search.noResults

search.searching

dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
52


afgestompt als ik het


‘Ik was


langer had gedaan’


als zodanig was gebruikt. We zijn er na zeven weken uitgebombardeerd door de Serven. Het gebouw werd daarbij meer dan 160 keer direct geraakt.’ Van der Krans en zijn collega’s – ruim tachtig mensen – brachten drieënhalve dag door in een schuilkelder voor ze door de VN werden geëvacueerd naar Belgrado. ‘Maar die locatie bleek ook problematisch’, vertelt hij. ‘Je moest door Servisch gebied om er te komen en de Serven traineerden alle logistiek. Hopeloos.’ Uiteindelijk werd het VN- hoofdkwartier verplaatst naar het in Kroatië gelegen Zagreb. Hier bleef Van der Krans tot het eind van zijn uitzending.


Joegoslavië/


Afghanistan In het voorjaar van 1992 stuurde Nederland 1 (NL) VN- verbindingsbataljon naar voormalig Joegoslavië. Dit bataljon was onderdeel van UNPROFOR, de United Nations Protection Force, die als taak had verdere escalatie van de burgeroorlog te voorkomen en toe te zien op de naleving van de bestanden. Arie van der Krans was van april tot en met september 1992 arts van dit bataljon en stafarts voor de Verenigde Naties. Zowel in 2007 als in 2010 werkte Van der Krans drie maanden als traumachirurg in het Afghaanse Kandahar, in het kader van de International Security Assistance Force (ISAF). De ISAF- missie (2002-2014) stond onder commando van de NAVO en had als doel de Afghaanse autoriteiten te ondersteunen bij het bevorderen van de stabiliteit en veiligheid in het land.


Machteloos Van zijn tijd in Joegoslavië zijn een paar dingen hem in het bijzonder bijge- bleven. ‘In de schuilkelder in Sarajevo schreven veel mensen een afscheids- brief aan hun geliefden. Ook ik heb me in die drieënhalve dag meerdere keren afgevraagd of ik het zou overleven. Toen we eruit kwamen, was het ge- bouw waar ik werkte kapotgebombar- deerd. Van mijn kamer restten alleen wat brokstukken. Op het moment zelf registreer je zoiets, pas later vóelde ik waaraan ik ontsnapt was.’ Ook de machteloosheid die hij ervaren heeft gedurende de hele uitzending, zal hij niet licht vergeten. ‘Ik kon mijn func- tie als arts wel vervullen, maar we wa- ren er voor een vredesmissie en moch- ten geen militaire handelingen plegen. In Sarajevo zagen we dat onschuldige burgers gedood werden. Sluipschutters schoten kinderen dood die de straat overstaken. “Vandaag kind, morgen


soldaat”, hoorde ik iemand zeggen. Een mensenleven was er niks waard. Wij zagen het en konden niets doen. Soms dacht ik: het is zinloos dat ik hier zit.’


Lichte kanten In het Afghaanse Kandahar, waar Van der Krans in 2007 en 2010 als traumachirurg werkte [zie kader], behoorden vijandelijke granaten en bommen tot de dagelijkse realiteit. Maar persoonlijke veiligheid was er nauwelijks een issue. ‘De militaire basis Kandahar Airfi eld was ongeveer zo groot als vliegveld Zestienhoven, pakweg zestien vierkante kilometer. Er waren 30.000 militairen gelegerd. Daar zaten nauwelijks Nederlanders bij, het waren vooral Canadezen, Amerikanen en Australiërs. De projectielen kwamen van heel ver en de kans dat je erdoor geraakt werd, was nihil.’ Het zijn vooral de jonge soldaten die dagelijks de poort uitgingen en van wie er ook vrijwel elke dag een aantal met ernstige ver- wondingen terugkwamen, die zich in zijn geheugen hebben gegrift. ‘Jongens tussen de 18 en 24, mannen in de bloei van hun leven, die vol goede moed de poort uitreden en soms zwaar verminkt terugkwamen. Ik heb dat drie maanden volgehouden, maar denk dat ik was af- gestompt als ik het langer had gedaan.’ Dat hij geen last heeft gehad van posttraumatische stress is een kwestie van geluk, denkt hij. ‘Waarom krijgt de een PTSS en de ander niet? Van twee mensen kunnen de ogen hetzelfde zien, maar in hun hoofd gebeuren verschil- lende dingen.’ Wat hij wél zeker weet is dat het voor zijn welzijn altijd belangrijk geweest is voeling te houden met de lichte kanten van het leven. ‘Samen sporten, samen ontbijten, zorgen voor ontspanning, ook als de omstandighe- den zwaar zijn.’


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76