983 | WEEK 08-09 23 FEBRUARI 2022
Opgroeien in een familiebedrijf, wat betekent dat voor jouw carrière?
ROTTERDAM Wie opgroeit binnen een fami- liebedrijf komt op een bepaald moment voor de keuze te staan: word je de zoveelste gene- ratie die het bedrijf gaat voortzetten of kies je een totaal ander pad? Voor sommigen een moeilijke keuze, voor anderen is het al van jongs af aan duidelijk.
SANNE VERHOEFF
Jacco de Waal (vierde generatie, machinefa- briek De Waal), Janneke van de Graaf (tweede generatie, baggerbedrijf De Boer) en Marco Hoogendoorn (tweede generatie Holland Shipyards Group) vertellen over hun keuze.
Jacco de Waal
uit de regio samenbrengt met lokale bedrij- ven. Veel jongeren gaan, als ze van school afkomen, buiten de regio aan het werk. Ze weten namelijk niet goed wat het aanbod binnen de regio is, dat is zonde. Met dit plat- form proberen we jongeren binnen de regio te houden.”
Waarom werken bij het familiebedrijf? “Techniek en interessante innovaties, dat vind ik super mooi. Ook mijn opa is altijd betrok- ken bij die innovatiekracht van het bedrijf en ik vind het heel leuk om daar met hem over te praten. Dat najagen van innovaties vind ik boeiend, daar wil ik heel graag een bijdrage aan leveren.”
Onderdeel zijn van een familiebedrijf heeſt voordelen, heeſt het ook nadelen? “Het is in deze sector voor mij wat moeilij- ker om aan een baan te komen. Directeuren en eigenaren bij wie ik op sollicitatiege- sprek kom, kennen mij en denken ‘uiteinde- lijk gaat hij toch naar de Waal’. Toch is het gelukt om al drie keer een hele mooie sta- ge te krijgen: bij Asto Shipyard en Koedood Marine Group en nu bij Holland Shipyards. Een stage bij De Waal mocht niet, vanwege belangenverstrengeling.”
Weet je al wat jouw rol wordt binnen het familiebedrijf? “Daar ben ik wel over aan het nadenken, hele- maal duidelijk is dit op het moment nog niet.”
Jacco de Waal (21) zit in het laatste jaar van de opleiding werktuigbouwkunde aan de hogeschool in Breda. Hij loopt momen- teel stage bij Holland Shipyards Group in Hardinxveld-Giessendam. Tijdens vakanties heeſt hij al geregeld werkzaamheden ver- richt in de Werkendamse machinefabriek, waarvan zijn vader Marco de Waal (derde ge- neratie) eigenaar is. Dat Jacco uiteindelijk ook het bedrijf in gaat, staat voor hem als een paal boven water.
Welke rol speelde het familiebedrijf in jouw jon- ge leven? “Ik ben geboren aan de haven en heb er acht jaar lang gewoond. Ons huis stond di- rect naast de loods. De kranen, de fabriek, de Biesboschhaven: dat was mijn speelplaats. Ik fietste op mijn driewielertje tussen de draai- banken door. Pas toen ik naar een woonwijk verhuisde, merkte ik hoe bijzonder die omge- ving eigenlijk was.”
Heb je altijd al in het familiebedrijf willen werken?
“Ik heb nooit iets anders geambieerd. Ik dacht eerst ‘ik word monteur’. Later wilde ik toch werktuigbouwkunde gaan studeren. Inmiddels zit ik in mijn laatste jaar van de ho- geschool Breda. Ik heb mij nooit gepusht ge- voeld vanuit huis. Natuurlijk hadden wij het er wel vaak over aan de keukentafel. Mijn ou- ders vinden het belangrijk dat ik doe wat ik zelf leuk vind. Voor mij is het echter vanzelf- sprekend bij De Waal aan de slag te gaan. Mijn interesse ligt bij het bedrijf. Ik heb het er veel over met mijn vader en mijn opa. Mijn zusje heeſt dit bijvoorbeeld minder, zij zit in het tim- merwerk en houdt zich bezig met hout- en interieurbouw.”
