FOTO: JAN WILLEM VAN VLIET
FOTO: DELPHY
COLUMN ▶▶▶ Klimaatverandering en insecten DOOR JACCO VAN DER WEKKEN, DELPHY I
eder jaar is bijzonder, maar het zomersei- zoen 2018 was wel heel uitzonderlijk. Ge- durende het groeiseizoen moesten veel extra inspanningen worden gepleegd om
het gewas te laten groeien. Er is veel gespro- ken over tekort aan water, hoeveel water er gegeven moest worden om de planten goed te laten groeien en over allerlei nieuwe irriga- tiemethoden. Daarnaast leerden we veel over hoe planten hun groei wijzigen als gevolg van hoge temperaturen. Ervaringen om mee te ne- men.
Met deze warme zomers spelen ook andere, nieuwe zaken die te weinig aandacht kregen, denk bijvoorbeeld aan de ontwikkeling van in- sectenpopulaties en de nieuwe soorten die verschenen. Een thema wat ondergesneeuwd raakte in alle aandacht voor de droogte. Door warme en lange zomerse dagen waren er veel meer insecten. Iedereen zal de afgelopen
zomer wel gezien hebben, de kleurige libellen en de mooie zeldzame vlinders. Maar ook in de gewassen werd er aanzienlijk meer hinder on- dervonden van insecten. Hogere druk en nieu- we soorten verschenen. Insecten vormen een van de bedreigingen voor de teelt van de toekomst. Het is dan ook noodzakelijk dat er meer kennis van de cyclus van insecten komt, immers meer kennis over insecten zal ook betere methoden geven om ze specifiek te bestrijden. Het wegvallen van diverse insectenmiddelen is wel bijzonder wrang te noemen. Door het wegvallen van diverse zaadcoatingsmiddelen tegen insecten moet er nu naar veel algeme- nere middelen worden gegrepen, met als re- sultaat een hoger gebruik van actief stof en minder mogelijkheden om insecten specifiek te bestrijden. Van beide kanten een bedreiging. Meer kennis van zaken over insecten is nodig, niet alleen bij de adviseurs en telers, maar zeker ook bij be-
leidsambtenaren die gaan over het toelatings- beleid. Iemand met kennis had dat soort be- sluiten niet genomen, zeker niet na deze zomer.
‘Voor de allerlaatste keer Plutus, jammer’
SPRUITKOOL Begin vorige week viel in het zuidwesten 20 tot 30 millimeter neerslag, in het noorden bleef de hoeveelheid beperkt tot 6 à 7 millimeter. “Vori- ge week waren we nog volop aan het berege- nen, en komt er geen neerslag meer bij, dan gaan we volgende week weer verder”, vertelt Johan Doff in het Groningse Uithuizen. Teelttechnisch gezien is het wat Doff betreft een goed seizoen. “We plukken meer dan vorig jaar, met een goede kwaliteit. We zijn tijdig be- gonnen met beregenen, dat is belangrijk ge- weest. Een voorbeeld: we hebben een perceel verhuurd voor peen, die wordt vandaag (31 ok- tober) gerooid. De teler begon in september pas met beregenen. Peen die afrijpt, gaat aan de onderkant afronden, maar deze peen is nog gewoon puntig. Door laat te beginnen met be- regenen, hebben ze groei laten liggen. Ik zie dat ook in de spruiten. Strookjes naast pootaardap- pelen konden we niet beregenen, dat scheelt op die plekken zomaar 10 ton per hectare.”
Johan Doff
Beregenen en wind, dat is een vervelende combinatie. “We hebben geprobeerd om zo zorgvuldig mogelijk te werken: door vooraf- gaand het beregenen eerst te kijken naar de windvooruitzichten. Je kunt de sproeimond aan de windkant wat vlakker zetten, en iets langer tegen de wind in laten spuiten dan met de wind mee. Zo kun je best wel wat be- reiken. En waaide het met kracht 4 of meer, dan wachtten we tot de wind ging liggen. Op zulke momenten is het een voordeel als je
wat ruimer in je beregeningscapaciteit zit.” Het eerst te oogsten ras was Divino, gevolgd door Franklin, vroege Abacus en Marthe,. We plukken nu in late Abacus, volgende week is de aller-allerlaatste Plutus aan de beurt. Een echt goed alternatief is er niet. Een ras als Hey Melis is mooi – we hebben er een aardige op- pervlakte van staan – maar is me te kaal. De bladstelen zijn aan de lange kant, dat merk je na het toppen.” Over welke rassen wel toppen, en welke niet, hoeft nooit lang nagedacht te worden. “We toppen alles, tot en met Albarus: hoe eerder de groei stopt, hoe beter. Dit jaar waren we op 13, 14 oktober klaar, met de inzet van school- jeugd.”
Na Hey Melis en Plutus volgen rassen als Gi- gantus, Neptuno – ‘ook erg mooi’ – een beetje Martinus en nog 20 hectare Belarus plus Albar- us. De rassen vanaf Hey Melis werden eind ok- tober bijbemest met 150 tot 200 kilo KAS per hectare.
▶GROENTEN & FRUIT | 9 november 2018 19
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56