search.noResults

search.searching

dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
over Yvjonne Angelique


KAN ALTIJD BIJ HAAR TERECHT


ZORGZAAM


RECHT DOOR ZEE


14


Angelique en Yvjonne hebben samen in voormalig Joegoslavië zoveel meegemaakt, dat ze vriendinnen voor het leven zijn geworden. Ze delen ook alles: een keer zelfs ‘het bad’ in de compoundkeuken.


Tekst Anne Salomons Fotografie Peter Bak


Yvjonne Borst (48)


BOSNIË (UNPROFOR) 1995


FUNCTIE Kok


‘We zijn vriendinnen voor het leven sinds Bosnië’


Yvjonne: ‘We waren als koks ingedeeld bij een infanterie-eenheid. Onze kapitein wilde ons het liefst omruilen voor mannen, maar we gingen toch mee en werden uiteindelijk geaccepteerd. We stonden prima ons mannetje. Ik heb Angelique, die eigenlijk chauffeur was, het koken geleerd. In Srebrenica is er niemand ziek geworden van ons eten. Toen de toevoer van eten en water steeds schaarser werd en ook mannen niet meer op verlof konden gaan, werd het nijpend op de compound. Op een gegeven moment werden we zelfs beschoten. Ik weet nog dat Angelique en ik stonden te douchen toen we een


enorme knal hoorden. We dachten dat de wasmachine het had begeven. Bleek dat er een handgranaat op de compound terecht was gekomen. Toen het water heel schaars werd, hebben Angelique en ik samen een bad genomen, in de keukenbak. Eerst verwarmden we er blikken eten erin, daarna gingen wij erin en vervolgens hebben we in hetzelfde water de theedoeken uitgewassen. Daar moeten nog ergens foto’s van zijn. Later kwamen er vrachtwagens met zieke Bosniërs bij de compound. Toen de vluchtelingen allemaal onze kant opkwamen, was het hek echt van de dam. Angelique kreeg een baby in


haar handen gedrukt. Ik heb gezegd dat ze het meteen aan de moeder moest teruggeven. Want wat kon ze doen? In Potočari was het met al die vluchtelingen een erbarmelijke toestand: er lagen vrouwen te bevallen, daarnaast lag iemand dood te gaan en weer een ander probeerde een einde aan zijn leven te maken. Ondertussen deelden wij eten uit: blikvoer aangelengd met water. We hebben daar een dag of tien gezeten. Angelique en ik bleven altijd bij elkaar in de buurt. Sindsdien zijn we vriendinnen voor het leven. We delen alles, zelfs dingen die we niet met onze partners bespreken.’


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76