Hoe ziet jouw carrièrepad eruit? “In juni van dit jaar mag ik mezelf ingenieur noemen. De komende periode ga ik uitdok- teren wat ik daarna ga doen. Misschien wil ik nog Maritieme Techniek aan de TU Delſt gaan volgen, of Commerciële Economie om mij meer te verdiepen in de financiële kant. Ook dat ligt mij wel. Gaan werken bij een ander bedrijf is ook nog een optie. Ik wil eerst goed rondkijken wat er nog meer te doen is. Het uit- eindelijke doel is wel om het familiebedrijf in te gaan. Ik ben daarnaast ook bezig mijn net- werk uit te bouwen. Ik ben Burgerraadslid bin- nen de VVD Altena en samen met twee vrien- den heb ik een eigen bedrijf opgericht: Altena Werkt. Dit is een platform dat werkzoekenden
Janneke van de Graaf (21) is de dochter van Kees van de Graaf. Hij is samen met haar oom Hugo de Graaf directeur van Baggerbedrijf De Boer – Dutch Dredging: een middelgroot baggerbedrijf uit Sliedrecht. Janneke zit in het laatste jaar van de opleiding Liberal Arts en Sciences aan de Universiteit van Utrecht. Ze weet nog niet of ze later het bedrijf van haar vader wil opvolgen.
Liberal Arts en Sciences, wat is dat precies voor een opleiding? “Centraal bij deze opleiding staat een inter- disciplinaire denkwijze. Je leert maatschap- pelijke problemen kritisch te bekijken vanuit verschillende perspectieven of wetenschaps- gebieden. Omdat dit vrij breed is, kies je zelf ook een perspectief, ofwel hoofdrichting. Mijn hoofdrichting is cognitieve en neurobiologi- sche psychologie. Het gaat vooral over de re- latie tussen gedrag en hersenen. Misschien wil ik nog een master toegepaste cognitieve psy- chologie gaan doen. Wie weet kan deze kennis uiteindelijk ook toepassen op het bedrijfsle- ven, bijvoorbeeld als het gaat om de verhou- dingen binnen families.”
Kun je iets meer over Baggerbedrijf De Boer – Dutch Dredging vertellen? “Wij zorgen ervoor dat de havens diep ge- noeg blijven, binnen Europa en de rest van de wereld. Van Nederland tot Nieuw-Zeeland en van Kazachstan tot Brazilië en Egypte. De
Janneke van de Graaf
werkzaamheden bestaan voornamelijk uit on- derhoudsbaggerwerk. Mijn opa heeſt het be- drijf overgenomen van familie De Boer, later is mijn vader er ook gaan werken. Nu is hij sa- men met Hugo van de Graaf directeur.”
Hoe keek je als kind tegen het bedrijf aan? “Het bedrijf was het leven van mijn opa, er werd thuis veel over gesproken. Mijn vader had het altijd druk en was veel op reis. In de vakanties ging ik weleens mee naar het werk en dan zag ik de schepen liggen. Toen ik vijf- tien/zestien jaar oud was, heb ik er ook wel gewerkt in vakanties. Dan deed ik vooral ad- ministratief werk, facturen opbergen en der- gelijke. Ik vond het leuk om te doen want door bij het bedrijf te werken, kon ik opeens ge- zichten en namen aan elkaar koppelen van de mensen waar mijn vader mee samenwerkte.”
Werd er veel over opvolging gesproken? “Ik heb een goede band met mijn ouders en we hebben het er zeker over gehad. Mijn vader heeſt zelf nooit de druk van zijn vader gevoeld om het bedrijf over te nemen. Een eventuele opvolging is mij ook nooit opgelegd. ‘Doe wat je leuk vindt en waar je goed in bent’, is er al- tijd gezegd. Ik voel mij dus ook niet verplicht het bedrijf over te nemen en dat is fijn. Ik zou het wel jammer vinden als het bedrijf uit de fa- milie gaat, in die zin is het dus best een moei- lijke keuze. Ik weet nu ook nog niet of ik goed genoeg ben om het bedrijf over te nemen. Al heeſt mijn vader altijd gezegd dat ik niet per- se technische kennis te hebben om het bedrijf over te nemen. Ik kan natuurlijk ook kiezen voor een rol op de achtergrond.”
Leeſt de vraag nu bij je? “Ik probeer het voor nu naast me neer te leg- gen en mij te richten op mijn studie. Toch ben ik er wel mee bezig. Moet ik er iets mee, of niet? In zekere zin zit je er toch een beetje aan vast. Net als Jacco de Waal ben ik aangesloten bij FBNed, een netwerk van familiebedrijven. Daar bespreken we dergelijke kwesties ook. Hoe voelt het voor jou? Hoe denk jij erover? De een weet 100 procent dat hij of zij het be- drijf van zijn familie wil overnemen, de ander weet niet eens wat er allemaal speelt binnen het bedrijf. Het is fijn om hier met elkaar over te praten.”
Hoe ziet jouw carrièrepad eruit? “Ik wil sowieso eerst mijn studie afronden, ik denk nu na over mijn master. Daarna wil ik in ieder geval nog bij een ander bedrijf gaan wer- ken. Pas dan ga ik nadenken over de volgende stap en wat ik wil met het familiebedrijf.”
