This page contains a Flash digital edition of a book.
Wie is Zef Hemel? Zef Hemel (1957) is bijzonder hoogleraar Grootstedelijke Vraagstukken aan de Universiteit van Amsterdam. Hij studeerde sociale geografie aan de Rijksuniversiteit Groningen en promoveerde in 1994 in de letteren aan de UvA met een onderzoek naar de planning, inrichting en vormgeving van de IJsselmeerpolders. Na zijn promotie werkte hij bij de Raad van Advies voor de Ruimtelijke Ordening in Den Haag en bij het ministerie van VROM aan de Vijfde Nota Ruimtelijke Ordening. In 2001 werd Hemel directeur van de Academie van Bouwkunst Rotterdam en drie jaar later adjunct-directeur van de Dienst Ruimtelijke Ordening van de gemeente Amsterdam. Hemel maakt deel uit van diverse besturen, onder meer van de stichting Architecturalia, de EFL-stichting en de stichting Forum voor Stedelijke Vernieuwing. In 2009 was hij curator van Vrijstaat Amsterdam, onderdeel van de Internationale Architectuur Biënnale Rotterdam. Hemel verbindt in zijn werk internationale sociaal-economische en culturele vraagstukken aan de actuele en toekomstige ontwikkelopgave van de Nederlandse grote steden. Sinds 2007 schrijft hij bijna dagelijks beschou- wingen over steden en planning op zijn weblog ‘Vrijstaat Amsterdam’. Hij is initiatiefnemer van Volksvlijt, een project waarin de ontwikkeling van Amsterdam in de komende decennia centraal staat.


En we moeten af van de nadruk op de auto?


zijn. Met prettige, ferme woongebouwen op de juiste plekken, kan je al een enor- me hoeveelheid woningen bouwen in Amsterdam, Amstelveen en Diemen. En zonder dat je ‘een nieuwe Bijlmer’ krijgt waar velen bang voor zijn.”


U noemt bijvoorbeeld Almere niet?


“Het gaat om agglomeraties, om ste- delijke gebieden die aan elkaar vast- zitten. Almere en Purmerend zijn ook met snelle verbindingen niet bij Am- sterdam te betrekken. Er zit niemands- land tussen en de cultuur en diversiteit van de grote stad ontbreekt. Maar als we de gaten tussen kernen dichten dan biedt dat mogelijkheden voor de stad. Veel agrarisch land is vervuild land dat we schoon moeten maken en toe kun- nen voegen aan de metropool. Parken die niet al te groot zijn werken in een stad vaak ook beter dan grote stukken groen.”


8 Nr.4 - 2016 OTAR


Veel metropolen in de wereld kampen met enorme verkeersinfarcten. Hoe voorkomen we die in die eerste Nederlandse metropool? “Steden die problemen met bereikbaar- heid hebben, nemen maatregelen als re- keningrijden. Dat kunnen we voor zijn door Park and Ride plekken beter te ge- bruiken en volledig in te zetten op open- baar vervoer. In de afgelopen jaren is de automobiliteit sterk gestimuleerd en is het OV achterop geraakt. Het is echt noodzaak om aan het OV prioriteit te geven. Dat betekent onder andere het doortrekken van de Noord/Zuidlijn naar Schiphol en het uitbreiden van het me- tronetwerk. Dat de fiets zo populair is in Amsterdam heeft alles te maken met openbaar vervoer dat niet frequent ge- noeg rijdt en niet betrouwbaar genoeg is. Overigens verwacht ik dat de fi ets wel belangrijk zal blijven, maar juist in com- binatie met openbaar vervoer. Alleen is er een probleem: voor een uitgebreider vervoersnetwerk zullen de rekenmees- ters zeggen dat daarvoor eerst meer mensen in de stad moeten wonen om- dat het anders niet rendabel is. In zo’n impasse kan een stad lang blijven han- gen. Dat moeten we dus doorbreken.”


“Ja, de auto staat voor het suburbane karakter van Nederland zoals dat de- cennia door het Rijk is gepromoot. Ne- derland is de meest gesuburbaniseerde stad die je kunt bedenken. Dat betekent enorme hoeveelheden asfalt en schei- ding van wonen en werken waartussen mensen steeds maar weer moeten rei- zen. Dat is niet duurzaam. In de stad neemt het autobezit al af en uiteinde- lijk zou ook de ruimte voor de auto in de stad fors kleiner moeten worden om steden duurzaam, schoon en bereikbaar te houden.”


Wat zou dat voor een stad als Amsterdam kunnen betekenen? “Als we echt inzetten op openbaar ver- voer, dan kan de stad veel compacter en zo goed als zonder auto. Vooral de Ring A10-Zuid, waar nu een uitgekle- de versie van het Zuidas-dok komt, zou dan afgebroken kunnen worden en ver- vangen door een groot openbaar ver- voerknooppunt en nieuwe woningen, bedrijven en stedelijke voorzieningen. Daar zouden we echt de stad aan el- kaar kunnen maken en iets toevoegen aan Amsterdam. Nu verhindert het auto- verkeer het doorgroeien van de stad. Ik denk dat als het ‘dok’ zoals dat nu ge-


Foto: UvA, Jeroen Oerlemans


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48