RUNDVEEHOUDERIJ ACTUEEL IN BEELD Inzaaien vanggewas na maisteelt
Bert Bongers in Reuver (L.) zaaide vorige week woens- dag 4 ha maisland in met KWS Snelle Lente Rogge. Hij gebruikte het gewas vorig jaar ook al en dat beviel goed. “Ruim 5,5 ton droge stof met 15% eiwit. Daarvoor moet je wel in het voorjaar stikstof geven, anders lukt dat niet. En de koeien vreten het best.” Bongers oogstte dit
seizoen 12 ha mais. Op 3 ha is gras ingezaaid en op de overige 5 ha gewone rogge. De mais is gestoppeld op 30 cm om meer kwaliteit in de kuil te krijgen. Ter bestrijding van de stengelboorder is de stoppel vooraf behandeld met FertiSoil; een nieuw bacteriemengsel dat moet zorgen voor een afgebroken stoppel in het het voorjaar.
Levensduur heeft effect op celgetal duur vijf jaar.
Een oudere veestapel kenmerkt zich vaak door een hoger tankcelgetal. Dat betekent niet dat de uiergezondheid op bedrijven met oudere koeien als gevolg van een hogere levensduur slechter is. Het tegendeel is juist waar, aldus GD.
In een verdiepende analy- se keek Royal GD naar de samenhang tussen levensduur en diergezondheid. Daartoe zijn de bedrijven op basis van levensduur ingedeeld. Bij de bedrijven met een constant hoge levensduur bedroeg de gemiddelde levensduur van de koeien ruim zeven jaar, op bedrijven met een lage levens-
42
Melkveebedrijven behorend tot de groep bedrijven met een constant hoge levensduur had- den een lagere sterfte, zowel bij de kalveren als bij het volwas- sen rundvee. Ook hadden deze bedrijven vaker een gesloten bedrijfsvoering.
Celgetal loopt op
Op het eerste gezicht was de uiergezondheid op deze bedrij- ven minder goed met gemid- deld meer hoogcelgetal-koeien en een hoger tankmelkcelgetal. Over een periode van vijf jaar lag het percentage hoogcelge- tal-koeien op de constant hoge levensduurbedrijven (varië- rend per kwartaal) tussen 16,5 en 20%. Bij de constant lage levensduurbedrijven was dat tussen 14 en 17,5%.
GD wijst erop dat het celgetal
Bedrijven met een hoge levens- duur van de koeien hebben vaak ondanks een hoger tankcelgetal toch een goede uiergezondheid.
oploopt bij een stijgende leeftijd. Daarom zijn koeien van specifieke leeftijdsgroepen vergeleken. Daaruit bleek dat de koeien op bedrijven met een constant hoge levensduur een lager celgetal hadden dan koeien van dezelfde leeftijd op bedrijven met een lagere levensduur. Zo heeft de groep
BOERDERIJ 107 — no. 5 (26 oktober 2021)
koeien van 5-6 jaar op de bedrijven met constant hoge levensduur een celgetal dat gemiddeld rond 210.000 cellen per milliliter melk schommelt, terwijl de koeien van dezelfde leeftijdsgroep op constant lage levensduur-bedrijven daar zo’n 50.000 cellen per milliliter boven zitten.
Gezondheid niet slechter De conclusie die GD trekt is dat het gemiddeld hogere tank- celgetal op bedrijven met een hoge levensduur dus komt uit het feit dat de koeien op het bedrijf ouder zijn en oudere koeien vaker een hoog celgetal hebben. Het komt niet door een minder goede uiergezond- heid van de koeien ten opzichte van koeien van vergelijkbare leeftijd op bedrijven met een gemiddelde levensduur.
FOTO: TWAN WIERMANS
FOTO: TON KASTERMANS
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76 |
Page 77 |
Page 78 |
Page 79 |
Page 80 |
Page 81 |
Page 82 |
Page 83 |
Page 84