search.noResults

search.searching

dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
kaartje. We zijn nu aan het modelleren op basis van de kennis die we vandaag hebben. Die modellen zien er nog niet altijd roos- kleurig uit, maar zeker ook niet dramatisch slecht. Dus we hebben nog wel wat stappen te zetten om het uiteindelijk haalbaar te ma- ken. Daar is ook deze fase voor, want we zijn in kaart aan het brengen waar de moeilijk- heden liggen en hoe we dit concept richting complementatie kunnen helpen.”


Knelpunten Er zijn dus wel knelpunten. Ruitenbeek: “Er zijn eigenlijk twee dingen waar we mee te maken hebben. Aan de ene kant is er vol- doende restgas in de staalindustrie aanwe- zig om chemie mee te bedrijven. Maar we hebben hiervoor ook waterstof nodig. En die is maar beperkt beschikbaar in de staal- industrie. Er komt weliswaar waterstof uit het proces, uit de cokesoven, maar dat is op lange na niet genoeg om alle koolmonoxide om te zetten. Dat betekent dat de hele ont- wikkeling groene waterstof (die we met in- teresse volgen) belangrijk is om de kostprijs van die waterstof naar beneden te brengen. Als we rekenen met de huidige kostprijs van die waterstof, dan hebben wij een grote uitdaging. We hopen dat de ontwikkeling op dat gebied met de programma’s die de overheid op dit moment aan het opstarten is, daar een beetje vaart in kan brengen. Dit moet uiteindelijk leiden tot kostenbesparing waardoor ook ons concept straks voorzien kan worden van betaalbare waterstof.”


Proces Hoe zit dat proces eigenlijk in elkaar? “Syn- thesegas is een mengsel van koolmonoxide- gas en waterstof”, legt Ruitenbeek uit. “Met dit mengsel (in een verhouding 1:2) kun je koolwaterstoffen maken, de basisblokken voor de chemische industrie. Het proces is niet bepaald nieuw. Het is uitgevonden in Duitsland, tussen de twee wereldoorlogen in, door de heren Fischer en Tropsch, en dat werk staat aan de basis van de techniek die Shell gebruikt in haar fabriek in Qatar, waar ze dus aardgas omzetten in brandstoffen.


Dow is natuurlijk een chemiebedrijf. We zijn niet geïnteresseerd in het produceren van brandstoffen, we zijn geïnteresseerd in de productie van chemicaliën. We hebben allerlei varianten op die chemie bedacht zodat we de productie kunnen finetunen. En wat we nu gedaan hebben is een kata- lysator ontwikkelen die specifiek ‘voeding’ voor de chemische industrie kan maken. Dus we maken geen brandstoffen, we maken grondstoffen in onze chemiepro- cessen.”


Nafta


Hoe denkt Ruitenbeek geld te kunnen ver- dienen? “Uiteindelijk is het project op twee manieren rond te maken in de busines- scase. Het eerste stukje is het product dat we maken: synthetische nafta. Dat is een grondstof voor de chemische industrie en die heeft een marktprijs. Op dit moment is die prijs gekoppeld aan de olieprijs. Maar door deze route te kiezen, kun je de prijs loskoppelen van de olieprijs en kun je dit alternatief op de markt zetten van wat wij noemen ‘tweedehands koolstof’. In feite is het de koolstof van de staalindustrie die wij dan hergebruiken. We hoeven geen olie meer op te laten boren om dat te kun- nen doen, of in ieder geval flink minder.” Het tweede stuk is natuurlijk de hele be- prijzing van CO2


Dat is echt significant voor hun omzet wat zij aan allowances moeten inkopen om die uitstoot te kunnen doen. Maar ze heb- ben vooralsnog niet veel mogelijkheden om die CO2


uitstoot te reduceren. Dus dat


haalt, dat dat een positief effect op het mi- lieu heeft maar ook een positieve impact op de kosten die moeten maken. Zeker in


drukt behoorlijk op de financiële resultaten van de staalfabrieken in de EU. Je kunt je voorstellen als je die CO2


uit de uitstoot


de huidige Nederlandse discussie over CO2 belasting en toeslagen op het systeem in Nederland willen we daarom versneld dit project proberen te implementeren.”


Als we rekenen met de huidige kostprijs van die waterstof, dan hebben wij een grote uitdaging. We hopen dat de ontwikkeling op dat gebied met de programma’s die de overheid op dit moment aan het opstarten is, daar een beetje vaart in kan brengen...


16 | nummer 3 | 2019


moment betaalt de staalindustrie flink aan het European Trading Systeem voor CO2


die een rol speelt. “Op dit .


Co2


heffing


al in de vorm van de ETS. Waar Nederland naartoe lijkt te gaan is een Nederlandse, extra taks bovenop de CO2


Wat gaat er gebeuren als er een mogelijke CO2


heffing aankomt? “Die is er natuurlijk taks die er al is.


De discussie die het bedrijfsleven op dit moment natuurlijk voert is hoogst onwen- selijk omdat wij het grootste deel van onze producten buiten Nederland afzetten waar wij straks mee moeten concurreren en met landen die deze taks niet hoeven te betalen.” “Er wordt al veel gepraat over hoe je nu het beste zo’n CO2


taks kunt invoeren zodat over


alles op wereldgebied de lasten gelijk zijn en dat we ons niet uit de markt prijzen. Om een voorbeeld te geven: de staalfabrieken in Gent en IJmuiden waar wij mee samen-


hoeveelheid CO2


werken zijn al de beste in de wereld qua CO2 huishouding. En je kunt geen staal maken, als je tenminste hoogovens gebruikt, zonder CO2


emissies. Maar als je nu kijkt naar de per ton staal dat geprodu-


ceerd wordt, dan is dat voor Arcelor en Tata is ruim twintig procent onder het Europees gemiddelde en meer dan dertig procent onder het wereldwijde gemiddelde. Dus die doen het relatief goed.”


print dan staal uit IJmuiden of Gent. Dan ben je eigenlijk CO2


hoog wordt. Dan moet het staal vervolgens worden geïmporteerd, bijvoorbeeld vanuit China. Dat heeft een veel grotere CO2


“Stel nu voor dat je hier zegt ‘we gaan die fabrieken sluiten omdat de CO2


foot- aan het importeren. En


de emissies worden er niet minder om. Ster- ker nog: die worden alleen maar meer, en in de tussentijd zijn we wel de werkgelegen- heid en onze economie aan het belasten.”


Drijfveer Is dat een drijfveer om de proef zo snel mo- gelijk succesvol af te sluiten? “Nou, de drijf- veer om het zo snel mogelijk af te sluiten is met name gericht op het termijn waarop je het eindresultaat wilt zien. We hebben allemaal de huidige doelstelling om straks in 2050 aan het Parijse klimaatakkoord te voldoen, maar de Nederlandse overheid heeft heel duidelijk nog een tussenpunt gedefiniëerd en dat is 2030. Als je dan kijkt wanneer je het kunt bereiken in 2030 en wanneer je dit soort projecten moet bou- wen en implementeren, dan moet je nu al een eind op weg zijn. Want het bouwen kost tijd, genereren van data kost tijd, en dan de besluitvorming over de eindinvestering met het afwegen van alle risico’s kost ook nog tijd. Dan is 2030 best wel dichtbij. Dus we hebben haast. Ten eerste willen we zo snel mogelijk weten of het kan of niet. En wat we


belasting te


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48