FOTO: FRANK UIJLENBROEK
VARKENSHOUDERIJ
Zo werkt de techniek
De erfelijke informatie van elk organisme ligt opgeslagen op de chromosomen. Een varken heeft 19 paar chromosomen, in totaal dus 38 stuks. Van elk paar komt één chromosoom van de vader en één van de moeder. Chromosomen binnen een paar zijn vergelijkbaar, behalve de chromosomen X en Y, die het geslacht bepalen. Zaadcel- len en eicellen hebben van elk paar slechts één chromosoom. Zaadcellen zijn dus drager van het X- of het Y-chromosoom; eicellen zijn allemaal drager van het X-chromosoom. Het seksen van sperma gebeurt door de chromosomen met een fluoresce-
rende kleurstof te kleuren. Door het grotere X-chromosoom straalt het vrouwelijk sperma lichter dan het mannelijk sperma, dat het kleinere Y-chromosoom bevat. Detectoren meten de hoeveelheid fluorescentie en geven een positieve of negatieve lading aan de spermacel. Daarna worden de cellen gescheiden in drie stromen: positief geladen cellen, negatief geladen cellen en niet-gela- den cellen waarvan het geslacht niet kon worden vastgesteld. Daardoor blijft uiteindelijk ongeveer een dere van de oorspronkelijke hoeveelheid sperma beschikbaar om mee te insemineren.
X Laser fluoriserend kleuren Y X lading positief of negatief + Y – + – ? +
mannelijk sperma
?
dood sperma
vrouwelijk sperma
– magnetisch veld
ken, tegenover bij rundvee ‘slechts’ miljoenen sperma- cellen (zie kader Zo werkt de techniek). “Voor een goede bevruchting is zeker een half miljard zaadcellen nodig.” Aangezien de scheidingscapaciteit van machines relatief laag is en een deel van de cellen wordt beschadigd, is de uitdaging om voldoende gesekst sperma te produceren. Aan gangbare hoeveelheden sperma per dosis hangt daarom een (fors) prijskaartje, als het al mogelijk is om voldoende te produceren.
Dieper insemineren Vanwege de capaciteitsproblemen is in het verleden ook gekeken naar gebruik van lagere doseringen per insemi- natie. Dat gaat echter ten koste van het aantal geboren biggen. Daarom is in verschillende onderzoeken verder gekeken naar het dieper insemineren door middel van een ‘verlengde inseminatiepipet’ (katheter) waardoor in theorie minder spermacellen nodig zijn. Het is echter een omslachtige methode en de resultaten kunnen nog steeds niet tippen aan gangbare inseminatie. Wat ook meespeelt is dat de levensduur van gesekst sperma korter is.
Internationaal onderzoek richt zich onder andere op optimaliseren van het scheidingsproces, maar ook op het verbeteren van gesekst sperma. Een gedachte is dat door spermacellen te ‘verpakken’, ze actiever blijven in de baarmoeder.
24 BOERDERIJ 104 — no. 15 (8 januari 2019)
X
X
Y
Y
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76