46
Rocky Tuhuteru Uit het dagboek van ...
Als Pelita-directeur helpt Rocky Tuhuteru Indische Nederlanders en Molukkers op weg naar hulp- en zorgverlening.
Tekst Else de Jonge Illustratie Tobias Dahmen MRT 23
Vandaag was ik even op ons kantoor in Diemen. Ik trof er één van onze dienstverleners. Bij de
Rocky Tuhuteru (1959) is sinds vorig jaar directeur van de stichting Pelita. Pelita is in 1947 opgericht en nam de zorg op zich voor ruim 300.000 Indi- sche Nederlanders en 12.500 Molukkers die zich tij dens of na de Indonesi- sche onafhankelij kheids- strij d gedwongen zagen Indonesië te verlaten. De stichting biedt trainingen aan voor zorgpersoneel over achtergronden van de Nederlands-Indische en Molukse mensen uit hun doelgroep.
koffi e spraken we over het onderzoeksrapport dat binnenkort uitkomt. Samen met het Nederlands Veteraneninstituut en het Joods Maatschappelijk Werk heeft Pelita het ministerie van VWS gevraagd onderzoek te doen naar de hulpvragen en behoeften van mensen uit de naoorlogse generaties. Dat onderzoek is bijna afgerond en we verwachten binnenkort de resultaten. Al jaren zien we bij Pelita dat steeds meer mensen uit naoorlogse generaties bij ons aankloppen. Zij hebben vragen die sterk samenhangen met het oorlogsverleden van hun ouders of grootouders. In de reguliere hulpverlening ontbreekt vrijwel altijd kennis over de cultuurspecifi eke omstandigheden (geboren en opgegroeid in Indonesië). Wij moeten gaan nadenken over ons beleid, nu de eerste generatie in aantal afneemt en het aantal hulpvragen van de volgende generaties toeneemt. Het rapport zal daarbij een steuntje in de rug kunnen zijn.
MRT 30
Ik ben ruim een jaar directeur van Pelita nu. Met dertig professionals, vooral sociaal
dienstverleners, en honderden door het land verspreide vrijwilligers houden we Pelita draaiend. Ik haal veel voldoening uit mijn werk. Mijn persoonlijke geschiedenis is sterk verbonden met de doelgroep van de stichting. Ook mijn ouders kwamen in 1951 vanuit Indonesië naar Nederland. Ook zij dachten terug te kunnen naar de Molukken en kwamen in de loop van jaren tot de conclusie dat dit, ondanks beloftes die gedaan waren, niet meer ging gebeuren. Acht jaar na hun aankomst hier ben ik geboren in het Molukse woonoord in Capelle aan den IJssel. Het ontroert me vaak om te zien dat veel jonge mensen met Nederlands-Indische wortels dezelfde vragen hebben als ik toen ik twintig was. Ze kloppen bij ons aan met vragen over de geschiedenis van hun ouders of grootouders. Ze willen dingen wéten. Wat hebben onze (groot)ouders meegemaakt? Wat verklaart hun pijn? Daarnaast worstelen velen van hen met psychosociale problemen. De Nederlands-Indische cultuur is een zwijgcultuur. Onze ouders en grootouders spraken niet openlijk over
checkpoint
Foto: Patricia Steur
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76 |
Page 77 |
Page 78 |
Page 79 |
Page 80 |
Page 81 |
Page 82 |
Page 83 |
Page 84 |
Page 85 |
Page 86 |
Page 87 |
Page 88 |
Page 89 |
Page 90 |
Page 91 |
Page 92 |
Page 93 |
Page 94 |
Page 95 |
Page 96 |
Page 97 |
Page 98 |
Page 99 |
Page 100 |
Page 101 |
Page 102 |
Page 103 |
Page 104 |
Page 105 |
Page 106 |
Page 107 |
Page 108