al voor welk doel je de groenbemester teelt: organischestof- voorziening, verbetering bodemstructuur, of vooral als vanggewas voor mineralen. Vervolgens verfijnen de teeltomstandig- heden de keuze voor een soort. Na uien bijvoorbeeld, een gewas dat veel stikstof achterlaat, is een vlinderbloemige niet zo effectief omdat deze dan weinig extra stikstof zal binden. In een graanstoppel is een vlinderbloemige veel effectiever omdat hier extra stikstof nodig is om de stoppels en het stro te verteren.


Ook de grondbewerking na de groenbe- mester is belangrijk bij de keuze voor een


Zaaien van een groenbemester in de graanstoppel. Een groenbemester legt een basis voor de volgteelt.


soort. Wanneer traditioneel voor de winter wordt geploegd, is onderwerken van de groenbemester nooit een probleem. Een massaal gewas is goed te verkleinen. Een advies daarbij is wel om het gewas niet té fijn te maken, omdat dan de kans op een inkuileffect groot is. Zeker bij een massaal gewas is het advies om het gewas een paar dagen voor het ploegen te verkleinen, zodat het wat kan drogen. Dan wordt niet zo’n enorme massa water ondergeploegd. De weersomstandigheden moeten dan wel een beetje meewerken.


Blijft de groenbemester de winter over- staan en ploegt de teler de grond niet, dan is het wat ingewikkelder. Voor aardappe- len is een ruige groenbemester niet zo’n probleem, de frees werkt het wel door de grond. Maar voor fijnzadige gewassen zoals uien moet de bemester in het voorjaar helemaal verpulverd zijn. Daar past een vorstgevoelige groenbemester beter. Onderzoekers van Wageningen UR ontwikkelen een beslishulp om telers meer handvatten te geven om hun keuzes in de groenbemesterteelt op te baseren.


UPL doet mee aan easyconnect vulsysteem voor veldspuiten


Middelenfabrikant UPL-Europe sluit zich aan bij een groep fabrikanten die het gesloten transfer- systeem easyconnect in willen voeren.


Easyconnect is een gesloten vulsysteem voor vloeibare gewasbeschermingsproducten. Het gaat uit van gestandaar- diseerde doppen voor alle ver- pakkingen. Dankzij dit systeem kan de tank van de spuitma- chine rechtstreeks vanuit de verpakking worden gevuld met


52


vloeibare gewasbeschermings- producten, zodat blootstelling van gebruikers en het risico van morsen worden teruggedron- gen. Het easyconnect-systeem bestaat uit twee componen- ten: een unieke schroefdop bevestigd op de verpakking en een connector op de veldspuit. Samen vormen deze het CTS (Closed Transfer System). De werkgroep van bedrijven die easyconnect ontwikkelt en promoot, bestaat uit vertegen- woordigers van Adama, BASF, Bayer, Belchim Crop Protec- tion, Certis Europe, Corteva Agriscience, FMC Corporation,


In de toekomst is handmatig vullen van de veldspuit met ge- wasbeschermingsmiddelen niet meer nodig.


Nufarm, Rovensa Group, Syn- genta and UPL Europe. De Europese brancheorgani- satie van gewasbeschermings-


BOERDERIJ 107 — no. 5 (26 oktober 2021)


middelenfabrikanten CropLife Europe streeft ernaar om de easyconnect-technologie tegen 2030 beschikbaar te hebben voor alle landbouwers. De eerste marktintroductie wordt verwacht in Denemarken en Nederland in 2022, gevolgd door Frankrijk, Duitsland en het Verenigd Koninkrijk in 2023. Andere landen zullen waarschijnlijk volgen. Het easyconnect-systeem is open technologie die beschik- baar is voor alle agrarische partijen. Andere partijen die geïnteresseerd zijn, kunnen ook deelnemen.


FOTO: HENK RISWICK


FOTO: HENK RISWICK


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76  |  Page 77  |  Page 78  |  Page 79  |  Page 80  |  Page 81  |  Page 82  |  Page 83  |  Page 84