Marco Hoogendoorn
Marco had niet altijd de ambitie het bedrijf in te gaan. “Ik was geen gedoodverfde opvolger, mijn broer Leendert wel”, zegt hij hier zelf over. Toch kwam hij na een studie buitenlandse han- del en een periode werken in het buitenland bij het familiebedrijf terecht. Zijn kennis groeide mee met de groei van het bedrijf.
Was je als kleine jongen al betrokken bij het familiebedrijf? “We zijn allemaal opgegroeid op de werf. Vanaf het moment dat we konden lopen, waren mijn broers en ik te vinden op de werf en op kan- toor. Dat was heel leuk. Vroeger kan dat ook nog, tegenwoordig kan niet iedereen zomaar de werf oplopen. Toen ik wat ouder was, kluste ik soms op zaterdag bij. Voor mij bestonden die werkzaamheden vooral uit opruimen en vegen. Ik ben gewoon niet zo handig. Leendert wel, hij ging vaker met de werklui mee.”
Hoe zag jouw carrièrepad eruit? “Ik was, zoals gezegd, geen gedoodverfde op- volger. Ik wilde eerst buitenlandse handel stu- deren en dat heb ik gedaan. Na driekwart jaar werken in het buitenland kwam ik terug en tij- dens mijn afstuderen werkte ik een paar uur per week bij de zaak. Ik werkte op de admi- nistratieve afdeling, dat vond ik maar saai. Op een gegeven moment ging ik een keer mee naar een verkoopvergadering. Voor het eerst dacht ik ‘hé, dat is leuk’. Zo ben ik begonnen met marketing. Ik moest alles nog leren. Het is heel technisch wat je doet. Je praat met tech- neuten en je moet wel weten waar je het over hebt. Sinds de tijd dat ik bij het bedrijf kwam, in 2008, is Holland Shipyards Group enorm gegroeid. De tweede werf in Hardinxveld- Giessendam was net geopend. In 2011 is Holland Accommodation Rentals opgericht, we ontplooiden nieuwe takken en productgroe- pen, we kwamen op het spoor van elektrisch varen, we bouwen en ontwerpen sleepboten en in 2019 openden we een nieuwe werf in Vlissingen. Met de enorme groei van het bedrijf, groeide ook mijn kennis.”
En zo kwam jij erachter welke werkzaamheden jij interessant vond binnen het familiebedrijf? “Ja, ik vond vooral de acquisitie leuk. Daar ben ik eigenlijk ingerold. Aan het begin reed ik rond en praatte ik veel met mensen. Ook toen ik nog niet zoveel wist van het bedrijf. Mensen ken- den Holland Shipyards, dat gaf klanten ver- trouwen. Al vrij snel verhuisde ik naar de werf in Hardinxveld-Giessendam. Daar begon ik met de accommodaties, dat is niet zo complex als een compleet schip. Het eerste project waar ik nauw bij betrokken was, was de levering van accommodatieschepen voor Wagenborg. Dit bedrijf had op dat moment activiteiten in de Kaspische Zee en wij leverden de schepen voor Kazachstan. Door de enorme groei van het be- drijf, heb ik uiteindelijk de werkzaamheden ge- vonden die ik leuk vond.”
Heb je vanuit de familie druk gevoeld om het be- drijf op te volgen? “Nee, we hebben relatief jonge ouders en er was hierdoor ook geen urgentie. Mijn ouders hebben nooit druk uitgevoerd, ik heb nog twee broers en die zijn een hele andere kant opge- gaan. Ook dat was geen probleem.”
Samenwerken met je familie, is dat weleens moeilijk? “Het gaat vlekkeloos, we hebben zelden on- enigheid. We zijn er natuurlijk ook in opge- groeid: de werf was altijd onderdeel van het gesprek. Daarbij: Leendert is een fantastische gozer, we schelen een jaar. We zijn allemaal zuinig op onze familie, dat is het belangrijkste wat je hebt.”
Marco en Leendert Hoogendoorn.
Marco Hoogendoorn (33) vormt samen met zijn broer Leendert de directie van Holland Shipyards Group. Ze zijn de tweede gene- ratie binnen het familiebedrijf. Vader Cor Hoogendoorn begon in 1981 met Instalho Scheepsbouw.
Is er al een derde generatie? “Er is een derde generatie; mijn oudere broers hebben kinderen, maar die zitten allemaal nog op school. Of zij ook in het bedrijf gaan werken, dat is nog niet aan de orde. Het bedrijf is aan het veranderen, het is een stuk complexer ge- worden. Er is genoeg plek binnen het bedrijf, het duurt waarschijnlijk langer voordat iemand de juiste plek heeſt gevonden.”
59
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64