search.noResults

search.searching

dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
18 Valkuilen Cultuurverschil Veteranen missen vaak de


kameraadschap, het hebben van een gezamenlijk doel.


‘Nee hoor, we hebben geen boordschutter nodig’


Meerwaarde Over de meerwaarde van een veteraan op de civiele arbeidsmarkt zijn zowel Schoenmakers als Lapère positief, zo niet lyrisch. ‘Ik ben echt verliefd gewor- den op deze doelgroep’, zegt Lapère. ‘Ze zijn gedisciplineerd, tonen enorm veel inzet om op het juiste kennis- en vaardigheidsniveau te komen en kun- nen goed leiding geven én ontvangen. Bovendien zijn het vaak ontzettende mensenmensen. Het zit er vaak diep in dat het team zo sterk is als de zwakste schakel, dus dat je ook de collega’s die minder goed meekomen, moet helpen. Dat is een eigenschap die niet heel gebruikelijk is in het bedrijfsleven.’ Schoenmakers stelt dat Defensie het bedrijfsleven eigenlijk een gunst verleent. ‘Veteranen zijn door en door getest, geselecteerd en gevormd. Ze zijn in staat om heel snel twee of drie oplossingen voor een probleem te be- denken, de voor- en nadelen op een rij te zetten en vervolgens een beslissing te nemen. Ze zijn ook niet snel gestrest. Iemand die in Afghanistan heeft geze- ten als chauff eur, is beschoten, heeft zonder benzine gestaan of is misschien wel gekidnapt. Die raakt niet snel van de kook van een lekke band, maar gaat zelfstandig op zoek naar een oplossing.’


Cultuurshock Ook Lapère ziet die zelfstandigheid als iets bijzonders. ‘Voor een opdracht in Kenia ging er een team oud-militairen en een team “gewone burgers” op pad. Als er iets niet goed geregeld was, merkte ik dat de veteranen die proble- men eerst zelf gingen oplossen.


Het andere team belde al snel naar Nederland om hierover te klagen.’ Uit onderzoek van het Veteranen- instituut (zie kader) blijkt dat zeven op de tien veteranen positief zijn over de gevonden baan na dienstverlating. ‘Toch is er regelmatig sprake van een cultuurshock’, zegt Lapère. ‘Dat heeft vaak te maken met een verschil in men- taliteit. Ik hoor vaak van veteranen dat ze het missen om samen ergens voor te gaan en dat hun nieuwe collega’s maar weinig hart voor de zaak hebben. De “ja maar cultuur” snappen ze niet zo goed.’


Vooroordelen Schoenmakers voegt hieraan toe dat veteranen soms ook de structuur van hun eenheid missen. ‘In het bedrijfsle- ven is alles veel minder strak omlijnd. Die vrijheid en losheid vinden ze lastig. Ook lopen ze nog weleens tegen vooroordelen aan. Het beeld van een veteraan is toch al snel dat diegene psy- chisch gezien wel wat opgelopen moet hebben. Dat beeld hoop ik met mijn werk voor stichting Onbekende Helden recht te zetten. Veteranen hebben zich voor onze vrijheid ingezet, hebben on- gelofelijk veel kwaliteiten en als maat- schappij hebben wij de plicht om ervoor te zorgen dat ze na hun diensttijd goed terechtkomen.’


Eentonigheid Bij Defensie zijn veteranen


gewend om iedere drie jaar van functie te wisselen en naar het buitenland te gaan.


Onbekend maakt onbemind


Soms denken werkgevers dat veteranen ‘iets tijdens de missie hebben opgelopen’.


Moeilijk leesbare cv’s


Sommige veteranen gebruiken veel afkortingen. Cv’s moeten worden ‘vertaald’.


Te weinig aansluiting


Doordat sommige veteranen specifieke functies en/of


opleidingen hebben gehad, is er niet direct een geschikte baan te vinden.


Onderzoek In 2013 onderzocht het


Veteraneninstituut de ervaringen van veteranen op de civiele


arbeidsmarkt. Hier kwam onder meer het volgende uit naar voren:


4 op de 5 veteranen vinden


vrij makkelijk een baan na het verlaten van de dienst.


Ruim 7 op de 10 veteranen zijn positief over de gevonden baan.


60% geeft aan in hun baan profijt te hebben van de uitzendervaring.


50% mist de militaire cultuur in hun eerste baan na het verlaten van de dienst.


Circa 50% krijgt een positieve reactie en 5% een


negatieve reactie tijdens een sollicitatiegesprek als de uitzending ter sprake komt.


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76