search.noResults

search.searching

dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
FOTO: TAMARA REIJERS


AKKERBOUW


In heel Euro- pa zijn door Euroblight bladmonsters met daarop phy- tophthora-DNA verzameld en gedetermineerd. WUR-onderzoe- ker Geert van Kessel toont een voorbeeld-mon- sterkaartje.


“De kloon EU37 is net als EU36 een van oorsprong Ne- derlandse kloon. EU37 dook in 2012 op in de Noordoost- polder. In 2017 ontdekte Wageningen University dat de kloon ongevoelig was voor fluazinam, in onder andere Shirlan. De kloon lijkt alweer over zijn piek heen te zijn. Het aandeel bedroeg 14,4% in 2018, en zakte naar 8,4% in 2019. Euroblight vermoedt dat de kloon qua omvang kromp, omdat telers de combinatiemiddelen Banjo For- te, Vendetta of Kunshi (fluazinam met een tweede com- ponent: respectievelijk dimethomorph, axoxystrobine en cymoxanil) gingen toepassen of fungiciden met ande- re actieve stoffen dan fluazinam. De kloon Green33 was evenals EU37 ook ongevoelig voor fluazinam. Green33 werd in 2009 voor het eerst in (wederom) Nederland aangetroffen. Omdat deze kloon intrinsiek wat minder fit was en telers in de daarop volgende jaren met andere middelen dan fluazinam gingen spuiten, verdween deze stam rond 2014.


Hetzelfde lijkt nu ook met EU37 te gebeuren. In Nederland en in het Verenigd Koninkrijk zakte het aandeel EU37 tot onder de 10%. In België en Frankrijk lijkt de kloon zich echter wel te handhaven binnen de phytophthora-populatie; daar bleef het aandeel in 2019 gelijk op zo’n 25%. Euroblight vermoedt dat ondanks de nieuwe inzichten over phytophthora aardappeltelers in België en Frankrijk stug zijn blijven doorspuiten met fluazinam. Dus een concreet advies aan hen: gebruik combinatiemiddelen of phytophthora-middelen met een andere werkzame stof dan fluazinam.”


Vraag 9


Hebben Nederlandse aardap- peltelers wat te duchten van de opkomende nieuwe stam EU41?


“Nog niet. EU41 werd in 2013 voor het eerst aangetrof- fen in Denemarken, en wordt de Scandinavische kloon genoemd, omdat het alleen in de Noord-Europese landen wordt gevonden, en in Noord-Polen. Het aandeel in de EU-populatie steeg van 4,6% in 2018 naar 5,7% in 2019, maar binnen Denemarken is deze kloon met een aandeel van 35% veruit dominant. De kloon is nog niet


48


verder richting het Zuiden afgedaald. Voor de rest weten we eigenlijk nog niet zoveel over deze kloon. Het is ech- ter wel een kloon die we goed in de gaten houden.”


Vraag 10


De klonen Green33, EU36 en EU37 zijn alle drie ontstaan in Nederland. Hoe komt het dat


juist Nederland een kraamkamer van nieuwe klonen is?


“26,2% van de Europese phytophthora-populatie is geen kloon, maar zijn unieke genotypen, blijkt uit de monitoring. Dat aandeel blijft over de afgelopen jaren opvallend constant. Grosso modo kan een scheidslijn door Nederland, Duitsland en Polen worden getrok- ken. Zuidelijk van deze lijn komen vooral klonen voor, boven deze lijn naast klonen ook duizenden verschil- lende phytophthora-genotypen. In Zuid-Nederland was afgelopen jaren Blue13 de meest voorkomende phytoph- thora-kloon, boven de grote rivieren huist een brei van duizenden genotypen, genetisch zeer gevarieerd, omdat daar geslachtelijke voortplanting aangetroffen wordt. Er ontstaan uit deze groep dus elk jaar nieuwe, unieke ge- notypes met unieke kenmerken. De kans dat juist in een regio met duizenden genotypen door natuurlijke selectie een nieuwe agressieve kloon ontstaat, is groot. Wat dus ook geregeld gebeurt. Wat dat betreft voldoet het beeld volledig aan de principes van de mutatie en selectie- theorie die, lang geleden, voor het eerst door Darwin is geformuleerd.


Ook in andere Noordelijke landen bestaat de po- pulatie hoofdzakelijk uit verschillende genotypen en ontstaan daardoor nieuwe klonen. Maar omdat Ne- derland een aardappel-handelsland is, verspreidt een nieuwe Nederlandse kloon zich vervolgens makkelijker en sneller over Europa en de wereld. Een Zweedse kloon blijft vaak in Zweden. Dat is echter geen wet van meden en perzen. De kloon EU41 bijvoorbeeld ontstond in 2013 in Denemarken, en heeft zich, ondanks dat Denemar- ken geen groot aardappel-exporterend land is, toch over Scandinavië en Polen weten te verspreiden.


BOERDERIJ 105 — no. 38 (16 juni 2020)


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76