search.noResults

search.searching

dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
Interview


35


G


kijken of ik echt gemotiveerd was. Want later was hij maar wat trots op me.’ Bert herinnert zich nog hoe hij voor zijn eerste uitzending naar zijn grootvader ging, in vol ornaat. ‘Hij vond het maar wat mooi dat ik uitgezonden werd naar de West, zo mooi dat ik met hem verschillende kroegen moest bezoeken, zodat hij kon pronken met mij in mijn mooie uniform.’ Hoewel de vader van Stef zich niet verbaasde over de wens van zijn zoon, was het voor Stefs moeder minder vanzelfsprekend. ‘Ze vindt het prima hoor, maar ze is van huis uit niet bekend met het militaire leven, alleen door onze familie. Ze is erg bezorgd.’


Gemoedelijk zitten de mannen Bekkers bij elkaar. De een gepokt en gemazeld, de ander aan het begin van zijn carrière en nog vol verwachting. Ze zijn goed op elkaar ingespeeld en respectvol, laten elkaar rustig uitpraten en hebben bo- venal humor, maar als het om het Korps Mariniers gaat zijn ze uiterst serieus. Ontmoet Bert (85 jaar) en kleinzoon Stef (16). Hoe komt het dat vijf gene- raties zich aanmelden bij het Korps? Stef: ‘Het is iets dat we binnen deze familie automatisch meekrijgen. We weten niet beter, denk ik weleens.’ Bert denkt dat het komt omdat hij praktisch niets anders kende. ‘Ik kan niet eens zeggen dat het een jongensdroom was. Ik wist gewoon wat me te doen stond na drie en een half jaar Jappenkamp. Dat is misschien ook niet zo gek als het geweer van je vader in de hoek van de gang staat. Dat was een magisch ding waar ik als kind uren naar kon kijken.’


In vol ornaat De vader van Stef, Paul (55), mengt zich ook even in het gesprek. ‘Stef schreef vroeger als achtjarige in een vrienden- boekje dat hij “redder” wilde worden. Dus hij wist al vroeg welke kant hij op wilde. En daar heb ik me nooit over ver- baasd. Ik heb het hem ook nooit afgera- den.’ Dat ging bij Bert wel anders: ‘Toen ik thuis vertelde dat ik bij het Korps Mariniers wilde, zei mijn vader dat hij mijn benen ging breken. Ja, echt waar. Maar dat was misschien een test om te


Vlnr: Stef, Bert en Paul Bekkers


Kameraadschap Bert denkt dat het vooral door de gebeurtenissen tijdens en vlak na de oorlog komt dat hij zich aanmeldde bij het korps: ‘Mijn vader was gestatio- neerd in Soerabaja in 1937. Dat zou drie jaar duren, maar toen het tijd was om terug naar Nederland te gaan was het daar oorlog. Dus bleven we. Een jaar later brak bij ons ook de oorlog uit. Mijn vader kwam terecht in een krijgsge- vangenenkamp in Japan, mijn moeder en ik kwamen in een Jappenkamp terecht. Dat was een heftige tijd. Ook na de bevrijding. Ook al was ik nog zo klein, ik zie alles nog voor me. Het was chaos, er was geweld en onrecht. Dat heeft veel indruk gemaakt. Ik wilde voorkomen dat er mensen dood zouden gaan. Net als iedere militair ben ik een pacifi st. Niemand van ons wil oorlog. Het helpen van mensen zit in onze genen. Dat zit er vanaf de geboorte al in.’ En er is meer dat lonkt, zoals het samenwerken. Stef: ‘Opa vertelt alleen maar verhalen over zijn tijd bij het korps. De kameraadschap spreekt me aan. Ook mijn vader heeft nog vriend- schappen uit die tijd. Dat is toch uniek. Stef: ‘Daar ligt bij mij op school nu heel erg de focus op. Ik heb drie weken les en dan een week bivak. Dan trek je ook met z’n tweeën op.’ Bert zegt dat die samenwerking thuis ook de gewoonste zaak was. ‘Mijn vrouw hoefde maar een keer te zeggen dat het eten bijna klaar was en standaard stond er iemand op om de tafel te dekken.’ Een ander ding is hiërarchie. ‘Daar heb ik geen


moeite mee. Je luistert gewoon naar de hoogste rang. Want daar heb ik ontzag voor’, stelt Stef. Bert vindt het jammer dat veel mensen geen idee hebben van het reilen en zeilen binnen het leger. ‘Daarom ben ik ook een voorstander van de dienstplicht. Het is goed als burgers en militairen zich meer met elkaar mengen. Dat is goed voor het wederzijdse begrip.’


De vijf generaties Chris Bekkers (1865-1954) diende in Lombok en tijdens de Atjeh-oorlog, Lambertus Bekkers (1900-1991) dien- de op Curaçao en in Nederlands-Indië, met vrouw en kind, toen WOII uitbrak. Lambertus (Bert) Bekkers jr. (1933) diende van 1951 tot 1983 op Curaçao, in Nederlands Nieuw-Guinea, Amerika (ambassade) en op Aruba. Zoon Hans (1960) diende op Curaçao, in 1988 bij de Antilliaanse opleiding en zoon Paul (1963) op Aruba, in 1984 als rubber- bootbestuurder/mitrailleurschutter.


OV BertER


Bert Bekkers (1933) meldde zich in 1951 bij het Korps Mariniers. Hij verdiende zijn veteranensta- tus op Nieuw-Guinea en werd ook nog op Aruba en Curaçao geplaatst. Ook werkte hij als in- structeur op de korpsscholen. In 1983 verliet hij het korps en pro- fessionaliseerde het fotoarchief van het Mariniersmuseum.


OV StefER


Stef Bekkers (2002) volgt op Zadkine Veiligheidsacademie de opleiding Veiligheid & Vakman- schap (VeVa). Deze opleiding bereidt hem voor op zijn eerste functie binnen Defensie. Na afronding en de medische en psychologische tests gaat hij sol- liciteren bij het Korps Mariniers.


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76