search.noResults

search.searching

dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
ONDERNEMEN


onrust in verband met het innemen van latente ruimte. Uit onderzoek vorig jaar in Brabant en Limburg blijkt dat die latente ruimte al jaren 25 tot 30% is. Opvulling van die ruimte kan in theorie zorgen voor veel extra stikstofuitstoot, maar de praktijk leert dat die opvulling nauwelijks plaatsheeft.


De omvang van de latente ruimte is van belang bij het extern salderen en de daarbij beoogde afroming. Minister Schouten wil afromen bij bedrijfsontwikkeling, waarbij een of meer bedrijven worden samengevoegd, de beschikbare stikstofruimte afromen op basis van de stalruimte. Stalruimte is niet altijd hetzelfde als vergun- de ruimte. En, zoals uit het onderzoek blijkt, het aantal gehouden dieren is meestal niet hetzelfde als de vergun- de ruimte. Provincies hebben in beleidsregels aangekon- digd bij het afromen te kijken naar het aantal gehouden dieren. De provinciale protestacties van boeren waren onder andere daartegen gericht.


Onduidelijkheid blijft nog Check je


vergunning, is het advies voor


alle boeren


De brief van minister Schouten van vrijdag 1 november maakt volgens advocaat Paul Bod- den van Hekkelman Advocaten nog geen einde aan de grote onduidelijkheid over vergunnin- gen voor landbouwbedrijven. Volgens Henk Radstaak van FarmConsult, de adviesorganisatie van ForFarmers, is er op het gebied van vergunningen weinig veranderd: “Milieu- of bouwvergunning, alles ligt stil. De stapel met aanvragen wordt alleen maar groter.” Ook bij adviesbureau Van Westreenen komen heel veel vragen binnen over vergunningen, zegt milieuadvi- seur Sjaak van Schaik: “We merken dat er veel onzeker- heid is, ook door allerlei geruchten die de ronde doen.” Juist die geruchten zorgen ook voor veel onnodige bezorgdheid onder veehouders, constateert Robert Kamphuis van De Omgevingsadviseurs, een dochter- organisatie van Countus. Hij wijst de ondernemers op wat er wél kan, en vooral op wat zij zelf kunnen doen in verschillende situaties.


Ingewikkelde handel


‘Ammoniakrechten’ is iets heel anders dan dier- of fosfaatrechten. Wat in de volksmond ammoniak- recht heet, is in de eerste plaats geen uitstootrecht, maar depositieruimte. Het is de hoeveelheid ammoniak die volgens je vergunning mag neerko- men op concrete natuurgebieden. Eigenlijk zijn het dus geen rechten, maar als je het toch zo wilt noemen, is depositierecht de beste benaming. Dit recht is altijd de uitkomst van een rekensom waarin lokale omstandig- heden en technische factoren zijn meegenomen, zoals diersoort, stalty- pe en afstand tot de natuur. Hierdoor


8


is overdracht van ammoniakrechten van het ene naar het andere bedrijf (extern salderen) veel minder mak- kelijk dan bij dier- of fosfaatrechten. Wie depositierechten wil kopen, krijgt te maken met een herbereke- ning (nog afgezien van de afroming die de minister wil toepassen). Komen de gekochte rechten van een bedrijf dat verder afligt van natuurgebied, dan kan de koper op diezelfde uitstootruimte minder dieren houden dan de stopper. Bij een omgekeerde transactie, een zogeheten afwaartse verplaatsing, geldt uiteraard het omgekeerde.


Wat kun je wel doen?


Belangrijk is volgens hem om waar mogelijk zelf initia- tief te nemen, om als ondernemer ‘zelf aan de bal’ te blij- ven, en om je geen zorgen te maken over problemen die niet op je eigen bedrijf betrekking hebben. Dat laatste geldt voor de grootste groep: veehouders die ‘gewoon’ willen doorboeren. Die hoeven nu niet bang te zijn voor korting of afroming, aldus Kamphuis. Zijn belangrijkste advies voor alle boeren is: “Check je vergunning.”


Realisatietermijn


Een van de punten om op te letten in de vergunning is het fenomeen ‘realisatietermijn’. Bij nieuwe NBwet-ver- gunningen van na de invoering van het PAS moet je bin- nen twee jaar de stal realiseren. Bij oudere NBwet-ver- gunningen geldt dat niet. Bij omgevingsvergunningen geldt wel weer een realisatietermijn.


Als er geen realisatietermijn in de natuurvergunning zit, kun je gewoon doorboeren, aldus Kamphuis. Is die er wel, dan is het zaak te checken of je wel voldoet aan je vergunning.


Een ander aandachtspunt in de vergunning is de emissiefactor voor het vee. Die is in de loop der jaren verschillende keren aangepast. Met als gevolg mogelijk een andere uitkomst van de rekensom over ammoniak- emissie en -depositie.


Stoppers


Countus adviseert om boeren die van plan zijn te stop- pen met hun bedrijf, hun vergunning wel up-to-date te houden. Dat bevordert de verkoopbaarheid. Een ander


BOERDERIJ 105 — no. 7 (12 november 2019)


FOTO: ANP


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76  |  Page 77  |  Page 78  |  Page 79  |  Page 80  |  Page 81  |  Page 82  |  Page 83  |  Page 84