017
ale welbevinden nog niet als basisbehoefte wordt beschouwd. Alles werd op ‘comfort’ gericht, het ging over het fysieke, overleven, de medische noodzaak. Níet over wat goed was voor een indi- viduele bewoner in sociaal opzicht. Wat ik exem- plarisch én jammer vind, is dat er in de meeste crisisteams geen psycholoog zat om op te komen voor het belang van het sociale welbevinden.”
De kar trekken In de ogen van Gerritsen zou haar beroepsgroep niet alleen vertegenwoordigd moeten zijn in zo’n crisisteam, maar sowieso het voortouw moe- ten nemen om zorgorganisaties en -professionals meer vanuit het welbevinden-perspectief te laten denken en handelen. “Als gedragsdeskundige is de psycholoog de aangewezen professional om gedragsverandering in gang te zetten. Bij cliënten, maar óók in een zorgteam. Wij kunnen mensen op de werkvloer ondersteunen en oplei- den. Klinisch psychologen en klinisch neuro- psychologen zijn opgeleid om veranderprocessen te begeleiden, maar die zijn schaars in de sector. En zolang die specialisten er niet zijn, moeten we als ouderenpsychologen de kar trekken.” Gevraagd naar een verklaring voor het ont-
breken van deze specialisten, zegt Gerritsen: “Ik denk dat veel psychologen in opleiding hun hart verpanden aan het ziekenhuis of de psychiatrie vanwege de dynamiek. In de langdurige zorg red je geen levens. Maar we hebben ze juist nodig om de sector dynamischer en innovatiever te maken. Het is lastig om routine te doorbreken. Dat blijkt elke keer opnieuw. Laatst hoorde ik iemand uit een zorgteam zeggen: ‘Die nieuwe stagiaire heeft zo’n leuk contact met bewoners, maar hij heeft zijn werk niet op tijd af.’ En dáár werd hij op beoordeeld. Dat rijmt niet met per- soonsgerichte zorg, met welbevinden. Natuurlijk moeten er protocollen zijn, moet je afspraken maken, maar er moet in overleg ook ruimte zijn voor eigen invulling. Werken aan welbevinden vraagt namelijk een persoonlijke investering in de zorgrelatie, en daarmee ook kwetsbaarheid van zorgprofessionals.” Waarmee Gerritsen niet wil zeggen dat elke
zorgprofessional net als zij een privéboekje moet opendoen. “Dat hangt van de persoon af, van de zorgrelatie, van de eigen inschatting. Maar uit bestaande studies blijkt wél dat de kwaliteit van de zorgrelatie nauw samenhangt met welbevin- den. Goede zorg ontstaat in wederkerige relaties tussen gevers en ontvangers van zorg, wat bete- kent dat we als zorgprofessionals óók onze be- hoeften en kwetsbaarheden kunnen laten zien.” En dat geldt, zo benadrukt de professor, net zo goed voor relaties tussen collega’s onderling en tussen verschillende disciplines. “Kwetsbaar- heid tonen wordt nog vaak opgevat als zwakte of onzekerheid en dat is doodzonde. Het is dé
‘Twijfels, onzekerheden en overwegingen delen; óók als academici en leidinggevenden’
manier om verder te komen. Willen we de zorg veranderen, blijven verbeteren en welbevinden echt centraal zetten, dan moeten we kritisch durven kijken naar onszelf, naar onze eigen rol, onze communicatie, onze aanpak. Én dat durven bespreken. Onze twijfels, onzekerheden en overwegingen delen, óók als academici en leidinggevenden. Met de billen bloot en de ander laten zien wie we zijn.” Met die boodschap brengt de hoogleraar een
levensles van haar vader in herinnering. “Op de dag van mijn geboorte schreef hij mij een brief met enkele thema’s die mij in het leven van pas zouden kunnen komen. Een daarvan, die ik nog altijd koester, luidt: schitter door ook onder te gaan.”
<
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76 |
Page 77 |
Page 78 |
Page 79 |
Page 80 |
Page 81 |
Page 82 |
Page 83 |
Page 84 |
Page 85 |
Page 86 |
Page 87 |
Page 88 |
Page 89 |
Page 90 |
Page 91 |
Page 92 |
Page 93 |
Page 94 |
Page 95 |
Page 96 |
Page 97 |
Page 98 |
Page 99 |
Page 100 |
Page 101 |
Page 102 |
Page 103 |
Page 104 |
Page 105 |
Page 106 |
Page 107 |
Page 108