This page contains a Flash digital edition of a book.
mensenwerk


11


Ze hadden als tandartsenechtpaar een praktijk in Zwolle, maar na 25 jaar hield hij het vak tandarts voor gezien en werd rij-instructeur. Zij hield wel vol en mist na haar pensionering haar beroep nog elke dag


TEKST: LAURA JANSEN; FOTO'S JAN DE GROOT, AMSTERDAM


rij-instructeur ROLAND KNEGTERING (65)


“Ik bewonder haar geduld”


"T


ijdens onze studie in Utrecht leerden wij elkaar ken- nen. Margot was een jaar later gestart dan ik. Toen


we nog geen relatie hadden, verkocht ik mijn dictaten aan haar. In 1974 studeerde ik af en na mijn dienstijd in Duitsland begon ik een eigen praktijk. Ik kom oorspron- kelijk uit Amersfoort en Margot uit Friesland, dus ko- zen we een stad die ertussenin lag: Zwolle. Ik bewonder Margots geduld in haar werk, met name met kinderen. Ik had zelf soms moeite om die te motiveren en kon niet het geduld opbrengen om hen de mond te laten openen. Margot kreeg ze wel zover en zorgde er ook nog voor dat ze gingen poetsen. Na vijfentwintig jaar zete ik een punt achter mijn carrière als tandarts. Ik vond het werk niet meer zo leuk als in het begin en zag er tegenop als er pa- tiënten kwamen met wie ik niet zo’n klik had. Ik wilde iets totaal anders en liet me omscholen tot rij-instruc- teur. Ik bleef echter actief in de tandheelkunde: twee dagen per week gaf ik les op het ROC in Apel- doorn, bij de opleiding tandartsassistent en ik gaf bij en nascho- ling aan assistenten. Sinds deze maand werk ik bij het ROC Twente en geef nog anderhalve dag per week rijlessen. Ik moet er niet aan den- ken om de hele week op de bank te ziten.”


NEDERLANDS TANDARTSENBLAD > 25 september 2015 Docent en


Tandarts MARGOT KNEGTERING (65)


“Ik mis mijn werk elke dag”


"I


k kom uit een tandartsenfamilie: mijn oma en vader waren tandarts, mijn moeder assistent en mijn broer is orthodontist. Ik had agenesie waardoor mijn inte- resse voor tandheelkunde werd gewekt. Mijn familie vond dat geweldig, al meende mijn vader dat het een zware studie voor een meisje was. In totaal kwamen we met zeventien dochters van tandartsen in het eer- ste jaar terecht... In café de Bedstee, van de faculteits- vereniging, leerde ik Roland kennen. We trouwden na onze studie en verhuisden naar Zwolle. Ik heb het altijd leuk gevonden om met kinderen te werken; hij stuurde dan ook geregeld patiëntjes door. Andersom verwees ik soms patiënten voor een extractie. Niet mijn favoriete klus en Roland is een stuk sterker. Bij hem duurden behandelin- gen altijd langer omdat hij veel praat. Hij heeſt ontzet- tend veel kennis en is altijd aan het studeren. Ook is hij praktisch ingesteld en netjes. We hebben nooit onenig- heid en zijn dan ook al veertig jaar getrouwd. Ik mis mijn werk en kijk wel eens of ik nog iets in de tandheelkunde kan doen. Ik ga nog naar


vergaderingen


en congressen van de NVvK en draag mijn liefde voor het vak uit door tandenborstels


en


tandpasta uit te delen. Als ik kon, zou ik zo weer als tandarts beginnen.”


NEDERLANDS TANDARTSENBLAD > 25 september 2015


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52