search.noResults

search.searching

dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
ken zich ‘een ongeluk’


ook de dames bij het Informatie- punt. Een van hen had achterop een printje aantekeningen van de klachten gemaakt: ‘Voor veel ouderen is het terrein te groot en te onoverzichtelijk’ en ‘Veel vetera- nen missen de grote tent. Ze komen elkaar 1x per jaar tegen en nu zijn ze elkaar kwijt.’ Ook het publiek had zijn beklag gedaan, zo vermelden de aantekeningen: ‘Bewegwijzering moet aangebracht! Het publiek zoekt zich een ongeluk.’ Dit was nog maar aan het begin van de middag, toen het defilé net ging vertrekken. Toch was de weelderige tuin schitterend ingericht met langs kronkelige paden de plukjes re-enactments, een eet- en drinklaantje en natuurlijk de locaties waar ieder zijn eigen missie of onder- deel kon vinden. Maar de malle fees- telijke mix van voorgaande jaren op het terrein van De Dreijen bleef door deze labyrintische ‘erfafscheiding’ helaas uit.


Zo vader, zo zonen In het Arboretum staan ook de


jongens van het ROC, A12 Ede aan- getreden. In zwarte shirts met de letterprint: ‘veiligheid en vakman- schap’. Jonge koppies die een nieuw verworven, bijna aandoenlijke vast- beradenheid tonen. Discipline is nog niet bij iedereen manifest, zo rent een laatkomer naar zijn aangetreden groep en neemt met een rood hoofd zijn plaats is. En dan is het rechts- omkeert en het defilé in marcheren. Vrijwel achteraan in het defilé, vlak voor het detachement Koude Oor- logsveteranen, lopen de mannen van de Unie van Nederlandse Veteranen. Onder hen Gerrit Storteboom (64), die in 1997 als marechaussee naar Bosnië was uitgezonden. Naast hem zijn broer Albert (58), een Libanon- veteraan die achter de rolstoel loopt van zijn vader Wieb (92), een Indiëveteraan. “Dit is zo leuk”, roept Gerrit. “Een paar jaar geleden heb ik mijn vader overgehaald om ook aan het defilé deel te nemen.” Zijn broer Albert reageert meteen: “En vader heeft mij weer gevraagd. Ik heb niks met defilés, in het begin deed ik het


alleen voor hem. Maar ik vind het nu ook wel mooi.”


Toeschouwers Langs de kant aan het eind van de


route staat een Nieuw-Guineavete- raan die met zijn vrouw helemaal uit Geleen is gekomen. Zelf meelopen ziet hij niet zitten. “Ik heb dat pakje lang genoeg aan gehad. Het is wel leuk om naar te kijken, maar ach, ik vind zoveel leuk. Musicals, daar houd ik ook van. Maar Nieuw-Guinea was wel een mooie tijd. Wat we daar niet allemaal hebben uitgehaald. Tjonge. Met granaten gooien en zo. Maar mijn naam krijg je niet, ik ben daar gek.” Naast hem staan Robbert Jan de Bont (36) en Louise van de Brink (35), gewoon toeschouwers, maar wel enthousiast. Ze klappen voor de militairen die langskomen. “Dit is een mooie traditie die we in ere moeten houden”, benadrukt zij. “We wonen in de omgeving en komen hier al jaren.” Robbert Jan voegt eraan toe: “Dit heeft voor mij meer beteke- nis dan op zo’n festival met bier over- goten worden, en waar je elkaar niet kunt verstaan.”


Eindelijk praten Na afloop van het defilé wordt het in


het Arboretum langzamerhand iets drukker. Omdat alles zo verspreid ligt, merk je daar niet zoveel van. Voor sommigen een zegen. Maar een fijn wandelingetje leidt al snel tot eenzaam verdwalen; hoe kom ik weer terug bij de ingang? Bewegwijzering is er niet. Ja, bordjes met informatie over de tuin zelf: ‘Vliegen, kruipen, fladderen en huppelen’, vermeldt een bordje dat aandacht vraagt voor aller- hande diertjes. Maar hoe huppelen wij weer terug? Een stiekeme en iet- wat oneerbiedige associatie maakt al snel de analogie met het publiek en deelnemers van deze Bevrijdingsdag: zijn ze de dag huppelend, fladderend of toch bijna kruipend doorgekomen? Koreaveteraan Albert Kleijne (85) heeft het defilé in ieder geval ‘op vleugels’ beleefd. Hij vond het prach- tig. Samen met een paar maten is hij over het parcours gereden. “Einde-


lijk”, verzucht hij. Hij is weduwnaar en woont sinds enkele jaren in Bron- beek. In de tijd daarvoor mocht hij van zijn vrouw niet over Korea spre- ken. “Zij was antimilitaristisch. Ik moest thuis het uniform ook gelijk uittrekken. Ze wilde het niet zien en ik mocht er niet over spreken. Ook niet met mijn dochter. Toen mijn vrouw overleed, ben ik meteen lid geworden van de VOKS. Mijn zoon is Libanonveteraan, die heeft gelukkig respect voor me. Maar met zijn Liba- nontijd heeft hij niks meer. ‘Het heeft de belastingbetaler alleen maar geld gekost’, zegt hij.” De andere Korea- veteranen van zijn groepje beginnen zich nu te roeren. Dit is allemaal veel te serieus. Ze willen plezier maken. Want herdenken is mooi, maar daar mag na afloop best een lolletje en een biertje bij.


Indiëveteraan Wieb Storteboom met zijn zonen Gerrit (l) en Albert die ook veteraan zijn.


juni 2018 27


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65