Van toen tot nu
13
De brieven werden zorgvuldig bewaard in de legerkist
krijgsmacht losser geworden. Dat je als offi cier naar een aparte offi ciersmess gaat, is eigenlijk alleen nog bij de marine het geval. Bij de luchtmacht is de omgang met offi cieren het meest informeel. Dat heeft waarschijnlijk alles te maken met het feit dat de luchtmacht met ‘systemen’ werkt en dat bij de land- macht ‘de mens’ het wapen is.
Rangen vervagen Daarnaast zeggen veteranen dat rangen en standen vervagen tijdens een uitzending. Stephan Hoonakker herinnert zich de omstandigheden in 1992, toen hij in Joegoslavië was met het 1 NL/BE Transportbataljon, en het kamp in Banja Luka moest opzetten. De onderlinge verhoudingen waren goed. Iedereen was ervan doordrongen dat ze het met elkaar moesten doen. In het kleine detachement speelden rangen en standen vrijwel geen rol, omdat ieder- een moest helpen met het opbouwen van het kamp. Imbert Diepgrond heeft eenzelfde erva- ring. Hij was in 1961 in Nieuw-Guinea,
als soldaat van het beveiligingspeloton, in Biak. Hij is er trots op dat hij altijd soldaat is gebleven en bevorderingen heeft geweigerd. Dat vond hij niet belangrijk. Rangen en standen waren er niet in Biak, in tegenstelling tot bij de opleiding in Nederland, zegt hij.
Nazorg Toen veteraan Jaap Duppen terug- kwam uit Nederlands-Indië, was er wei- nig aandacht voor zijn verhaal. Nazorg vanuit Defensie was er überhaupt niet en de mensen om hem heen hadden genoeg aan hun eigen sores. Bovendien was het sentiment ten opzichte van de militaire inzet in Nederlands-Indië veranderd. De veteranen konden niet altijd meer op applaus rekenen. Het maakte dat twee makkers van Jaap Duppen een halfjaar na thuiskomst zelfmoord pleegden. Een paar jaar later, tijdens de missie in Korea, pleitte de chef van de geneeskundige dienst van het NDVN voor een goede opvang van de soldaten. ‘Zij hebben een pandemo- nium overleefd van gewelddadige dood, verminking, lawaai van alle mogelijke explosies, spanning en angst’, schreef hij. Toch zou het nog tot begin jaren negentig duren voor hier serieus werk van werd gemaakt. Ook tijdens de mis- sie in Libanon was er nog maar weinig zorg en aandacht voor de veelal jonge dienstplichtigen. Zo ging veteraan Fred Driessen, die in Libanon diende bij de marechaussee, na terugkomst direct weer aan het werk. Er was geen belang- stelling voor zijn ervaringen. Tijdens het inleveren van zijn spullen was er ie- mand van de Bond van Wapenbroeders aanwezig, maar geen nazorg.
Vernieuwen Halverwege de jaren negentig kreeg het adaptatieprogramma vorm. Het zijn ook de jaren van de eerste Veteranennota en de oprichting van Stichting Dienstverlening Veteranen, de voorloper van het Nederlands
checkpoint
Veteraneninstituut. Langzaam maar zeker kregen zorg, waardering en er- kenning voor veteranen meer vorm. De uitzending naar Afghanistan zorgde binnen Defensie voor een professio- nalisering van de hulpverlening. De bedrijfsmaatschappelijk werkers van Defensie waren opeens verantwoorde- lijk voor het contact met de familie als er slachtoff ers of doden waren gevallen. Ook klopte in die periode het thuisfront steeds vaker aan bij Defensie en werd de maatschappelijk werkers om advies gevraagd over opvoedingskwesties, huiselijk geweld en over mogelijke signalen van PTSS. Hoewel er nog steeds veteranen zijn die tussen wal en schip vallen, is de zorg voor veteranen goed geregeld. Het Veteranenloket, de Militaire Geestelijke Gezondheidszorg en ook de vele nul- delijnsondersteuners zorgen ervoor dat problemen vroegtijdig kunnen worden gesignaleerd.
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76 |
Page 77 |
Page 78 |
Page 79 |
Page 80 |
Page 81 |
Page 82 |
Page 83 |
Page 84 |
Page 85 |
Page 86 |
Page 87 |
Page 88 |
Page 89 |
Page 90 |
Page 91 |
Page 92 |
Page 93 |
Page 94 |
Page 95 |
Page 96 |
Page 97 |
Page 98 |
Page 99 |
Page 100 |
Page 101 |
Page 102 |
Page 103 |
Page 104 |
Page 105 |
Page 106 |
Page 107 |
Page 108